Religie
Patrick Lens
P

‘Vlaamse Kerk laat het afweten op de markt van welzijn en geluk’

Theoloog-psychotherapeut Patrick Lens



Vereenzaming, zelfmoorden, verslavingen, ‘epidemie’ van stressziekten en psychische werkonbekwaamheid, binge-drinking, meer kinderen in de psychiatrie…  De alarmsignalen over de psychosociale gezondheid van Vlaanderen zijn er dit jaar niet op verminderd. Hoe komt het dat de christelijke traditie, die Vlaanderen toch in grote mate heeft gevormd en er de geestelijke gezondheidszorg heeft uitgebouwd, geen antwoord lijkt te hebben op de nood aan zingeving, heling, menselijke verbondenheid en een bemoedigend levensperspectief? Theoloog en psychotherapeut Patrick Lens heeft daar een uitgesproken mening over.…

Premium Artikel

Dit artikel is een premium-artikel dat alleen leesbaar is voor Doorbraak-lezers die ingelogd zijn op doorbraak.be. Registreren is gratis en geeft toegang tot alle premium artikels. Het is mogelijk dat u al de nieuwsbrief ontvangt of dat u al een steuner bent bij Doorbraak, maar dat u nog geen inlogaccount (met wachtwoord) heeft aangemaakt. Als u via sociale media inlogt of hieronder een nieuwe account aanmaakt, dan wordt die account automatisch aangemaakt en aan uw nieuwsbrief gekoppeld.

Al geregistreerd bij Doorbraak of bij een sociaal netwerk? Log dan hieronder in op Doorbraak.be







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Vereenzaming, zelfmoorden, verslavingen, ‘epidemie’ van stressziekten en psychische werkonbekwaamheid, binge-drinking, meer kinderen in de psychiatrie…  De alarmsignalen over de psychosociale gezondheid van Vlaanderen zijn er dit jaar niet op verminderd. Hoe komt het dat de christelijke traditie, die Vlaanderen toch in grote mate heeft gevormd en er de geestelijke gezondheidszorg heeft uitgebouwd, geen antwoord lijkt te hebben op de nood aan zingeving, heling, menselijke verbondenheid en een bemoedigend levensperspectief? Theoloog en psychotherapeut Patrick Lens heeft daar een uitgesproken mening over.

Patrick Lens (56) is priester en doctor in de theologie en was 15 jaar professor aan het seminarie van het bisdom Antwerpen. In 2000 stapte hij over naar de orde van de dominicanen, ook bekend als ‘de predikheren’. Na een jaar noviciaat in Straatsburg en vijf jaar in het Waalse Rixensart, maakt hij sinds 2010 deel uit van een internationale dominicanengemeenschap in de buurt van het Jubelpark in Brussel. Van 2006 tot 2023 volgde hij een opleiding gestalttherapie.

Patrick Lens doceerde theologie in Amsterdam, is verantwoordelijke voor de Nederlandstalige studentenpastoraal in Brussel en lid van de groep Prisma in Gent, die vorming geeft op het snijpunt van psychotherapie en geloof. Vorig jaar verscheen van hem een standaardwerk over christelijke psychotherapie: De leeuw en het lam. 

U bent als priester ook therapeut, een zeldzaamheid. Hebt u misschien zelf een burn-out of depressie meegemaakt?

Patrick Lens: ‘Niet echt, maar ik heb wel in een diepe crisis gezeten. Als jonge priester in het bisdom Antwerpen zat ik op een gegeven moment op een dood spoor. Ik was wel professor aan het seminarie, actief als rondreizend predikant en deeltijds parochiepriester in Schoten, maar daarmee kreeg ik mijn dagen niet gevuld. Ik was veel op weg en had geen echte biotoop waar ik me thuis kon voelen. Ik was eigenlijk ook een buitenbeentje in het bisdom dat toen bekend stond om zijn kritische progressiviteit, wat ik een beetje eenzijdig vond.

Na enkele jaren van twijfels, zoeken en bidden heb ik uiteindelijk de klik gemaakt en voor de volgelingen van Dominicus gekozen. Onder meer omdat er in mijn familiestamboom enkele dominicanen zitten – er was een genetische link (lacht).’

Vanwaar uw keuze voor gestalttherapie?

‘Vanwege de holistische visie, eenheid van lichaam-geest en van persoon en omgeving.  Dat rationeel inzicht een mens niet doet veranderen maar doorvoeld inzicht wel. En dat genezen op emotioneel vlak voor een deel deblokkeren is van energie. Ik heb op een andere manier leren kijken naar situaties en hoe belangrijk onvoorwaardelijk respect voor de kwetsbaarheid van mensen wel is.’

De hedendaagse ‘markt van welzijn en geluk’ boomt in Vlaanderen. Wellnesscentra tot in elk dorp, wachtlijsten voor psychotherapie, yoga, mindfulness, meditatiecursussen, life-coaching en influencers,  getuigenis- en zelfhulpboeken allerhande…  Waar ziet u de Kerk in dat verhaal?

‘Ze schittert door afwezigheid. De kerk heeft zich op zichzelf teruggeplooid, en dat vind ik erg. Er zijn natuurlijk verzachtende omstandigheden. De pedofilie-shock in 2010 is nog niet verteerd, ze verkeert in een krimp-scenario en steekt haar energie vooral in herstructurering. Maar de eigenlijke oorzaken zitten volgens mij dieper.

Sedert de jaren 1970 heeft de Vlaamse kerk vaak mee gesurft op de golven van secularisme, rationalisering en deconstructivisme. Die dominante stroming had weinig belangstelling voor de wereld van geestelijke gezondheid, persoonlijke zingeving, spiritualiteit en psychotherapie, maar stond er eerder wantrouwig tegenover. Men heeft te laat gemerkt dat er in cultuur en samenleving fundamentele verschuivingen bezig waren.’

Intussen heeft psychiater Dirk De Wachter, ook wel ‘de pastoor van Vlaanderen’ genoemd, wél veel succes. Hoe verklaart u dat?

‘Hij raakt een gevoelige snaar in de Vlaamse ziel omdat hij inspeelt op problemen die mensen in hun dagelijks leven ervaren, op de nood aan zingeving en warme solidariteit. Dat we niet alles vanuit onszelf laten vertrekken. Hij bekritiseert de groei-obsessie en probeert ons wakker te maken voor negatieve tendensen zoals de drang naar perfectie. Daar herken ik duidelijk christelijke klanken in, en hij verwijst er zelf ook naar. Hij wijst trouwens ook op de nood aan verbinding met een groter geheel, met anderen, met wat in de diepte leeft in jezelf. En dat het leven zelf een geschenk is!’

Veel waarnemers merken vandaag een comeback van religiositeit. Zelfs de Vrije Universiteit Brussel, traditioneel bolwerk van de vrijzinnigheid en van de loge, viert zijn 50-jarig bestaan met een tentoonstelling over spiritualiteit en religie, waarin aandacht voor de kracht die van geloof kan uitgaan.

‘Het hardcore-atheïsme – dat enkel de wetenschap de waarheid heeft en dat verstandige mensen zich niet mogen inlaten met zulke onzin als spiritualiteit of rituelen – vertoont meer en meer barsten. Ik denk dat meer mensen ervaren dat je de wezenlijke dingen in het leven niet met logica kunt verklaren. Liefde, schoonheid…  Ook in niet-gelovige kringen merk ik een toenemend besef dat er  “meer is tussen hemel en aarde”.

Zoeken naar heelheid is misschien wel de grote lijn van de spirituele zoektocht van veel mensen vandaag. Zo bekeken is er inderdaad meer religie dan we denken maar dat niet als zodanig naar buiten komt omdat ze individualistisch en volatiel is – postmodern. Al die mensen die in “iets” geloven maar niet weten wat, worden soms “ietsisten” genoemd. Ik zie dat wel als iets positiefs!’

Inzake populariteit bij ‘zinzoekers’ lijkt de paus van Rome het af te leggen tegen de dalai lama van Tibet. Mist paus Franciscus geen affiniteit met de overspannen westerse ziel?

‘Als er vandaag zoveel over spiritualiteit en therapie wordt gesproken, is dat inderdaad meestal vanuit een boeddhistische invalshoek. In de perceptie komt paus Franciscus vooral over als een sociale activist in de geest van de Latijns-Amerikaanse bevrijdingstheologie. Armoede, migratie, klimaat…

Maar als ik hem bezig hoor, zoals onlangs in Japan, stel ik vast dat híj net zo goed pleit voor een contemplatieve kijk op de dingen, met oog voor de ‘poëzie‘ in het leven en de natuur. Hij wijst ook voortdurend op het belang van een doorleefde in plaats van een ideologische of moralistische geloofsbeleving, op de diepere betekenis van gebed en rituelen en hun relatie met het dagelijkse leven.

Zo heeft hij eens op het Sint-Pietersplein medicamentendoosjes laten uitdelen met daarin een mini-paternoster, vanuit het idee dat het rozenkransgebed je kan helpen bij problemen. Maar dat meer spirituele discours wordt door de media niet opgepikt.’

Prioriteit in zijn visie is toch wel dat christenen de ‘periferie’ moeten opzoeken, het toenemend aantal slachtoffers van de globalisering…  

‘Ik wil hem niet tegenspreken, maar “naar de periferie gaan” betekent iets heel anders in bijvoorbeeld Brussel dan in Buenos Aires. Als ik een draagbaar altaar heb, een afbeelding van de Maagd van Guadeloupe en een trompettist, kan ik daar op straat de mis doen. In Brussel moet ik daar niet aan beginnen, ook niet met een trompettist erbij!

De kerk is heel veel bezig met de problematiek van armen en vluchtelingen, en terecht, maar wat moet ik daarmee bij de doorsnee overwerkte Brusselaar? Bij jonge gezinnen en Europese ambtenaren, die bij ons naar de kerk komen, en die met een hectische agenda in hun hoofd zitten? Hetzelfde bij de studenten met wie ik werk, ze staan aan meer druk bloot dan wij vroeger.

Zoveel gezinnen met tweeverdieners zitten mentaal aan hun plafond. Ook zij zijn in zekere zin slachtoffers van de globalisering en van onze doldraaiende economie. Hoe kun je die mensen een oase geven? Daar zijn we te weinig mee bezig. Er is een groeiende ‘periferie’ van existentiële, psychische en sociale armoede bij de bevolking. De Kerk moet actueel zijn, akkoord, maar we moeten niet alleen preken over dingen die je elke dag in het nieuws hoort.’

Hebben jullie wel genoeg in de aanbieding om te kunnen ‘concurreren’ op de zingevingsmarkt, bijvoorbeeld op het vlak van meditatie?

‘Aanbod is er genoeg, maar het komt te weinig naar buiten. Zo is er de christelijke meditatiebeweging, gesticht door de Engelse benedictijn Laurence Freeman, met op veel plaatsen in Vlaanderen ook groepsmeditaties. Gelijkaardig is centering prayer van de Amerikaanse trappist Thomas Keating, een methode van innerlijk gebed die onlangs ook in het Nederlands is vertaald. Beide meditatievormen zijn gebaseerd op oude contemplatieve tradities zoals die van de woestijnvaders uit de vijfde eeuw.

Het christendom heeft een rijk erfgoed inzake meditatie, mystiek en spiritualiteit, zoals ik in mijn boek heb beschreven. Ruusbroec, Eckhart, Teresia van Avila, Johannes van het Kruis… Het vormingscentrum van de karmelieten in Gent, Het Rustpunt, biedt op dat gebied een veelzijdig programma aan in een fraai kader.

