JavaScript is required for this website to work.

Boekendokters 

Jürgen Pieters25/3/2026Leestijd 4 minuten

foto © Unsplash

De studenten zijn met 22. Ze zitten in een halve cirkel, sommigen met de kopieën in de hand die ik hen liet bezorgen, anderen met de ogen gericht op het kleine schermpje van hun telefoon. Hun aandacht ontroert me. Ze zijn in onwereldse stilte een fragment aan het lezen uit een van de meest wonderlijke novellen uit de wereldliteratuur die ik ken: De dood van Ivan Iljitsj van Tolstoj. 

Misschien moet ik mijn ontroering toch even verklaren. Dat studenten Tolstoj lezen is op zich niet het punt. Wel dat juist deze studenten dat doen: ze zitten in het tweede jaar van de master-na-master in de specialistische geneeskunde. Ze hebben er al een basisopleiding van zes jaar op zitten en doen er nog eens zes jaar bij.

Het merendeel van hun studietijd brengen die studenten door in de ziekenhuizen waar ze stage lopen. Daar brengen ze lange dagen door met het opdoen van wat de programmabrochure van hun opleiding omschrijft als ‘adequate kennis en vaardigheid om hoogwaardige patiëntenzorg te verlenen’ in het specialisme waarin ze zich verder willen bekwamen. Cardiologie, nefrologie, gastro-enterologie, pneumologie – noem maar op. Af en toe keren ze tijdens hun opleiding naar de universiteit terug om les te krijgen. Vandaag is dat les in lezen, Tolstojologie. 

Narrative medicine

Het is intussen al het derde jaar dat ik zo’n groep voor me heb. Samen met een collega, die tevens huisarts is, bied ik een half-daagse workshop aan die men in vele internationale opleidingen geneeskunde zou bestempelen als narrative medicine. Het gaat in die aanpak om het ontwikkelen van een houding die resoluut patiëntgericht is. 

Centraal staat niet het ziektebeeld van de patiënt, maar diens ervaring van de ziekte. Hoe voelen pijn, koorts en ongemak aan? Wat betekent de kanker voor degene die hem in zijn lijf heeft? Wie aan narrative medicine doet, is geïnteresseerd in het verhaal van de patiënt, in het geheel van zijn/haar levensomstandigheden, het wereldbeeld, de angsten en overtuigingen. Interesse in dat verhaal, zo heeft onderzoek aangetoond, versterkt het vertrouwen van de patiënt in de dokter. En zorgt zo vaak voor een betere opvolging van het zorgtraject.

Rita Charon

Britse en Amerikaanse experts die de narrative medicine vanaf het laatste decennium van de vorige eeuw begonnen te ontwikkelen, maken in hun onderwijspraktijk graag gebruik van literaire teksten. Literatuur draait om de verwoording van ervaringen, om het samenspel van emoties en reflecties, om wat er in het hoofd en het hart van mensen omgaat.

Rita Charon, de godmother van de narrative medicine, specialiseerde zich na het behalen van haar proefschrift in de geneeskunde ook nog in de hedendaagse literatuurwetenschap. Ze schreef een bijkomend doctoraat over het werk van Henry James. Ze was ervan overtuigd – en is dat vandaag des te meer – dat ze door een goede lezer te worden ook een betere dokter kon worden.

Bij de dokter

Met een paar fragmenten uit Tolstoj willen mijn collega en ik de Gentse studenten met Charons overtuiging confronteren. Van narrative medicine hebben ze in hun opleiding nog niet gehoord, van de ideeën die eraan ten grondslag liggen gelukkig wel. Ziektes laten zich niet reduceren tot biomedische feiten en patiënten zijn altijd zoveel meer dan de ziekte die hen tot bij de dokter brengt. Ze wisten het al in theorie en door hun dagelijkse omgang met patiënten weten ze het intussen ook in de praktijk.

Ik begin met hen de scène te laten lezen waarin Ivan op onvriendelijk verzoek van zijn vrouw op consultatie gaat bij een bekende dokter. Die gedraagt zich erg afstandelijk, vindt elke vraag van de patiënt ongepast (‘is het gevaarlijk wat ik heb?’) en weigert diagnostische uitspraken te doen zonder verder onderzoek.

Tolstoj typeert de reactie van Ivan haarscherp: die blijkt begrip op te brengen voor de professionele ernst van de dokter. Hij herkent zich zelfs in het kille, ambtelijke decorum. De dokter gedraagt zich zoals Ivan zich gedraagt als magistraat in de rechtbank. Dat detail over Ivans eigen ambt is geen toeval: ziet hij wat de dokter zal zeggen als een vonnis? Voelt hij zich schuldig aan het fysieke ongemak dat hem nu al maanden tergt? Is zijn ziekte zijn misdaad?

Eindelevenszorg

Ik laat de studenten commentaar geven op wat ze net lazen. Ze vinden veel herkenbaar in de scène, niet alleen in het gedrag van de dokter, maar ook in dat van de patiënt. Het lijkt hen te verbazen dat een tekst van meer dan honderd jaar geleden dokters van vandaag nog iets te zeggen kan hebben. De medische wetenschap mag er dan al sterk op vooruit zijn gegaan, de menselijke psychologie is niet zo sterk veranderd.

In een tweede passage die we lezen, staat de verhouding tussen Ivan en zijn knecht Gerasim centraal. Gerasim is het tegenbeeld van de bekende dokter: hij is jong, van gewone komaf, staat dicht bij de natuur. Hij vindt het niet erg om de pot van zijn baas te legen, om diens voeten vast te houden wanneer het weer even niet gaat. 

Het gesprek bij deze passage brengt ons bij vragen die niet eenduidig te beantwoorden zijn. Welk soort nabijheid kan van een dokter verwacht worden? Welke taken zijn voor verplegers en welke voor artsen? De figuur van Gerasim brengt ons gesprek bij de eindelevenszorg en dat is geen toeval. In nogal wat artikelen over Tolstojs tekst wordt hij daarmee in verband gebracht.

Een goede dood

In ons laatste fragment lezen we het einde van het verhaal, en daarmee ook het einde van het titelpersonage. Ivan sterft, in een scène die net als de rest van Tolstojs novelle verschillende interpretaties toelaat. Voor de een is het een vreselijke dood, voor de ander komt er aan het einde van het verhaal toch een beetje licht. Ook de lezer heeft nood aan een goede dood.

Een van de studenten, een jongeman die tijdens de bespreking wel vaker tussenkomt, lijkt bijzonder geraakt door het slotfragment. Wat zou je doen als je bij Ivan in die kamer stond, vraag ik hem. Wat zou je hem zeggen? Ik weet het niet, zegt hij, maar ik zou hem wel willen helpen. Tolstoj was allesbehalve een twijfelaar, maar hierover zou hij héél zeker zijn geweest: dit wordt geheid een goede dokter.

Jürgen Pieters doceert literatuurwetenschap en 'Creative criticism' aan de Universiteit Gent. In 2021 verschenen 'Literature and Consolation' (Edinburgh University Press) en 'Een boekje troost' (Borgerhoff & Lamberigts). Hij werkt aan een nieuw boek over lezen in contexten van zorg.

Commentaren en reacties