fbpx


Ethiek, Filosofie
egalitarisme

Kwantiteit versus kwaliteit: de achilleshiel van het egalitarisme

Maakbaarheidsdenken steeds verregaander


Aangeboden door deze bibliotheek


Dit plus-artikel wordt u aangeboden door deze bibliotheek die voor u een abonnement nam.

Vindt u het interessant? Neem dan vandaag uw eigen gratis proefabonnement van 30 dagen.



Regelmatig is er discussie over links versus rechts, progressief versus conservatief, socialistisch tegenover liberaal. In feite is dat onzin, zo stel ik nu, en bestaat er slechts een noemenswaardig onderscheidingspunt: de vraag in hoeverre men veronderstelt dat de mens maakbaar is. Zij die geloven dat de mens als een onbeschreven blad ter wereld komt en volledig maakbaar is, komen naar analogie daarvan uit bij de volledige maakbaarheid van de maatschappij. Terwijl in de praktijk steeds maar weer blijkt dat de…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Regelmatig is er discussie over links versus rechts, progressief versus conservatief, socialistisch tegenover liberaal. In feite is dat onzin, zo stel ik nu, en bestaat er slechts een noemenswaardig onderscheidingspunt: de vraag in hoeverre men veronderstelt dat de mens maakbaar is. Zij die geloven dat de mens als een onbeschreven blad ter wereld komt en volledig maakbaar is, komen naar analogie daarvan uit bij de volledige maakbaarheid van de maatschappij. Terwijl in de praktijk steeds maar weer blijkt dat de mensen niet gelijk zijn. Iedereen stelt namelijk zijn eigen prioriteiten en maakt zijn eigen keuzes, maar in de gevolgen van die afwegingen toont zich wel degelijk verschil.

Mobilisering van populair sentiment

Nu geldt dit verschil in het politiek-correcte denken als een probleem. Je mag er namelijk niet openlijk voor uitkomen. Aangezien de bevolkingsmeerderheid van iedere maatschappij nooit de middenmaat kan overstijgen, zal dit tot afgunst leiden en de politici daarom stemmen kosten. Zodoende komt men uit op wijdverbreide (maar in feite inhoudsloze) feelgood-clichés als ‘ieder individu is even waardevol’ of ‘we zijn allemaal bijzonder op onze eigen manier’. Als iemand dit egalitaire wereldbeeld openlijk bekritiseert, zullen de media over die persoon heen vallen. Het zal weinig moeite kosten om deze persoon neer te zetten als een ‘regent’. Lees: als een intolerant, hooghartig iemand, die zichzelf verheven acht boven de rest van het volk.

De media kunnen een populair sentiment mobiliseren om dergelijke meningen in de kiem te smoren. Dit komt doordat die egalitaire gedachtegang al sinds de Franse Revolutie zo wijdverbreid is. Terwijl men in feite beter weet — een enkele blik in de gevangenissen en afkickcentra bewijst dit. Deze hypocrisie is de oorzaak van de politiek-correcte tweespalt, zoals deze zich bijvoorbeeld laat zien bij de ‘progressieve’ politici die de gymnasia als standensymbolen zien en deze willen afschaffen, maar die ondertussen hun kinderen daar wel naartoe sturen.

Zonder last of ruggespraak

Dat sommige mensen meer geschikt zijn dan anderen om te besturen, is overigens wel een aanname die iemand als Thorbecke deelde en die ten grondslag ligt aan de vertegenwoordigende democratie. Namelijk: dat het het beste is om enkele individuen te machtigen die voor ons beslissingen nemen en de voors en tegens afwegen. In diens tijden waren politieke partijen nog niet de machtsblokken die zij nu zijn en verkoos men politici veel meer op basis van hun persoonlijke integriteit. Niet iedereen is even geschikt om te leiden, te reflecteren, en verantwoordelijke beslissingen te nemen. Een individu is beter in staat tot een gedegen oordeel over een kwestie dan een volksmassa, redeneerde Thorbecke. Daarom is een volksvertegenwoordiger binnen het Nederlandse rechtstelsel dan ook een gevolmachtigde. Hierop slaan de woorden ‘zonder last of ruggespraak’.

Echter, wie tegenwoordig de nadruk legt op het feit dat sommige mensen meer dan anderen in staat zijn tot het vormen van een gedegen oordeel, begaat natuurlijk een doodzonde tegenover het postmoderne hyper-egalitaire wereldbeeld. In dat wereldbeeld mag immers iedereen zich bij tijd en wijle graag een uniek individu, idool of genie wanen. Dit is een droom die ons bijvoorbeeld verkocht wordt middels de diverse talentenshows.

Wie publiekelijk tegen dit wereldbeeld ingaat, is zoals reeds gezegd onmiddellijk een makkelijke prooi voor diverse media. Tegelijkertijd worden we dagelijks met de onjuistheid van dit egalitaire wereldbeeld geconfronteerd, zoals wel blijken mag uit de achterstandswijken, tuchtscholen en schuldsaneringen. Op deze manier voelen intellectuelen, politici en debaters zich publiekelijk steeds meer de politieke correctheid ingeduwd.

Ongelijkheid als deel van de oplossing

Het denken dat niet uitgaat van de maakbaarheid van de mens ziet de ongelijkheid echter niet als probleem, maar als deel van de oplossing. Immers, als je erkent dat mensen verschillende eigenschappen hebben, en dus ook verschillende vaardigheden en talenten, dan kun je ze taken en rollen gaan toekennen. Rollen en taken die zijn afgesplitst op hun krachten en talenten, waardoor ze zich gaan vereenzelvigen met die rollen en zich er in thuis voelen. Dit begrip staat ook wel bekend als beroepseer. In feite negeert het marktdenken de beroepseer. Het marktdenken veronderstelt immers dat een werknemer zich niet thuis hoeft te voelen in zijn baan, maar louter te stimuleren is door het salaris dat hem voor de arbeidsactiviteiten wordt toegekend.

Dit berust echter op een denkfout; een fastfood-restaurant kan efficiënter opereren door mensen een hoger salaris toe te kennen naarmate zij meer ‘burgers flippen’ per minuut. Dit is omdat een toename aan fysieke energie zich hier vertalen laat in een directe toename in de productiviteit. Maar als je grootschalige organisaties efficiënter wilt maken — oftewel als er op micro- en macroniveau denkwerk vereist is — is persoonlijke betrokkenheid bij het werk wel degelijk relevant. Het gaat hier dan om zaken als persoonlijke verantwoordelijkheid durven nemen in kwesties waar het bedrijfsprotocol niet in voorziet, en flexibel denken bij het benaderen van onvoorziene problemen. Om een bedrijf te doen floreren is van hoog tot laag een mentaliteit vereist die niet zozeer redeneert vanuit het directe, individuele belang, maar vanuit het bedrijf als geheel op de lange termijn.

Ik denk, dus ik ben

Het moderne denken vat de mens voor alles op als een ‘rechtssubject’; dat wil zeggen als iemand die als ieder ander behandeld moet worden op grond van theoretische rechtsbeginselen, vastgelegd in de grondwet. Hij wordt dus eigenlijk ontdaan van zijn eigenheid; het is niet op grond van zijn eigenheid en zijn kwaliteiten dat hij die rechten geniet. Nee, hij krijgt ze toegewezen op grond van het feit dat hij überhaupt bestaat.

Hetzelfde geldt voor het marktdenken, dat de burger opvat als een inwisselbare eenheid van arbeid die je ten koste van een bepaald loon kunt inzetten. Het vat de burger op als consument, als economische eenheid met daaraan gekoppeld een bepaalde koopkracht. Terwijl het gevoel om nuttig en waardevol te zijn binnen een organisatie of samenlevingsverband zich eigenlijk niet laat uitdrukken in geld.

Toch is het deze intrinsieke motivatie, die betrokkenheid bij de zaken die ons aan het hart gaan, die de westerse geschiedenis in feite definieert. Zo waren vele van de grootste kunstenaars en schrijvers tijdens hun leven arm en bereikten ze pas na hun dood wereldberoemdheid. Het was niet omdat zij wilden cashen dat Newton de zwaartekracht formuleerde of dat Descartes de beroemde zin ‘Ik denk, dus ik ben’ op schrift stelde.

Maakbaarheidsdenken voor allen

Het maakbaarheidsdenken trekt echter aan deze intrinsieke motivatie voorbij, en zo werd het in de jaren zestig gemeengoed dat ook kinderen, die later waarschijnlijk met hun handen gingen werken, onderwijs moesten krijgen in aardrijkskunde en Frans. De vraag of dit de motivatie van zowel de leerlingen als de docenten op lange termijn ten goede kwam, was van ondergeschikt belang — de arbeider moest en zou zich verheffen.

De (post)moderne blik op de wereld duidt het menselijk leven dus vooral in kwantiteiten (kiezers, consumenten), waaraan geen nadere eigenheid wordt toegekend. Deze manier van denken staat tegenover de kwalitatieve benadering. Deze laatste benadering is niet politiek-correct, en bewijst dus niet op een standaardmanier lippendienst aan de stelling ‘Ieder leven telt.’ Eerder is zij bereid de vraag te stellen: ‘Zou het niet beter zijn de wereldbevolking terug te dringen, teneinde een meer duurzame wijze van leven mogelijk te maken?’

Op deze manier vervalt deze benadering bijvoorbeeld niet — zoals wel bij zelfverklaard ‘progressieve’ bewegingen het geval is — in de tweespalt dat men aan de ene kant de natuur wil sparen en de aarde niet wil uitputten, terwijl men aan de andere kant geen kwaad woord wijden mag aan de toenemende bevolkingsgroei van de derdewereldlanden. Vanuit de ‘progressieve’ invalshoek zou dat namelijk een schending inhouden van het adagium ‘Ieder leven telt.’

Autonomie is een illusie

Het (post)moderne denken dat ieder mens als een volledig autonoom subject opvat (oftewel als iemand die volledig bij machte is om zijn eigen keuzes te maken en zijn eigen leven zinvol in te richten), is vanuit de kwalitatieve benadering een illusie. Liever dan naar de nobele intenties kijkt men naar de feiten van de realiteit, waar men bijvoorbeeld constateert dat jongeren in de schulden komen door hoge rekeningen van mobiele telefoons. Of dat mensen massaal spullen via internet bestellen die ze nooit kunnen afbetalen, of bij een bank woekerpolissen aangaan.

Deze stapsgewijze ontwrichting van de samenleving is voor het marktdenken echter geen probleem; zij benadert de burger slechts als consument met een bepaald bestedingspatroon. De kwalitatieve benadering ziet het individu niet als absoluut, onaantastbaar uitgangspunt, maar als persoon met een specifieke eigenheid. Zo maakt het maakbaarheidsdenken plaats voor het vervolmaakbaarheidsdenken — in deze visie worden individu en gemeenschap niet in tegenstelling tot elkaar gedacht, maar gaan ze samen op zoek naar een plek waarop de krachten en kwaliteiten van dat individu het meest tot hun recht komen.

Sid Lukkassen

Sid Lukkassen (1987) studeerde geschiedenis en filosofie. Hij is onafhankelijk denker, vrijwillig bestuurslid van de Vlaamse Club Brussel en inspirator van De Nieuwe Zuil. Hij schreef onder andere 'Avondland en identiteit' en 'Levenslust en Doodsdrift'. Hij promoveerde op 'De Democratie en haar Media'.