Ook de meeste Vlaamse abdijen hebben nogal wat succes met hun bezinningsdagen en retraites. Hun gastenverblijven staan open voor iedereen, en veel mensen zoeken daar stilte en bezinning op. Daarnaast zijn er de nieuwe lekenbewegingen zoals Sant’Egidio in Antwerpen, dat een evangelische spiritualiteit combineert met initiatieven voor mensen die uit de boot zijn gevallen. Armen, vluchtelingen, eenzame bejaarden, daklozen…  Het ene sluit het andere zeker niet uit!

Er gebeurt dus heel wat, maar het aanbod komt versnipperd en weinig coherent over. Vandaar mijn vraag, vanuit puur marketingstandpunt: hoe zetten we onszelf op het menu? Dat zou een speerpunt moeten zijn in een pastoraal voor deze tijd, eerder dan enkel te investeren in het herstructureren van parochies.’

Vergeet u niet de pelgrimsoorden zoals  Lourdes en Santiago de Compostella, waar toch  veel mensen troost en kracht vinden bij levensproblemen?  Ook Scherpenheuvel lijkt populair te blijven, niet enkel bij fietstoeristen.

‘Merkwaardig is inderdaad dat pelgrimages en bedevaartplaatsen, ook de lokale Maria-kapelletjes, veel minder te lijden hebben gehad van de secularisering en mensen van alle slag blijven aantrekken. Pelgrimstochten zoals naar Santiago of Assisi helpen mensen, vaak op een kruispunt in hun leven, los te komen van hun beslommeringen en andere dimensies van het leven te ervaren. Niet in het minst dankzij ontmoetingen en gesprekken die veel dieper gaan dan in het gewone leven mogelijk is.’

Fitness, jogging en wellness zijn massabewegingen geworden. Dat ligt moeilijk voor de Kerk die de reputatie heeft lichamelijkheid minderwaardig te vinden?

‘Dat imago klopt niet helemaal, want zorg voor het lichaam komt al aan bod bij de apostel Paulus… Hij was een holist avant la lettre. Doorheen de geschiedenis zijn geest en lichaam uit elkaar gehaald, het geestelijke was superieur.

Een profetische uitzondering is de 12de-eeuwse abdis Hildegard van Bingen, bekend vanwege haar muzikale composities, maar die ook een eigen natuurgeneeskunde en voedingsleer ontwikkelde en een radicaal holistisch mens- en wereldbeeld had. Dat bij de mens en in de schepping alles met mekaar verbonden is. Ze schreef vrijmoedig over seksualiteit en ligt mee aan de basis van de herontdekking van de oude graansoort spelt vandaag. Met haar heiligverklaring heeft de vorige paus Benedictus XVI duidelijk een signaal willen geven. Haar ecologie sluit trouwens aan bij de ‘zorg voor de schepping’ van paus Franciscus.

In Vlaanderen hadden we in de jaren 1970-80 de priester-leraar Paul Bouts met zijn gezondheidscentrum Sol & Vita in Rotselaar en zijn bestseller met gezondheidsadviezen onder de titel Ik ben nooit moe! Geschreven in een tijd toen het woord burn-out nog niet bestond… Een gezonde geest in een gezond lichaam, dat was zijn motto. We zouden die draad terug moeten oppikken. Een aantrekkelijk wellness-aanbod vanuit een christelijke achtergrond, waarom niet?’ 

Volgens de positieve psychologie, die onderzoekt welke factoren geluk en gezondheid bevorderen, heeft een niet-dogmatisch religieus geloof een positieve invloed op gezondheid en het kunnen omgaan met lijden. De Amerikaanse grondlegger van de lifestyle-geneeskunde, dokter Dean Ornish, pleit voor meditatie en kerkgang om hartziektes te voorkomen. Uit recent sociologisch onderzoek blijkt dat kinderen, opgevoed door gelovige ouders, een betere sociale en psychologische ontwikkeling vertonen dan die uit niet-religieuze gezinnen. Waarom speelt de kerk die troeven niet uit?

‘Kerkmensen staan huiverig tegenover het “instrumentaliseren” van geloof voor doeleinden als gezondheid en geluk. Volgens de prominente filosoof Herman De Dijn moet geloof gratuit zijn, belangeloos en zonder direct nut, en kritisch tegenover door de commercie aangedreven modetrends zoals de gezondheidscultus.

In religie mag het niet om jezelf gaan, maar om wat je te boven gaat. Ik ben het daar in principe mee eens. Maar net zoals Jezus ‘al weldoende rondging’ en zo mensen voor zich wist te winnen, moeten we ook vandaag de mensen nemen zoals ze zijn. Ook in hun bezorgdheid om gezondheid, waaronder vaak existentiële noden schuilgaan. Er is trouwens geen tegenstelling tussen zorg om persoonlijk welzijn enerzijds en solidariteit met de zwakkere medemens anderzijds. Integendeel: wie goed in zijn vel zit, kan ook meer betekenen voor anderen.

Ik ervaar het elke dag: mensen zitten met problemen, komen naar mij met hun verhalen.  Met een verheven preek en mooie principes kan ik hen niet helpen. Een louter intellectueel geloof overtuigt niemand. Mensen moeten een meerwaarde ervaren. Bijvoorbeeld dat gebed en meditatie een effect hebben op het hele leven, dat je meer veerkracht krijgt, grond onder de voeten, basisvertrouwen. Er is een gat in de markt!’

Opvallend is dat het begrip ‘ziel’ tegenwoordig overal opduikt, ook al is de betekenis vaag. ‘De verbinding tussen lichaam en ziel is belangrijker dan we hadden verwacht’, concludeerde de Zweedse wetenschapsjournaliste Maria Borelius uit haar wereldwijde speurtocht naar factoren van gezond leven.

‘Het begrip ziel – of het ‘diepste zelf’ – is de mainstream binnengekomen via esoterische auteurs en alternatieve spiritualiteit. Terwijl het in de katholieke pastoraal helemaal geen thema meer is, wellicht vanuit een soort valse schaamte, omdat predikanten het ‘zielenheil’ soms misbruikten om mensen schrik voor de hel aan te jagen.

Vraag is: is de mens niet méér dan een conglomeraat van zijn lichaam? Zijn wij een lichaam, hebben wij een lichaam –  of allebei tegelijk? Ik heb een vrijzinnige collega gehad, die me vertelde dat ze erbij was toen haar vader overleed. ‘Ik heb het moment gevoeld dat zijn ziel het lichaam verliet’, fluisterde ze.

Ik ben altijd verbaasd over de stelligheid waarmee men tegenwoordig beweert dat er na de dood niets meer is. Hoe weet men dat zo zeker? Ik verwijs bijvoorbeeld naar cardioloog Pim van Lommel, die in het medisch vakblad The Lancet  verslag uitbracht over zijn onderzoek bij overlevende hartpatiënten na hun klinische dood. Ik spreek me daar niet over uit. Ik stel enkel vast dat er in Vlaanderen blijkbaar over dit thema niet is gesproken.’

U hebt contact met de charismatische vernieuwing, een expansieve maar omstreden stroming in het christendom die ‘genezingsdiensten’ aanbiedt. Hebt uzelf al genezingen meegemaakt?

‘Geen puur fysieke genezingen, wel dat er spiritueel en psychisch blokkades loskomen en mensen innerlijke vrede terugvinden, waardoor er ook lichamelijk iets verandert. Zo verbazend is dat niet, als je uitgaat van de interactie lichaam-geest zoals de psychosomatische geneeskunde die steeds meer ontdekt. We staan hier nog maar aan het begin. Alles is met mekaar verbonden, emoties beïnvloeden zelfs cellulaire structuren. Als de oorzaak van je ziekte een onderliggend emotioneel trauma is, heeft bevrijding ervan een fysieke weerslag. Vanuit dit holistisch mensbeeld is er zeker een toekomst om het geloof meer relevant maken in deze tijd. Ook veel theologen werken daar momenteel aan.’

Wat tegen de borst stuit, is de willekeur van die vermeende genezingen. Sommigen genezen, maar anderen blijven in de miserie. Dat is toch hemeltergend?

‘Jezus genas ook niet iedereen. Hij was geen wonderdokter. Fundamenteel gaat het om bekering en innerlijke genezing, spiritueel en psychisch. Ik geloof dat God nog steeds mensen geneest via gebed, maar heb moeite met het spektakel van pinksterkerken. Je mag mensen niet manipuleren of valse hoop geven, zoals met die zogenaamde homo-genezingen. In Vlaanderen is men daar nuchterder in.

Men mag zich trouwens niet blindstaren op die spectaculaire genezingen. Misschien is er wel een tussengebied tussen het – uitzonderlijke – “mirakel” en wat er in stilte in het hart van mensen gebeurt, en wat ook helend kan zijn. Bijbels gezien zijn onverklaarbare genezingen allereerst bedoeld als “tekenen”, verwijzingen naar een toekomstig herstel, vanuit de belofte dat we bestemd zijn voor de verrijzenis. Dat onze problemen opgelost zullen geraken en onze wonden geheeld, over de dood heen. Hoop doet leven. Zoals het in de bekende gospelsong wordt uitgejubeld: “Everything will be alright!”

Uw boek over spiritualiteit en psychotherapie heeft als titel De Leeuw en het Lam. Wat bedoelt u daarmee?

‘Het is een bekend bijbels thema, maar eigenlijk gaat het over de verzoening en integratie van twee tegenstrijdige levenskrachten in onszelf om zo heling en herstel te vinden. De Leeuw staat voor sterkte en weerbaarheid maar ook voor woede, het Lam voor kwetsbaarheid en gevoeligheid, en voor verdriet. Het gaat erom dat je tegenslagen in je leven verwerkt en door tegenstellingen te integreren een nieuw kracht kunt vinden. We moeten durven werken met onze kracht, maar ook met onze kwetsbaarheid.

Leeuw en lam houden elkaar in evenwicht. Wanneer ‘de leeuw’ ontbreekt, verliezen we energie en vervlakken; als we het contact met het lam in ons zijn kwijtgeraakt, verstart ons verdriet en worden we bitter of cynisch. Jezus is de perfecte synthese van de leeuw en het lam. Hij is de Leeuw uit de stam van Juda, maar Hij was ook het weerloze slachtoffer, het Lam van God. In plaats van wraak, koos Hij voor barmhartigheid.’

In zijn nieuw album zingt singer-songwriter Nick Cave, wiens zoon onlangs stierf, zijn ellende uit in een ballad met als titel ‘Jesus Alone’. De nood aan troost en tederheid. Herkenbaar in deze kersttijd? 

‘Wat is er mis met troost en tederheid? In deze drukke tijden, zeker in de periode rond de feestdagen, hebben we zo weinig tijd en geduld om te troosten of zelf getroost te worden. We houden ons liever sterk, tot het lijntje breekt.

Toch zie ik lichtpunten vandaag, zoals de Warmste Week, de crowdfunding voor baby Pia met haar zeldzame ziekte, of de enorme solidariteit bij de moord op Julie Van Espen…  Nu de grote ideologische verhalen zijn weggevallen, blijken we solidariteit in het lijden meer dan ooit als noodzakelijk te beschouwen. Ook bij onze studenten merk ik trouwens een grote nood aan verbondenheid en geborgenheid, uit reactie tegen de doorgeschoten individualisering.

Grote projecten doen het niet meer, misschien moeten we de prioriteit verleggen naar ontmoetingen met concrete mensen in hun reële nood. Zoveel mensen zijn eenzaam! Kerstmis is voor mij een feest van solidariteit en van verbinding, niet alleen op horizontaal vlak – mensen met elkaar – maar ook verticaal – de solidariteit van God. Hij heeft geen theoretische oplossing gebracht voor het probleem van het lijden maar ons lot willen delen met de geboorte van Jezus, zodat we bij Hem steun en kracht kunnen vinden. Het kerstverhaal kennen we wel, maar de blije verwondering daarover zijn we een beetje kwijt.’

Jos Vranckx