Kortenberg, of de verbrusseling van Vlaams-Brabant

De gemiddelde inwoner merkt dat het straatbeeld in Kortenberg in de afgelopen decennia sterk is veranderd.
foto © PG
Aangeboden door de abonnees van Doorbraak
Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.
Ik neem ook een abonnementIn de schaduw van Brussel ligt Kortenberg. In de ‘olievlek’ zou Eva Demesmaeker, burgemeester van het Vlaams-Brabantse Halle, misschien zeggen. Demesmaeker (N-VA) haalde eind vorige week de krantenkoppen toen ze de uitdijende invloed van Brussel op de omliggende Vlaamse gemeenten aankaartte. ‘Verwerpelijk en racistisch’, vond Brussels minister Elke Van den Brandt (Groen). Maar Demesmaeker raakt een gevoelige snaar, ook aan de andere kant van Brussel. Geen nieuws voor lezers van Doorbraak Magazine.
Kortenberg is een gemeente in Vlaams-Brabant met ruim 21.000 inwoners, halverwege tussen Brussel en Leuven en met Zaventem als bekendste buur. Misschien bezocht u ooit de historische abdij, waar de hertog van Brabant in 1312 de Keure van Kortenberg ondertekende, een continentale nakomer van de Magna Carta, of wandelde u voorbij het Kortenbergs kasteel van de prinsenfamilie De Mérode. Niet geïnteresseerd in lokaal erfgoed? Dan heeft u mogelijk weet van de geluidsproblematiek die Brussels Airport ook in Kortenberg veroorzaakt, of kent u onze jeugdgevangenis of psychiatrie. Onze meer moderne uithangborden.
‘Onze’, want ook de auteur is ‘van Kortenberg’. De eerste kwarteeuw van zijn leven bracht hij er door, een periode die nog niet ver in de achteruitkijkspiegel ligt. In die tijd zag hij Kortenberg veranderen van een uit de kluiten gewassen dorp dat net zo goed in West-Vlaanderen had kunnen liggen, in de nieuwste Brussel buitenwijk. Want het oosten van de Brusselse Rand ligt al lang niet meer in Kraainem, zelfs niet in Zaventem, maar in het centrum van Kortenberg. Een gemeente die even ver ligt van het stadhuis in Leuven als van dat in Brussel.
‘Brussel, hé’
‘Ik heb Kortenberg zien veranderen’, vertrouwt Annie (dit is een schuilnaam, echte naam bekend bij de redactie) ons toe. Wat ze daarmee bedoelt, wordt snel duidelijk. Annie woont in het centrum van Kortenberg, vlakbij een bushalte op de steenweg die Kortenbergenaren van en naar Brussel brengt. ‘Het is opvallend, meer kan ik niet zeggen. Ofwel woonden die mensen vroeger meer verspreid en viel het minder op, ofwel zijn ze nieuw. Ik denk dat laatste. Vanwaar ze komen? Brussel, hé.’
‘Die mensen’ zijn inwoners van Kortenberg die er anders uitzien, meestal omwille van hun niet-Europese roots. ‘We kunnen niet ontkennen dat Kortenberg, als gemeente die op een boogscheut van Brussel ligt, inderdaad migranten en kinderen van niet-Europese migranten aantrekt’, bevestigt Kortenbergs burgemeester Alexandra Thienpont (cd&v). ‘Als gemeente en als gemeentebestuur blijven wij daarom de klemtoon leggen op het feit dat wij een Vlaamse gemeente zijn, en dat we dat ook zo willen houden. Tezelfdertijd is onbekend vaak ook onbemind. En we zullen ook met de culturele diversiteit van onze gemeente moeten omgaan. Daarvoor is het belangrijk dat Kortenbergenaren, oud en nieuw, elkaar leren kennen. Ook daarop zetten wij in.’
Kortenberg is een christendemocratisch bolwerk, toch lokaal. In 2024 haalde de verruimde cd&v-lijst van Thienpont (‘Team Burgemeester’) 43 procent van de stemmen, ver voor de N-VA die met 24 procent op de tweede plaats strandde. Thienpont (53) nam in 2018 het stokje over van haar partijgenoot Chris Taes (69). Hij leidde de Vlaams-Brabantse gemeente achttien jaar lang (1995-2001 en 2007-2019).
