Cultuur
S.M.A.K.

S.M.A.K.’s winkelwaar

Uit het graf van Hoet Jan Amon

Tot eind september kan de kunstzoeker in het S.M.A.K. kuieren tussen wat verzameld werd door Jan Hoet en zijn opvolger Philippe Van Cauteren. Het gaat om een 200-tal werken. Een schijntje van wat voorradig is. Highlights for a Future is de titel waaronder dit initiatief werd georganiseerd, ‘urbi et orbi’.

Curiosa

Alle mogelijke verdachten van de media hebben voor deze expositie de grammofoon van de publiciteit aan het zingen gebracht en niet geaarzeld er andere instrumenten bij te sleuren, met op kop een dozijn loftrompetten. Dat moet dus niet meer te gebeuren. Een treurmars hoeft ook niet, verre van, daarvoor is deze expositie te boeiend door zijn uitganspunt. Wat wel nuttig lijkt is een persoonlijke impressie. Of hoe een toeschouwer met enige artistieke ervaring en connectie naar de verzameling curiosa kijkt.

Curiosa is het juiste woord. Uiteindelijk is de hele collectie, wat getoond wordt en wat nog voorradig is in de grotten van dit museum, een arsenaal getuigen van een omslag van denken en doen van een historische periode.

Titel

De aanleiding om uit te pakken met (een deel van) de verworvenheden is het twintigjarig bestaan van het S.M.A.K. Dit betekent niet dat het geëxposeerde schenkingen en aankopen zijn uit die periode. Een niet onbelangrijk deel van het geheel stamt uit de tijd dat een batterij moderne kunstminnaars vermoedde, dat wat gefabriceerd werd door jonge mensen met een afwijkende kronkel in het hoofd, wel eens de moeite waard was om te bewaren. Dat die vreemde scheppingen het ooit zouden schoppen tot kunstwerken. Ze groepeerden zich en werden een club met een officieel statuut, Vereniging Museum Hedendaagse Kunst (VMAK).

Vrij vlug steunden zij Jan Hoet met zijn ideeën en plannen. Jan heeft veel aan de clubleden te danken. Hij heeft het nooit ontkend. De club bestaat nog steeds, zij het onder de naam Vrienden van het Smak, en heeft een onderkomen gevonden in een kantoor, meteen rechts van de inkomhall.

Drie parels

Eén van de aankopen en opgenomen in de expositie is het luchtschip van Panamarenko, The Aeromodeller. Het dateert van 1969, al werkte de artiest er drie jaar aan eer het in 1971 zijn definitieve vorm kreeg en eigendom werd van de club. Als randinfo maar niet onbelangrijk voor wie de diepgang van Panamarenko’s beeldhouwwerken interesseert. Zolang zijn moeder leefde was hij creatief. Nadat zij in 2002 was gestorven, heeft hij geen werk meer gemaakt. Of hoe het ‘levende’ moederschap invloed kan hebben op iemands scheppingsdrang. Zijn artistiek speelgoed waren kleinkinderen voor zijn moeder… (die ze echter weinig kon waarderen).

Een andere iconische parel die de club verwierf, is een schilderij van de beroemdste nog levende kunstenaar, David Hockney, The Idiot. Het is geschilderd in 1962. De achterliggende gedachte is de overtuiging van elke Engelsman: My home is my castle. De titel van het werk dan weer verwijst naar de pronkzucht van de eigenaar. Zelfs bij hevige regenval poseert hij gewillig voor zijn deurgat.

Een derde verworven juweel dat aanvankelijk op hoongelach werd onthaald, maar mettertijd internationale erkenning kreeg, is Lustrerie Média uit 1984. Net als zovele grote kunstenaars vindt Guillaume Bijl zijn inspiratie bij wijze van spreken op straat. Begin van de jaren tachtig ontstonden in de randgemeenten de winkelstraten. Deze archie-lelijke wegen waren uitlopers van de succesvolle interieurbeurzen. Veel van wat er op die beurzen en in die winkels tentoongesteld werd kreeg het etiket ‘design’ opgeplakt. Zoals de verzamelde zintuigen aantoonden slechts met een korte levensduur. Guilluame Bijl heeft dat feit al vrij vroeg op ironische toon vereeuwigd met een winkel van luchters, muur-, lees- en schemerlampen. Of hoe relatief een trend is en hoe commercieel het woord ‘design’.

