fbpx


Buitenland
Lega
P

Italië: renaissance van de bipolaire politiek




Op zondag 27 januari vonden er  in enkele Italiaanse regio’s lokale verkiezingen plaats. Het was vooral uitkijken naar de uitslag in Emilia Romagna, een traditioneel links bastion.  Na twee afscheuringen, een door Matteo Renzi met Italia Viva en een door Carlo Calenda met Azione, zat de schrik er bij de Partito Democratico (PD) goed in. De overwinning van de centrumlinkse kandidaat Stefano Bonaccini (51,4%)  was dan ook een opsteker  na de nederlaag in de parlementsverkiezingen van 2018 en het teleurstellende…

Premium Artikel

Dit artikel is een premium-artikel dat alleen leesbaar is voor Doorbraak-lezers die ingelogd zijn op doorbraak.be. Registreren is gratis en geeft toegang tot alle premium artikels. Het is mogelijk dat u al de nieuwsbrief ontvangt of dat u al een steuner bent bij Doorbraak, maar dat u nog geen inlogaccount (met wachtwoord) heeft aangemaakt. Als u via sociale media inlogt of hieronder een nieuwe account aanmaakt, dan wordt die account automatisch aangemaakt en aan uw nieuwsbrief gekoppeld.

Al geregistreerd bij Doorbraak of bij een sociaal netwerk? Log dan hieronder in op Doorbraak.be







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Op zondag 27 januari vonden er  in enkele Italiaanse regio’s lokale verkiezingen plaats. Het was vooral uitkijken naar de uitslag in Emilia Romagna, een traditioneel links bastion.  Na twee afscheuringen, een door Matteo Renzi met Italia Viva en een door Carlo Calenda met Azione, zat de schrik er bij de Partito Democratico (PD) goed in. De overwinning van de centrumlinkse kandidaat Stefano Bonaccini (51,4%)  was dan ook een opsteker  na de nederlaag in de parlementsverkiezingen van 2018 en het teleurstellende resultaat bij de Europese verkiezingen van 2019.

Geen linkse euforie

Matteo Salvini (Lega) blaakte tijdens de campagne van zelfvertrouwen door de winst in de tussentijdse regionale verkiezingen, waaronder de traditioneel linkse regio Umbrië in oktober 2019. Hij maakte van de verkiezingen in Emilia Romagna al snel een referendum over de nationale regering. Hij kwam echter van een kale reis terug thuis. Met de hulp van de recent onstane centrumlinkse burgerbeweging le Sardine (vertaling: de sardientjes), maar vooral door de massale opkomst van het tot dan toe gedemotiveerde centrumlinkse electoraat, won uiteindelijk Stefano Bonaccini het pleit met maar liefst 8 procent voorsprong op de centrumrechtse kandidate Lucia Borgonzoni (Lega).

Toch kan PD-voorzitter Nicola Zingaretti best niet te euforisch worden. De partij scoorde met 34,7 procent slechts iets beter dan bij de Europese verkiezingen (31,2%). In Calabrië verloor de centrumlinkse kandidaat Filippo Callipo kansloos de verkiezingsstrijd, en scoorde de PD zelfs minder dan bij de Europese stembusgang (18,3%). De electorale neergang van de partij is dan wel gestopt, toch is er nog niet echt sprake van een renaissance. Post-electoraal onderzoek wees wel duidelijk aan dat de centrumlinkse overwinning in Emilia Romagna er gekomen was dankzij voormalige kiezers van de Vijfsterrenbeweging. De afkeer voor de soms vulgaire en onbeschaafde retoriek van Matteo Salvini was blijkbaar groter dan die voor het linkse establishment.

Dramatisch resultaat M5S

De grootste verliezer van zondag is echter de Vijfsterrenbeweging (M5s). Het aftreden van Luigi Di Maio als politiek leider kon de indrukwekkende ineenstorting van de eens zo succesvolle Grillini niet stoppen. Terwijl twee jaar geleden Italië nog tripolair was tussen links, rechts en M5s, bleek daar gisteren niets meer van te merken. De bipolaire politiek is weer helemaal terug, en ironisch genoeg na verkiezingen in de regio waar de strijd tegen het linkse en rechtse establishment ooit begon. In Bologna vond in 2007 de eerste Vaffa-Day plaats, en in Parma veroverde de beweging in 2012 de eerste burgemeestersjerp. Bij de nationale verkiezingen in 2018 behaalde de M5s er nog 27,5 procent; bij de Europese verkiezingen in 2019 halveerde het aantal stemmen tot 12,9 procent; gisteren bleef daar maar zo’n 3,48 procent meer van over.

De Vijfsterrenbeweging heeftdan wel lokaal altijd veel slechter gescoord dan nationaal, maar toch zijn de uitslagen dramatisch te noemen. Ook de uitslag in Calabrië was verontrustend, en dat terwijl in Zuid-Italië de beweging steevast de hoogste scores behaalde. Bij de nationale verkiezingen in 2018 behaalde M5s er nog 43,4%, maar reeds een jaar later bij de Europese stembusgang daalde dit tot 26,7%. Zondag bleef de Vijfsterrenkandidaat Francesco Aiello op 7,31 procent steken. De kiesdrempel van 3 procent komt ook steeds gevaarlijker dichterbij, waardoor de Vijfsterrenbeweging bij nieuwe verkiezingen wel eens helemaal zouden kunnen verdwijnen. Dat zou een tweede ongeziene politieke aardverschuiving zijn, gezien de M5s vandaag nog steeds de grootste politieke fractie vormen in het Italiaanse parlement.

Niet helemaal kommer en kwel op rechts

Door de nederlaag in Emilia Romagna van de Lega-kandidaat, en de winst van de Forza Italia-kandidaat in Calabrië zal Salvini in de toekomst  genoodzaakt worden meer rekening te houden met de andere rechtse coalitiepartners. Zijn veto tegen Raffaele Fitto als kandidaat voor de centrumrechtse coalitie bij de regionale verkiezingen  in Puglia zal nog moeilijk houdbaar zijn. Toch is de uitslag in Emilia Romagna niet helemaal kommer en kwel voor de Lega. Met 31,9 procent scoort Salvini nog steeds veel beter dan bij de nationale verkiezingen van 2018 (19,2%) en ongeveer evenveel als bij  de Europese stembusgang van 2019 (33,7%).  In Calabrië scoorde de Lega wel verrassend laag met slechts 12,4 procent, of  zo’n 10 procent minder dan in 2019.

Bij Forza Italia, de partij van Silvio Berlusconi, waren ze door het grote succes in Calabrië van hun kandidaat Jole Santelli (55,4%) heel euforisch. Zij wordt dan wel de eerste vrouwelijke minister-president van Zuid-Italië, de partij behaalde er slechts 12,4 procent van de stemmen. Forza Italia wordt wel nipt de grootste rechtse formatie. Toch is het resultaat slechter dan bij de Europese verkiezingen van vorig jaar (13,3%) en veel lager dan bij de nationale verkiezingen van 2018  (20,11%). In Emilia Romagna verdween de partij zelfs volledig van de electorale kaart met slechts 2,5 procent van de stemmen. Vergeleken met de 5,9 procent van 2019 en de 9,9 procent van 2018 lijkt de partij de neerwaartse trend van de recentse peilingen te bevestigen.

Naast de PD was vooral de rechtsconservatieve Fratelli d’Italia (FdL) de grote overwinnaar. In Calabrië behaalde de partij onder leiding van Giorgia Meloni 10,8%, en ze bevestigde daarmee de goede score uit 2019 (10,6%) en verdubbelde die uit 2018 (4,6%). Ook in Emilia Romagna steeg FdI in vergelijking met vorig jaar sterk (9%) ondanks de kandidaat van de Lega en de forse campagne van Salvini ter plaatse. Ten opzichte van 2018 kunnen we zelfs spreken van een verdriedubbeling (3,3%) van het aantal voorkeurstemmen. De andere verassing in Calabrië was de sterke score van de christendemocratische partij Unione Di Centro onder leiding van  Gianfranco Rotondi en Lorenzo Cesa. Die kreeg zo’n 6,8 procent van de stemmen achter zich. Voorlopig blijft deze partij echter nog een regionaal fenomeen.

Conte-crisis afgewend (?)

Matteo Salvini hoopte vurig op een overwinning van centrumrechts in Emilia Romagna om zo de regering-Conte II in een diepe crisis te storten. Hij zette alles op alles en voerde een heel actieve verkiezingingscampagne. Zodanig zelfs dat Salvini de eigen kandidaat Lucia Borgonzoni helemaal overschaduwde. De nederlaag in Emilia Romagna is de eerste echte tegenslag sinds hij eind 2013 voorzitter werd van de Lega en de fakkel overnam van Roberto Maroni. Zijn sloganeske communicatie die vooral het  buikgevoel van de kiezer aanspreekt, botste gisteren echter duidelijk op de electorale limieten. Door zijn voortdurende aanwezigheid in de media begint er ook een soort van Salvini-moeheid te heersen. Of dit zich zal manifesteren in een dalende electorale consensus, wordt afwachten, maar voorlopig blijft de Lega steevast boven de 30 procent scoren in de nationale peilingen. De ambitie om door te groeien tot 40 procent, mag Salvini wel voorlopig opbergen.

Directe gevolgen voor premier Conte hebben deze regionale verkiezingen niet. Voorlopig denkt de Partito Democratico niet aan nieuwe verkiezingen, maar zal ze vooral haar positie in de regering-Conte II proberen  te verstevigen en de postieve electorale  trend zolang mogelijk hopen door te zetten. Ook de Vijfsterrenbeweging heeft niets te winnen bij een vervroegde stembusgang, gezien dat wel eens de laatste zou kunnen zijn voor deze burgerpartij.

De interne chaos is groot en een implosie lijkt, zeker na deze barslechte verkiezingsuitslag, nog dichter bij te komen. Na de leegloop van de rechtervleugel in de  richting van de Lega, vertrekken nu ook hun (centrum)linkse kiezers naar de PD-stal. De klassieke links/rechts-tweedeling, door velen reeds meermaals dood verklaard, lijkt wel weer helemaal terug van weggeweest. Maar dan met de Lega die ter rechterzijde de leidende rol overneemt van Forza Italia. Of zoals de Siciliaanse schrijver  Tomasi di Lampedusa het in  Il Gattopardo reeds zeventig jaar geleden neerschreef: ‘Se vogliamo che tutto rimanga come è, bisogna che tutto cambi.’ [vert. ‘Als we willen dat alles blijft zoals het is, is het nodig dat alles verandert’]

Philip Roose