‘Wanneer mensen zich zorgen maken over immigratie, heeft dat veelal te maken met de indruk dat nieuwkomers niet de inspanning leveren om het Nederlands te leren en zich de normen en waarden eigen te maken’, steekt Taes van wal. ‘Nu is er wel – en dat is niet onbelangrijk – een verschil tussen de werkelijkheid en het aanvoelen van de mensen als het gaat over het aantal en het aandeel buitenlanders in Kortenberg. De voorbije twintig jaar is het aandeel vreemdelingen zonder EU-nationaliteit in Kortenberg niet erg toegenomen.’
De ereburgemeester van Kortenberg heeft een punt, zo blijkt uit cijfers van de gemeente. In september 2025 woonden er 980 mensen met een niet-EU-nationaliteit in Kortenberg, vergeleken met 636 in 2005.* Over diezelfde periode nam de totale bevolking van de gemeente evenwel toe met bijna 17 procent, van meer dan 18.000 tot meer dan 21.000. In 2005 was het aandeel niet-EU-inwoners zo’n 3,5 procent, in 2025 4,6 procent. Een toename, ja, maar geen explosie.
Migrant en/of Belg?
Overdrijft Annie van ’t centrum dan? Is het veranderende straatbeeld weinig meer dan niet-representatieve anekdotiek? Dat laatste zeker niet, en wel om twee redenen.
Vooreerst nam het aandeel buitenlanders in Kortenberg sterker toe wanneer ook niet-Belgen met een EU-nationaliteit worden meegeteld. Dat aantal nam over diezelfde twintigjarige periode toe van 771 tot 1.733, meer dan een verdubbeling. Die EU-migranten zijn, net als Europa zelf, erg divers: de lijst wordt aangevoerd door Roemenen (342), gevolgd door Polen (264), Nederlanders (255) en Fransmannen (148). De toename van Oost-Europeanen in het bijzonder, naast Roemenen (x25) en Polen (x18) ook Hongaren (x5) en Bulgaren (van 0 naar 46), valt ronduit spectaculair te noemen. Die Kortenbergenaren komen uit Europa, maar brengen minstens een vergelijkbare taalbarrière met zich mee. Het totale aandeel niet-Belgen in Kortenberg (EU plus niet-EU) nam tussen 2005 en 2025 toe van 7,75 tot 12,75 procent.
‘Als bestuur ondersteunen wij lessen Nederlands voor nieuwkomers in de gemeente. In het meerjarenplan 2026-2031 wordt ook voorzien om dat aanbod verder uit te breiden’, beklemtoont burgemeester Thienpont. ‘Ook hebben wij een halftijdse medewerker die als brugfiguur werkt tussen anderstalige inwoners en, vooral, het onderwijs. Het niveau op onze scholen mag natuurlijk niet lijden onder de anderstaligheid in onze gemeente. Als ouders bijvoorbeeld de leerkrachten niet verstaan of de opdrachten niet begrijpen, kan die brugfiguur hen daarbij helpen. We hebben ook een speciaal huiswerkklasje, waarin anderstalige leerlingen extra ondersteund worden.’
Er is nog een tweede verklaring voor de discrepantie tussen de statistiek en de leefwereld van Annie, een meer gevoelige: het aantal Belgen in Kortenberg met een niet-Belgische, vaak niet-Europese stamboom. Als gevolg van herhaaldelijke en langdurige migratiestromen uit andere werelddelen, wonen er in en rond Brussel immers veel Belgen die uit Afrika, Azië of Oost-Europa komen en/of wier (klein)kinderen de Belgische nationaliteit hebben. Die mensen zijn in de cijfers geen buitenlanders, maar Belgen. Maar maken Belgische papieren hen in de ogen van hun buren ook Belg?
Volgens de meest recente cijfers van Statbel hebben 4.329 Belgen die in Kortenberg wonen een ‘buitenlandse achtergrond’. Van die 4.329 werd twee derde geboren in België, één derde in het buitenland. De categorie ‘Belgen met buitenlandse achtergrond’ wordt door Statbel tezelfdertijd ruim en eng omschreven. Zo worden ook kinderen uit een koppel met één Belgische ouder en één niet-Belgische ouder opgenomen. Tezelfdertijd wordt de ‘derde generatie’, de kleinkinderen van migranten, niet als Belg met buitenlandse achtergrond gekwalificeerd, want enkel de nationaliteit van de ouders – niet die van de grootouders – wordt in rekenschap genomen. Die keuze is verdedigbaar – ooit moet een familie stoppen met ‘vreemd’ zijn -, maar verbergt de culturele uitdagingen die ook ná naturalisatie doorspelen. Soms lang erna.
