Brussel, Multicultuur & samenleven
Vrije Tribune
Vrije Tribune
Luckas Vander Taelen

Vlaanderen houvast voor en in Brussel

De meerwaarde van de Vlaamse identiteit

Sta mij toe het te hebben over Brussel. Dat is gepast op onze Vlaamse feestdag, want Brussel is tenslotte toch onze hoofdstad en elk volk dat zich serieus neemt is fier op zijn hoofdstad.

Er valt zoveel over Brussel te vertellen, dat ik het liever samenvat in elke korte frasen. Ik woon er na veertig jaar nog altijd even graag, het is een stad met vele problemen die een betere beslissingsstructuur verdient en maar vooral dit wil ik u vandaag zeggen: het is een grootstad waarin de positie van de Vlamingen en het Nederlands nooit beter is geweest.

Maar het is een stad die zodanig snel verandert, dat vele inwoners ze niet meer herkennen en omdat ook de minister-president het zal hebben over identiteit: in Brussel hebben veel mensen last van hun identiteit.

En een bezoek aan de dokter of de psycholoog kan daar helaas niet veel aan helpen.

Wie in een stad of streek woont, ondervindt de invloed daarvan. Dat ik als inwoner van onze hoofdstad inderdaad een identiteit heb die door de stad is beïnvloed, is onloochenbaar. Een Brusselse identiteit is inderdaad geen illusie.

Identiteit

Maar identiteit is niet voor één gat te vangen, ze is veel-lagig en vooral subjectief. Identiteit mag nooit beperkend worden en mensen er in opsluiten, zoals de Brusselse burgemeester Close onlangs probeerde door het onderscheid te maken tussen Nederlandstalige Brusselaars en Brusselaars die zichzelf Vlamingen noemen, die zouden geen Brusselaars zijn.

Meteen voelde ik het Vlaams gehalte van mijn identiteit stijgen…

Brussel is een multiculturele stad en zal dat blijven. ik zie elke dag hoezeer mijn stad verschilt van toen ik er aankwam in 1980. Toen was Brussel weliswaar een grote stad, maar ze was niet moeilijk te bevatten. Verfranst, dat wel, beetje ingeslapen en veel meer emigratie dan immigratie. Wie het kon trok weg uit Brussel en ging de Rand verfransen.

Nieuwkomers

Als ik zoveel jaren later de tram naar huis neem aan het Zuidstation en mijn reisgenoten observeer, dan zie ik de bevestiging van onze eerste plaats in de wereldrangschikking van diversiteit. Geen stad in de wereld is momenteel diverser dan Brussel, niet New York, niet Londen, niet Parijs. Nergens wonen meer mensen die geen grootouders hadden in de stad. Dat maakt van Brussel een echte weliswaar bescheiden wereldstad. Met een van de meest spectaculaire bevolkingstoenames ter wereld: tussen 2000 en 2020 krijgt Brussel er zo een 200.000 inwoners bij.

De stad is onherkenbaar gemetamorfiseerd door dat groot aantal nieuwe bewoners.

Niets is menselijker dan de moeilijkheid om te gaan met een veranderende wereld, dan zijn vertrouwde identiteit te moeten aanpassen. Het Brussel van 2018 is heel erg verschillend van dat van 1980, toen ik zelf in de stad kwam wonen. Vlamingen en Franstaligen moeten er zich thuis leren voelen tussen 180 andere nationaliteiten. Een eenvoudige opgave, die niet van conflicten gevrijwaard zou zijn, is dit niet.

Een instroom van mensen uit andere, vaak autoritaire, landen, die democratie hoogstens van horen zeggen kennen, zorgt voor potentiële conflicten, zoals die er ook zijn met nieuwe Brusselaars voor wie de scheiding tussen kerk en staat of de gelijkheid tussen man en vrouw al even nieuwe begrippen zijn.

Veel tegelijk

De identiteit van een individu is een ingewikkelde cocktail van vele elementen. Een mens kan heel veel dingen tegelijk zijn. Wie in Brussel woont bijvoorbeeld, kan zich tegelijk een inwoner van deze stad voelen en zich ook Vlaming voelen of Franstalige Belg of geen van beide, al of niet Europeaan en er nog een religieuze aanhorigheid en vele andere overtuigingen en voorkeuren op na houden. Die veelzijdige vermenging maakt wie je bent, hoe je in het leven staat.

Niets fout dus met het aanvaarden van het idee dat iedereen er een hoogst eigen identiteit op na houdt en dat dit debat erover zo levendig is, zegt de Frans-Libanese auteur Amin Malouf.

Moorddadige identiteit

De vermenging van vele identitaire elementen maakt ons juist tot wat we zijn. Maar wat Maloufs denken over identiteit zo interessant maakt is zijn overtuiging dat als één van de ingrediënten van identiteit belangrijker wordt en alle andere onderdelen gaat overheersen, dat er dan een ‘moorddadige identiteit’ ontstaat.