Nooit om te doen geweest

De financiële waarde van de vernoemde werken, plus enkele andere – onder meer Figure Sitting uit 1955 van Francis Bacon en de Mosselpot van Marcel Broodthaers, overstijgt de totale waarde van de andere weken uit de verzameling van het S.M.A.K. Maar daar is het Jan Hoet en zijn opvolger Philippe Van Cauteren nooit om te doen geweest. Beide heren en, laten we ze de eer geven die hen toekomt, hun medewerkers, weten zeer goed dat niet alles goud is wat blinkt in de verzameling. Figuurlijk gesproken. Al wie van dicht of nabij bij het S.M.A.K. betrokken was en is, had/heeft andere pijlen op zijn boog.

De belangrijkste pijl is of elk geviseerd en verworven werk een detail van een tijdsbeeld is. Met dat voor ogen vertegenwoordigt de complete verzameling de geschiedenis van de naoorlogse periode. Het is een aanvulling van wat historici te boek hebben gesteld en er hun eigen mening aan toevoegden. Eén model is goed, twee voorbeelden zijn beter. Ook kunstenaars zijn, simpelweg gezegd, in wezen historici. En wie de geschiedenis niet kent, begrijpt het heden niet. De verleden tijd is de hedendaagse met de toekomstige onder de leden.

Directeurs zijn uitgevers

Directeurs van musea van hedendaagse kunst kan je, mits beschikkend over enige verbeelding, beschouwen als uitgevers. Ze hebben het niet makkelijk. Eerder vaker dan uitzonderlijk worden ze met een scheef oog bekeken, hun aankopen door de burgerij bestempeld als geldverspilling. Het antwoord daarop is simpel, al gebeurt het via een vergelijking. 99% van de Amerikaanse filmproductie wordt afgedaan als rommel. Hooguit gezien als tijdverdrijf voor simpele mensen, verdwaald in een leven vol verveling. Wordt daar stampei over gemaakt?

Ander voorbeeld. Jaarlijks verschijnen in Vlaanderen een vijfhonderdtal boeken. Hoeveel ervan worden er niet afgevoerd naar de ramsjboekhandel, nauwelijks drie maanden na verschijning? Als een handvol boeken 500 exemplaren haalt, ontkurkt de uitgever een fles champagne. Wordt over dat natte-vingerbeleid, want meer is het niet bij de huidige uitgevers, gezeurd?

Hoogstaand niveau

Wie Highlights for a Future / De collectie (1), zoals de volledige titel luidt, ziet als een zoveelste nieuw geluid in een zoveelste nieuwe lente heeft het verkeerd voor. De expositie pretendeert niet meer te zijn dan een blik te werpen op wat artistiek gepresteerd werd in de voorbije 20 jaar. Met in de boeggolf de voorgeschiedenis van het S.M.A.K.

Duidelijk wordt dat het beleid van een hoogstaand niveau getuigt. Het geheel van de geëxposeerde werken geeft een beeld van een maatschappij die zocht naar een maatpak voor een ander tijdperk. Een tijdperk van zijn geboorte tot zijn puberjaren. De zaal met werken van de Cobra-leden is daar het mooiste voorbeeld van. Lucebert, Karel Appel en compagnie waren volwassenen die als kinderen het doek te lijf gingen.

Ontspannend en leerrijk

De vakantieperiode komt eraan. Een passage langs het S.M.A.K. is tegelijk ontspannend en leerrijk. En voor wie met een goed gevoel opnieuw aan de balie staat is er de catalogus. Hij zorgt in lengte van dagen voor een extra push aan een warme gebeurtenis. Hij is uitgegeven met vijf verschillende covers. Er zal ongetwijfeld een bij zijn waar je voorkeur naar uitgaat. Omdat het kunstwerk meer dan enig ander je aandacht trok en een ereplaats verdient op de bijzettafel.

En snel nog dit: via de website kan je je eigen highlights kiezen, een tentoonstelling puzzelen en online exposeren. Ik ben nu al nieuwsgierig naar de collectie, deel II. Vermoedelijk over vijf jaar. Hopelijk met een werk van Peter Buggenhout. Zijn beelden zijn intrigerende bouwwerken. Maar over hem en zijn werk een andere keer.


S.M.A.K. – Highlights for a Future

nog tot 29 september 2019

info over expo en catalogus: www.smak.be

Guido Lauwaert

Guido Lauwaert is regisseur, acteur, auteur, columnist en recensent voor o.a. Het Laatste Nieuws, NRC Handelsblad, Knack en Doorbraak.

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Guido Lauwaert?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans