fbpx


Filosofie, Multicultuur & samenleven

Zijn wetten nodig voor de vrijheid?

Het laatste interview van filosoof Jean-François Gautier. (1950-2020)



Zijn wetten nodig voor de vrijheid? Een prangende vraag in Frankrijk aan jonge studenten in het beruchte eindexamen waarmee ze hun middelbare studie afsluiten om ‘le bac’, het baccalaureaat te krijgen. Soms zijn de thema’s zo zwaar dat je je afvraagt wat die achttienjarigen er mee moeten. De in december vorig jaar overleden Franse denker Jean-François Gautier (1950-2020), die ik mijn vriend mocht noemen, diept in dit interview – zijn laatste – het probleem fijntjes uit. Hij was er goed…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Zijn wetten nodig voor de vrijheid? Een prangende vraag in Frankrijk aan jonge studenten in het beruchte eindexamen waarmee ze hun middelbare studie afsluiten om ‘le bac’, het baccalaureaat te krijgen. Soms zijn de thema’s zo zwaar dat je je afvraagt wat die achttienjarigen er mee moeten. De in december vorig jaar overleden Franse denker Jean-François Gautier (1950-2020), die ik mijn vriend mocht noemen, diept in dit interview – zijn laatste – het probleem fijntjes uit. Hij was er goed voor gewapend, deze bescheiden wijze die ooit de diploma’s aaneenreeg: filosofie, etiologie, musicologie, wetenschapsgeschiedenis en nog enkele meer.

Waar komt ons vrijheidsbegrip vandaan?  

Jean-François Gautier: ‘Als we ons tot de klassieke oudheid beperken, dan betekende het Latijnse liber degene die noch vreemdeling, noch slaaf was. Deze vrije man maakte deel uit van de gemeenschap en nam bijgevolg deel aan de verkiezing van gezagsdragers en het goedkeuren van wetten. Die waren niet “nodig” voor de vrijheid, maar waren het gevolg en de uitdrukking van de burgerlijke vrijheid. De vrijheid van het individu was geen abstract concept, maar een realiteit binnen de gemeenschap.’

Er waren toch wetten nodig om dat verkiezingssysteem vorm te geven?

‘De eerste wet, nog ongeschreven, was die van de reputatie. Die van mensen en die van families. Zeden en gewoonten maakten dat je daden en je levenswandel op prijs werden gesteld – of niet. Zo kreeg je vertrouwen of verspeelde je het., zonder dat dit je vrijheid in het gedrang bracht. Pas daarna kwamen de geschreven wetten, het schriftelijk vastleggen van minimale ethische voorschriften.’

Maar hoe beschermden ze de vrijheid?

‘Onze voorouders zochten naar objectieve normen om “fout gedrag” te beteugelen. Ze zochten naar een rem op de mogelijkheid van mensen om elkaar schade te berokkenen. De eerste objectieve dimensie van de vrije mens is zijn deel uitmaken van een gemeenschap. Uiteraard zijn dat er altijd meerdere. Er is er altijd minstens één groep die omvangrijker is dan het gezin.’

‘Het eerste voorschrift is altijd dat je geen schade mag toebrengen aan andere leden van dezelfde gemeenschap, want dan brengt je eigenlijk schade toe aan je eigen essentie. Binnen de vrijheid van de burger maakt men snel lijstjes van schadelijke daden die men niet mag stellen. Dan komt men tot rangschikkingen: minder of meer schadelijk of schandelijk, minder of meer te vervolgen en te bestraffen.’

Moet de wet de enige maatstaf zijn?

‘Dat ontkennen onze moderne samenlevingen meer en meer. Ideologie en psychologie/psychiatrie liggen op de loer om de rol van het recht over te nemen. Het gaat hier natuurlijk om een algemene tendens en niet om de individuele beoefenaars.’

‘Een extreem voorbeeld is de zaak Althusser. De marxistische filosoof Louis Althusser (1918-1990) wurgde in 1980 met zijn blote handen zijn echtgenote Hélène. Hij deed dat in hun appartement dat hij ambtshalve betrok in de Ecole Normale Supérieure (ENS), het befaamd instituut in de Rue d’Ulm in Parijs, waar hij hoogleraar was. Hij was er zich van bewust dat hij een moord had gepleegd. Hij neemt zijn telefoon en belt, neen, niet naar zijn advocaat, maar naar een bevriende arts van de ENS. Die levert hem af in een psychiatrische instelling.’

‘In 1981 komt de zaak voor een onderzoeksrechter die Althusser buiten vervolging stelt wegens ontoerekeningsvatbaarheid.  Een “mooi” voorbeeld van hoe de toepassing van wetten meer en meer wordt ondermijnd door psychosociale overwegingen.’

Is dat geen oud zeer? En bewijst de zaak Landru niet het tegenovergestelde?

‘Ah, Landru! Die zaak bewijst hoe een psychopaat perfect lucide en rationeel kan zijn, waardoor hij zijn pathologische toestand voor de rechtbank niet meer als excuus kan gebruiken. Henri Landru (1869-1922) was ooit misdienaar, dan subdiaken, medewerker van een architect, handelaar in tweedehandsmeubelen, oplichter, verleider, getrouwd, vader van vier kinderen. Jarenlang was hij het gerecht te slim af.’

‘In 1919 vliegt hij tegen de lamp en blijkt dat hij bij 283 vrouwen een huwelijkszwendel had geprobeerd. Contactadvertenties brachten hem op het spoor van rijke weduwen en andere welgestelde huwelijkskandidates. Ze stonden in zijn notitieboekjes mooi opgelijst met geschat fortuin. Van elf is bewezen dat hij ze vermoord heeft. Hij roofde hun huis leeg en verkocht hun meubelen. Waarschijnlijk waren het er veel meer, want Landru hield een perfecte boekhouding bij. Daaruit bleek dat hij op enkele jaren tijd 27 zagen had aangekocht.’

‘Hij sneed de vrouwen in stukken en verzaagde hun beenderen. De lichaamsdelen begroef hij op afgelegen plekken of gooide hij in vijvers. Met hoofden en handen, de delen die het makkelijkst tot identificatie kunnen leiden, nam hij geen risico’s: hij verbrandde ze in zijn houtkachel. Het is maar de vraag wie de grootste psychopaat was, Althusser of Landru. In ieder geval ging Althusser vrijuit en eindigde Landru onder de guillotine. In welk geval heeft de wet de vrijheid beschermd?’

Mooie vraag: mogen we van onze vrijheid gebruik maken om misdaden te plegen?

‘Daar is nauwelijks discussie over. Maar wel over wie of wat we moeten veroordelen: de misdadiger of de misdadige handelingen van een goede mens? Dat lijkt een theoretische vraag, maar ze is hoogst praktisch. De misdadiger Landru werd terechtgesteld. De misdadiger Althusser schreef een boek over zijn “fout gedrag.”’

‘In de geschiedenis werden de daden die anderen schade toebrengen altijd al afgekeurd en hun daders bestraft. En het waren dus de delinquenten die werden bestraft, niet hun misdaden. Dat was de logica van het oude strafrecht. Lees er Cicero op na. Vanaf Augustinus verandert de optiek. De wandaden van het individu zijn tegenstrijdig met de goddelijke wetten, maar de mens erachter is wezenlijk goed. De biecht van Althusser is beter dan de executie van Landru…’

‘De misbruikte vrijheid raakt volgens deze zienswijze niet aan de essentiële goedheid van de mens. De foute handelingen veroordelen, maar niet degene die ze heeft gepleegd, hoe doe je dat in de praktijk? Daar hebben we in de loop der tijden wat op gevonden: vroeger de biecht, het berouw, de boete(doening), de aflaat, de duiveluitdrijving, de voettocht naar Santiago de Compostella. In moderne tijden de psychiatrische sessies, de verzachtende omstandigheden, de probatie, de psychologische begeleiding, de voorwaardelijke straf, de vervroegde vrijlating…’

Is dat niet menselijker en meer in overeenstemming met ons vrijheidsbegrip?

‘De talrijke slachtoffers van recidivisten denken daar anders over. Zij of hun naastbestaanden. We hebben hier te maken met een fout concept van de vrijheid, dat in zijn moderne vorm opgeld maakt sinds Jean-Jacques Rousseau (1712-1778). De vrijheid zou een oereigenschap van de mens zijn die hij – al of niet vrijwillig – delegeert aan de instellingen die de gemeenschap heeft bedacht.’

‘Dat is radicaal het tegenovergestelde van de oorspronkelijke opvatting van de vrijheid die onze voorouders in Europa huldigden. Het individu was vrij door zijn lidmaatschap van een reële en actieve burgerlijke maatschappij die “vrije ruimte” (Freiraum) creëerde en waarborgde voor haar leden. De vrijheid van het individu is daarvan het resultaat, niet de oorsprong.’

‘Wetten zijn dus nodig voor de vrijheid.’

[ARForms id=103]

Luc Pauwels

Luc Pauwels (1940) is historicus, gewezen bedrijfsleider en stichtte het tijdschrift 'TeKoS'.