JavaScript is required for this website to work.
ECONOMIE

Forum

Steeds meer politisering van de economie

Ivan Van de Cloot: ‘De economie wordt steeds meer gepolitiseerd. Toegang hebben tot Ursula von der Leyen wordt voor een bedrijf belangrijker dan betere producten hebben.’

Ivan Van de Cloot is hoofdeconoom van Stichting Merito. Hij publiceerde eerder o.a. 'Overheid + Markt', 'Taxshift', 'Roekeloos' en 'De rekening moet kloppen'. Merito site: https://www.stichting-merito.be/

15/12/2024Leestijd 3 minuten

Economisch standhouden is voor westerse landen in de 21ste eeuw een pak moeilijker dan in de 20ste eeuw. Vroeger verspreidden de Verenigde Staten ideeën die bekendstonden onder het label ‘Washington-consensus’. In essentie kwam dat neer op sober begrotingsbeleid en stabiele wisselkoersen. De wind blaast tegenwoordig in de richting van meer protectionisme met invoertarieven en lakser toezicht op monopoliebedrijven.

Soms moeten politici inderdaad aan de handrem trekken om iedereen nog mee te krijgen. Maar of ze echt voor economische vooruitgang zullen zorgen? In veel landen leiden ze eerder tot vriendjespolitiek (‘crony capitalism’) en gebrek aan dynamiek. De economie wordt dus meer gepolitiseerd. Toegang hebben tot Ursula von der Leyen wordt voor een bedrijf belangrijker dan betere producten te hebben dan de concurrentie.

In mature economieën is het ook moeilijker economische groei te creëren dan in landen die nog veel technologisch inhaalpotentieel hebben. William Easterly van de universiteit in New York berekende dat onder de 52 landen die het beste de Washington-consensus hebben gevolgd, de groei van het bruto binnenlands product (bbp) tussen 1980 en 1998 gemiddeld slechts twee procent per jaar bedroeg. Groeicijfers waar België of Duitsland overigens vandaag alleen maar van kunnen dromen.

Artificiële intelligentie

Vandaag hebben velen de mond vol van artificiële intelligentie. De beurs anticipeert nu al op de winst die dit later zou kunnen opleveren. In werkelijkheid blijft de impact voor de dagelijkse praktijk van veel bedrijven nog beperkt. Zoals Bill Gates over telecommunicatie zei, kan je vlot overschatten wat de impact is op drie jaar. Maar ook onderschatten wat de impact is op vijf of tien jaar. In elk geval is duidelijk dat met een Europese Commissie die alles wil dichttimmeren met regulering, je zal achterlopen op andere landen.

Dat sommige landen ambitieuzer zijn dan de Europese Unie is duidelijk. Narendra Modi, de premier van India, wil dat het bbp per persoon van zijn land de drempel voor hoge inkomens al vóór 2050 overschrijdt. Dat is een belangrijke grens. Want veel landen slagen er wel in om aan armoede te ontsnappen, maar niet om die muur te doorbreken. In Indonesië wil men nu zo snel mogelijk groeien omdat binnen enkele decennia ook bij hen de vergrijzing toeslaat. Als ze ook maar een kans willen maken om pensioenen te kunnen uitbetalen, is dat ook nodig.

Niet alle landen met dergelijke plannen zullen het halen. Zeer weinig landen hebben een groei van vijf procent of meer vijf jaar volgehouden, laat staan 25 jaar. Modi wil het aandeel van de industrie in het Indiase bbp verhogen van 16 procent naar 25 procent.

Protectionisme

Een handvol landen zal er misschien in slagen door zich te beschermen achter protectionistische muren. Al kunnen die net zo goed verkeerd investeren en blijven ze hangen in de onderontwikkeling. Dit soort traject is overigens erg hachelijk. Je kan proberen een tijd je industrie te beschermen, maar je moet op tijd het geweer van schouder veranderen. Want finaal moet je buitenlandse bedrijven toelaten die de knowhow en het kapitaal brengen om complexere en winstgevendere goederen te produceren. En ook de productiviteit zal toenemen.

In dit tijdsgewricht gebruiken landen economische ontwikkeling als een wapen in de geopolitieke strijd

Politisering van de economie is in elk geval gevaarlijk. In dit tijdsgewricht gebruiken landen economische ontwikkeling als een wapen in de geopolitieke strijd. Kijk naar India en Turkije. Men creëert dan een context waarin het bedrijven niet toegelaten wordt de beste economische keuzes te maken. Indonesische arbeiders moeten van de bureaucraten groene producten maken, van batterijcomponenten tot windturbines, maar dit kan door technologische ontwikkeling een zware misrekening worden. Zie maar hoe de vraag naar bepaalde metalen plotseling vermindert, bijvoorbeeld omdat een ander type batterij dominant wordt.

Politisering

Onderzoekers zoals Dani Rodrik van de Harvard-universiteit tonen aan dat de Europese Unie ondertussen al evenveel geld uitdeelt aan de industrie als China. Het probleem met het kwistig uitdelen van zoveel geld is dat het na een tijd moeilijk wordt om te zien wat echt werkt en wat niet. Is de waterstofeconomie duurzaam? Of is ze een illusie, gecreëerd door EU- bureaucraten?

Vaststaat dat de motor niet alleen aangetrokken kan worden door de overheid. De particuliere sector moet voldoende van de grond komen. En op dat vlak blijft de vergelijking pijnlijk tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie. Als economische strategie vooral door politieke hoofdkwartieren wordt bepaald, dan zullen rode cijfers niet disciplineren. Zij zullen net aanleiding geven tot nog meer luchtkastelen.

Succesverhalen tonen aan dat overheden zich eerder moeten beperken tot investeren in infrastructuur, onderzoek en een gunstig bedrijfsklimaat met geschikte fiscaliteit en slimme regulering. Wat me het hardst treft bij de nieuwe visionairen van industrieel beleid is hoe weinig ze zich herinneren van de interventionistische dwaasheden uit het verleden.

Ivan Van de Cloot is hoofdeconoom van Stichting Merito. Hij publiceerde eerder o.a. 'Overheid + Markt', 'Taxshift', 'Roekeloos' en 'De rekening moet kloppen'. Merito site: https://www.stichting-merito.be/

Commentaren en reacties