Dat gezegd zijnde: de beste inschatting van de demografische realiteit die de officiële cijfers toelaten, is de optelsom van mensen met een andere nationaliteit (niet-Belgen) en de ‘Belgen met een buitenlandse achtergrond’. Voor Kortenberg is dat, opnieuw volgens Statbel, 33 procent van de totale bevolking.
Frans en Engels
‘Ik denk dat er een verschuiving plaatsvond van frustratie ten opzichte van anderstaligen. Vroeger ging dat vooral over mensen uit Wallonië die naar hier verhuizen, vandaag vooral over mensen met een andere cultuur en een andere huidskleur. We mogen die zaken gerust benoemen’, vindt Chris Taes. ‘In de straat in Erps-Kwerps waar ik lang woonde, had ik een Franstalige buur, oorspronkelijk uit Wallonië, die na dertig jaar nog steeds geen Nederlands sprak. “Je n’ai pas le don des langues”, kreeg ik dan te horen. Ja, dat irriteerde mij ook. En die irritatie is vooral het duidelijke gebrek aan inspanning, aan moeite om via taal te integreren.’
Erps-Kwerps is een deelgemeente van Kortenberg, in oppervlakte vier keer groter dan de deelgemeente die haar naam aan de fusiegemeente gaf, maar met minder inwoners. Een dorp met meer velden dan straten. Rustig om wonen, en grotendeels gespaard van de demografische omwenteling die zich in het centrum voltrekt. ‘Die instroom uit Brussel via Zaventem naar Kortenberg is een groot probleem. Wie ’s avonds in het centrum komt, ziet genoeg’, meent Kristof Van Roey (36), gemeenteraadslid voor N-VA in Kortenberg. ‘Ik hoor wel eens van ondernemers dat zij er zich ook niet langer bijzonder veilig voelen. De occasionele bedelaar die winkels binnenkomt en om geld komt vragen … Ja, echt de vreemdste figuren.’
Zo’n ondernemer is Cindy*, die, om vanzelfsprekende redenen, liever een schuilnaam gebruikt. ‘Ik weet niet altijd wat ik hierover moet zeggen. De meeste van die mensen doen geen vlieg kwaad, hé. Maar ik heb wel het gevoel dat ze vooral naast ons leven, niet met ons. Ik denk dat hun sociaal leven zich vooral onder hen afspeelt, en dan nog vaak eerder in Brussel of Zaventem dan hier. Ik heb het dan over mensen die niet uit West-Europa komen. En ja, dat Nederlands, hé … Frans en Engels hoor ik toch steeds vaker. Mijn Frans is prima, mijn Engels niet slecht. Maar het kan toch niet de bedoeling zijn dat we hier in Kortenberg geen Nederlands spreken?’
‘We moeten realistisch zijn’
‘Een taal verbindt mensen’, weet ook Van Roey. ‘Maar als dat niet lukt, krijg je segregatie, een soort van gettovorming. Waarbij mensen die geen Nederlands praten alleen met elkaar optrekken. Als bijvoorbeeld in één café de uitbaters geen Nederlands spreken en enkel in het Frans met de klanten praten, dan gaan de niet-Nederlandstalige inwoners vooral daar verzamelen en blijven Nederlandstaligen er weg. Hetzelfde met de barbershops, die dan vooral Turks of Koerdisch zijn en waar ze in sommige gevallen amper Nederlands spreken. Dat kan niet de bedoeling zijn. Dat is geen gemeenschap.’
Burgemeesters Thienpont en Taes maken zich sterk dat Kortenberg een belangrijke bijdrage levert aan de talenkennis van nieuwe Kortenbergenaren. Tezelfdertijd temperen ze ook de – niet altijd even haalbare – verwachtingen. ‘De taalproblematiek is er natuurlijk één waaraan een overheid maar zoveel kan doen; we moeten als bestuurders ook realistisch zijn’, erkent Thienpont. ‘Zelfs als mensen Nederlands leren, zullen zij met hun familie of hun vrienden uit de eigen gemeenschap meestal de eigen taal spreken. Als dat dan op een publieke plaats gebeurt, in een bus, bijvoorbeeld, kan dat bevreemdend overkomen voor de andere mensen. Dat probleem kennen we ook vanop de speelplaats, waarbij onze Vlaamse kindjes aangeven dat ze het niet fijn vinden dat andere groepjes andere talen met elkaar spreken. Omdat we natuurlijk wél iets te zeggen hebben over onze scholen, hebben we daar nu ook de verplichting ingevoerd om op de speelplaatsen Nederlands te spreken. Maar ja, over de vrije tijd van mensen hebben we natuurlijk geen controle.’
Thienponts voorganger vreest dat de overheidsplicht om onmiddellijk Nederlands te spreken met nieuwkomers een averechts effect kan hebben. ‘Ik heb het gevoel dat mensen van buitenlandse origine niet optimaal worden ontvangen wanneer zij hier arriveren, en wel omwille van de regelgeving. Ik ga misschien wat in tegen de burgemeester, maar ik mag dat nu (glimlacht). Kijk, als je mensen uit het buitenland bij een eerste contact onthaalt in een taal die zij nog niet kennen, dan kan dat letterlijk en figuurlijk ‘onbegrijpelijk’ overkomen. Even een andere taal spreken, is voor ons een kleine moeite, maar Nederlands spreken voor hen op dat moment een grote.’
Die faciliteit moet tijdelijk zijn, verduidelijkt Taes: ‘Uiteraard moeten die mensen op termijn Nederlands leren en spreken, maar dat dat ook meteen moet, vind ik niet. Laat dat onthaal en die begeleiding meer op maat gebeuren.’
Thienpont pikt in: ‘In een aantal gemeenten loopt een proefproject met een inburgeringsapplicatie waarmee je in je eigen taal kan leren wat er van je verwacht wordt in de gemeente. Over vuilophaling, om maar één voorbeeld te geven. En je kan die app heel concreet afstemmen op de eigen gemeente. Ik heb gevraagd om dat te onderzoeken voor Kortenberg en in ons meerjarenplan hebben we ook ruimte gemaakt om die app te lanceren. Als we daarvoor kiezen. Zo kunnen we mensen toch ook deels ‘onthalen’ in hun taal.”
(Nog) geen Anderlecht
Kortenberg is Anderlecht of Molenbeek niet. Wie op zoek gaat naar een ‘omvolkte’ gemeente, is er dan ook aan het verkeerde adres. Wel is Kortenberg de nieuwste gemeente die de uitdijende olievlek Brussel aandoet. Het resultaat laat zich voelen, maar is tezelfdertijd nog beheersbaar en – niet onbelangrijk – ontvluchtbaar. Wie wortel schiet in één van de deelgemeenten, voelt maar weinig van de verbrusseling van het centrum. Een verbrusseling die, net als in buurgemeente Zaventem twintig jaar eerder, eerst langzaam verloopt, daarna snel.
‘Waarom nu? Ik denk dat Zaventem gewoon vol zit, en Kortenberg de volgende halte is’, zucht N-VA’er Van Roey. ‘Het is ook geen toeval dat het vooral in het centrum van Kortenberg is, en niet verderop in de deelgemeenten. Het centrum ligt aan de Leuvensesteenweg, eenvoudig bereikbaar via Zaventem en Brussel. Als je even aan de bushalte aan het Craenenplein zit, weet je het wel. Ook denk ik dat er te veel passeert bij het OCMW/Welzijnshuis. Nog andere nieuwkomers zoeken iets rustigere oorden op, dat zijn dan meestal de mensen met geld. Kortenberg is natuurlijk een mooie gemeente, dus ik begrijp dat (glimlacht).’
De waaier aan etniciteiten, culturen en nationaliteiten in Kortenberg brengt natuurlijk niet alleen een taalbarrière, maar ook verschillende (en soms botsende) waarden, normen en gebruiken met zich mee. Inwoonster Annie stelt zich daar vragen bij. ‘Ik zie hier in het centrum steeds vaker dames met hoofddoeken. Nog geen kinderen, dat niet, maar wel volwassen vrouwen. Tja … Ik ga die mensen niet vertellen wat ze mogen en niet mogen dragen, hé; ik heb zelfs vandaag nog betere zaken te doen (lacht). Maar ik weet ook wel wat zo’n hoofddoek symboliseert. Zeker als ik dan een nors kijkende vent achter of voor haar zie stappen.’
Taes hecht veel waarde aan de opname en integratie van mensen uit andere culturen. Tezelfdertijd vindt hij dat we als samenleving gerust onze eisen mogen – en moeten – stellen: ‘Ik speel met nog een idee dat minder met het gemeentelijke beleid te maken heeft, maar dat ik toch even wil delen’, besluit de cd&v’er ons gesprek. ‘Het idee dat mensen die hier willen blijven wonen en die de Belgische nationaliteit aanvragen, een burgerschapsexamen moeten afleggen. Vandaag is dat niet verplicht, omdat er ook andere manieren bestaan om integratie en inburgering te bewijzen. Wel, ik vind dat als mensen zich hier blijvend vestigen ze moeten bewijzen dat ze de taal machtig zijn, maar ook een begrip hebben van onze instellingen. De Belgische nationaliteit is een gewichtig iets, en we moeten haar ook zo behandelen.’