Als iemand bijvoorbeeld zijn identiteit verengt tot de streek waar hij geboren is en woont, dan dreigt zijn identiteit xenofobe en nationalistische trekjes te krijgen. En als iemand zijn godsdienstige overtuiging als het allerbelangrijkste element van zijn identiteit gaat aanduiden dan dreigt het gevaar van religieus fanatisme.

Malouf weet waarover hij het heeft, als hij spreekt over de gevaren van nationalisme en religieus fanatisme. Hij is afkomstig uit Libanon, een land dat nog steeds in een staat van uiterst labiel evenwicht verkeert, na een jarenlange burgeroorlog.

Het grote gevaar dat jongeren van allochtone afkomst in een grootstad als Brussel bedreigt is volgens hem het religieus fanatisme dat hun gebrek aan identiteit kan invullen. Het is gevaarlijk als fundamentalisme het enige element is dat jonge mensen aantrekt, omdat het door niets anders in evenwicht kan gehouden worden… zo ontstaat de ‘moorddadige identiteit’.

Dat lijkt sterk op wat er vooral in Brussel de laatste jaren gebeurd is. En dat misschien een verklaring biedt voor het onrustwekkend feit dat geen land meer Syriëstrijders heeft zien vertrekken dan België en dat Brussel de ideale biotoop voor een terroristisch netwerk bleek.

Ontbrekende identiteit

Belgen hebben er nooit een sterke identiteit op na gehouden, hoezeer dit vandaag anders kan lijken niet lang voor een hedendaagse gelukkig sportieve versie van de Slag der Gulden Sporen, of moeten we zeggend de Slag der Gulden Studs.

Sterker nog: het ontbreken ervan een sterke nationale identiteit werd als een te cultiveren Belgische karakteristiek beschouwd. Elke vorm van chauvinisme was de Belg vreemd en het was du bon ton om daar fier op te zijn.

De geschiedenis en de ingewikkelde structuur van ons land hebben daar alles mee te maken. Niemand in dit land die er zou aan denken scholieren ’s ochtends de vlag te laten groeten, zoals dat wel in Amerikaanse scholen wil gebeuren. Niet eenvoudig in te voeren overigens bij ons, zo een groet aan de vlag. Er zou meteen discussie ontstaan welke vlag dat dan wel zou moeten zijn…

Maar we mogen dan wel steeds die afwezigheid van een karikaturaal chauvinisme gekoesterd hebben, misschien hebben we de minder positieve collaterale gevolgen ervan te weinig ingeschat voor jongeren die wanhopig op zoek zijn naar een identiteit.

Malouf stelt dat identificatie met het land waar jonge mensen opgroeien uiterst belangrijk is. Als men dat niet doet, valt een deel van hun identiteit weg.

Cultuurrelativisme

Misschien hebben we dat lang onderschat. Aan Vlaamse zijde bestaat gelukkig al enige tijd het inzicht dat integratie levensbelangrijk is voor nieuwkomers en jongeren met een allochtone achtergrond. Maar in Brussel hebben de Franstaligen zich daar om niet altijd duidelijke redenen tegen gekant, vaak vanuit een onbegrijpelijjk gebrek aan respect voor de eigen cultuur. Dit cultuurrelativisme blijft ons parten spelen. In Brussel wordt men vaak vanuit die mentaliteit teruggefloten als men het wil hebben over problemen die bestaan bij groepen nieuwkomers of jonge mensen die sterk onder de invloed staan van fundamentalisten.

Als we jonge mensen aan een identiteit willen helpen, zoals Malouf dat bepleit, dan moeten we het met hen hebben over de geschiedenis van dit land, over de ontvoogdingsstrijd van de Vlamingen, over de arbeidersstrijd en het ontstaan van de sociale zekerheid, over hoe vrouwen zich emancipeerden, hoe Kerk en Staat elk hun eigen plaats kregen.

Jongeren hebben behoefte om gekaderd te wordenen wij moeten er geen problemen mee hebben om hen te vertellen dat we allemaal fier zijn op wat we in dit land bereikt hebben.

Iedereen heeft recht op identificatie met een land. Het maakt dat immigranten in de Verenigde Staten fier zijn op het land dat hen kansen geboden heeft. Enkel als je mensen duidelijk maakt wat een land hen te bieden heeft, zoals onderwijs of ziekenzorg, een democratische politieke structuur of vrije meningsuiting kan je verwachten dat respect voor een land ontstaat en deel gaat uitmaken van een identiteit. En op dat moment kan je van burgers ook duidelijk maken dat bij die rechten ook plichten horen.