(Nog) geen Vlaams Belang
Mensen uit verschillende culturen vinden elkaar ook in Kortenberg, maakt Thienpont zich sterk. ‘We kunnen er als gemeente natuurlijk ook voor kiezen om die culturele diversiteit niet alleen als iets negatiefs, maar ook als iets positiefs te benaderen. Dan heb ik het, voor de duidelijkheid, niet over anderstaligheid: het Nederlands is een must‘, aldus de burgemeester. ‘Maar er is natuurlijk meer dan alleen taal. Onze participatieambtenaar is bijvoorbeeld bezig met de organisatie van de ‘langste tafel’, hier in Kortenberg. Iedereen brengt gerechten van zijn geboortestreek mee, en de hele gemeente komt samen aan die tafel. Onbekend is onbemind, maar dat hoeft dus niet zo te zijn. Hetzelfde voor onze buurt- en wijkfeesten.’
Dat het Vlaams Belang niet vertegenwoordigd is in de Kortenbergse gemeenteraad, is iets waarop beide burgemeesters best trots zijn. Het feit dat de partij van Tom Van Grieken zowel in 2018 als in 2024 geen lijst indiende, heeft daar natuurlijk iets mee te maken. Al kan die beslissing op haar beurt weer verklaard worden door de succesvolle kanalisering van migratiezorgen door de bestaande partijen. Of door het feit dat die zorgen vooralsnog te beperkt zijn.
‘Mocht het Vlaams Belang een afdeling starten in Kortenberg, dan zouden ze wellicht wel een zetel halen, misschien twee’, denkt Van Roey. ‘En ik spreek nu alleen voor mezelf, maar ik zou met hen kunnen samenwerken, toch als zij redelijke mensen afvaardigen die zich niet extreem opstellen. Ik denk ook niet dat die VB-kiezers per se bij ons zouden weggaan. Dat zouden vandaag, in het huidige systeem zonder opkomstplicht, waarschijnlijk mensen zijn die anders niet zouden stemmen. Maar goed, we weten op welke thema’s Vlaams Belang teert. En in Kortenberg kan zoiets steeds beter werken.’
Of Van Grieken voldoende troepen weet te rekruteren voor de volgende stembusslag, weten we pas over enkele jaren. Vlaams-Brabant is in elk geval een lastige provincie voor het Vlaams Belang. Ook in buurgemeenten Steenokkerzeel, Bertem en Herent deed de partij in 2024 niet mee aan de gemeenteraadsverkiezingen, en in Zaventem, voorganger van Kortenberg, haalde ze (net) geen zetel. Maar de gemeentepolitiek wordt niet gedicteerd door natuurwetten, en het verleden is geen garantie voor de toekomst. Want wie de zorgen van Annie onderschat, verzekert Tom Van Grieken van zijn eerste Kortenbergse stem.
Deze reportage verscheen eind vorige maand ook al in Doorbraak Magazine. Bent u nog niet geabonneerd? U mist wat! Neem vandaag nog een abonnement en krijg elke drie maanden een dikke Doorbraak in uw bus.
* Voor deze vergelijking werden enkel de landen die in 2025 lid waren van de EU ook beschouwd als EU-lid in 2005. Dat betekent onder meer dat Britten, een belangrijk segment van de migrantengemeenschap in Kortenberg, zowel in 2005 als in 2025 als ‘niet-EU’ werden beschouwd. Zo werden vertekeningen voorkomen.
| Categorieën |
|---|

Roan Asselman (1996) is journalist, analist en redacteur van Doorbraak. Hij concentreert zich op de impact van massamigratie op Europese natiestaten, de invulling van politieke rechten in het digitaal tijdperk en de ethische vraagstukken binnen de (bio)medische wetenschap. Roan is jurist en bio-ethicus (beide KUL) en behaalde een postgraduaat in het vermogensbeheer (EMS).
Abortus blijkt opnieuw een splijtzwam in de federale regering. Niet zonder reden.
Doorbraak is op zoek naar een creatieve en gemotiveerde marketingmedewerker.