Blind en doof

Maar we moeten niet alleen aandacht hebben voor identiteitsproblemen van jongeren. In de grootstad Brussel bestaat helaas ook vaak een onbehagen bij de modale Brusselaar als die het gevoel krijgt zijn eigen cultuur zoals hij die altijd gekend heeft niet meer kan beleven. Politici die daar oor naar hebben, naar wat leeft bij ongeruste burgers hoeven daarom niet als populistisch afgedaan worden. De metamorfose van een stad wil wel eens botsen met het zelfbeeld en de identiteit van gewone Brusselaars. Die daarom meteen afdoen als waardeloze racisten is niet erg zinvol en politiek vaak rampzalig.

Vanuit een ideologie bewust blind en doof blijven voor oprispingen van gewone mensen die worstelen met een identiteitscrisis leidt tot een verlies in vertrouwen in traditionele partijen van de bevolking. Mensen herkennen hun vertrouwde wereld niet meer, verliezen hun referenties. Wie principieel niet naar die onvrede luistert, stevent af op de ene politieke nederlaag na de andere.

Het is wat vele partijen aan de linkerkant van het politieke spectrum de laatste jaren is overkomen. De kwijnende sociaaldemocratische partijen in Europa bijvoorbeeld, die aan hun vroeger electoraat de nieuwe wereld niet uitgelegd krijgen. Die vroeger zongen van ‘ontwaakt verworpenen der aarde’, maar geen antwoord wisten op de problemen die met dat massale ontwaken gepaard gingen.

Het succes van de Engelse brexiteers is ook een gevolg van het onvermogen om in te zien dat een groot deel van de Engelse onderklasse niet meer wist waar ze aan toe was in een snel veranderende wereld. Dat ze niet meer wisten en weten wie ze zijn. Het afwijzen van een Europese identiteit was hun manier om hun verloren plaats in de hun vertrouwde Engelse maatschappij te tonen.

Het overkwam ook Hillary Clinton die tijdens haar kiescampagne de helft van de kiezers van haar tegenstander afdeed, en ik citeer, als ‘afkeurenswaardige racisten, homofoben, islamofoben, haters en xenofoben die bovendien geloven dat Trump het Amerika van vroeger terug zal doen komen.’ Mensen die het gevoel hadden dat hun Amerikaanse identiteit verloren ging werden door Clinton op een arrogante manier geschoffeerd. Zij is wijs genoeg om nu zelf te beseffen en toe te geven dat die uitspraak haar de zege kostte…

Vlaanderen in Brussel

In Brussel kan Vlaanderen een houvast geven aan vele inwoners, die met hun identiteit worstelen, die zich niet meer thuisvoelen in hun eigen stad of er hun plaats niet in vinden.
Vlaanderen kan hier een belangrijke rol spelen, door onvoorwaardelijk op te komen voor integratie van de nieuwe burgers, door oor te hebben voor vragen die mensen stellen, en via de eigenheid van de Vlaamse cultuur te leren dat tolerantie en antiracisme evidenties zijn in onze opvatting van samenleven, en dat een bewust beleven van zijn eigen identiteit kan samengaan met een veranderende wereld in een per definitie multiculturele stad, die dat altijd zal blijven.

Het is een nobele taak bij de Brusselse burgers onze taal en cultuur onbeschaamd te propageren, zoals Franstaligen dat sinds het ontstaan van België gedaan hebben, vanuit een nauwelijks onderdrukt superioriteitsgevoel omdat zij zichzelf als dragers van de beschaving zagen.

Die aanmatigende pretentie moeten wij niet imiteren, maar wel vanuit een zelfbewuste bescheidenheid profiteren van de historische kans die zich in Brussel aandient om de Vlaamse cultuur en de Nederlandse taal er te verankeren.

Brussel is geen Franstalige stad meer, hoe graag sommige herauten van de francofonie dat blijven herhalen. In Brussel is het Frans niet meer de taal van de meerderheid van de bevolking, het is wel de sterkste lingua franca. Maar in meer dan 60% van de gezinnen is het Frans noch het Nederlands de eerste taal. Dat is volgens de gerenommeerde Taalbarometer een enorm verschil met de toestand een paar decennia geleden.

Het Nederlandstalig onderwijs is Brussel is slachtoffer van zijn uitstekende reputatie en moet nu zelfs soms Vlaamse kinderen afwijzen. Als Vlaanderen zijn al zeer aanzienlijke investering in het Brusselse onderwijs nog zou opdrijven, dan is dat als het ware een wissel op de toekomst, om onze cultuur aan te bieden aan steeds meer Brusselaars van elke origine en van Brussel echt de hoofdstad van Vlaanderen te maken.

Onze cultuur kan een baken zijn voor mensen die vaak niet meer weten wie ze zijn of het nog niet weten en zoekende zijn en aan wiens veel-lagige identiteit de Vlaamse een waardevolle bijdrage kan leveren. Laat dat de ambitie zijn van Vlaanderen voor zijn hoofdstad!

Omtrent 11 juli publiceert Doorbraak traditiegetrouw 11 julispeeches en -boodschappen. Luckas Vander Taelen sprak deze speech uit op 10 juli op de Groeningekouter in Kortrijk.

Luckas Vander Taelen

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans