Vlaamse Beweging

Frans-Vlaanderen, tussen West-Vlaams en Nederlands

Henri Vaassen is  docent Nederlands in Duinkerke en voorzitter van het Huis van het Nederlands in Belle. Ik ontmoette hem naar aanleiding van een uitzending over de Nederlandse taal voor de Frans-Vlaamse Radio Uylenspiegel waaraan we samen participeerden. Henri bevestigt me dat ongeveer 20.000 mensen in  het noorden van Frankrijk, van lager tot universitair onderwijs, Nederlands leren. Hij brengt ook goed nieuws mee naar de uitzending met betrekking tot de start van officieel  tweetalig onderwijs Nederlands-Frans in de streek. Een eerste project wordt dit jaar nog opgestart in Rosendael bij Duinkerke, aldus een beslissing van de Franse onderwijsautoriteiten.

20.000 studenten

Veel Vlamingen hier denken dat er een verband bestaat tussen die 20.000 studenten die Nederlands leren, en het spreken van de West-Vlaamse streektaal aldaar. Henri wil ons niet teleurstellen maar : ‘de waarheid is dat wie vandaag de dag  Nederlands studeert in Frans-Vlaanderen voor de overgrote meerderheid, geen kennis heeft van de streektaal’.  Voor de goede en eenvoudige reden dat ze als thuistaal zo goed als uitgestorven is. Het aantal mensen dat nog de Frans-Vlaamse streektaal spreekt is nooit officieel vastgesteld. De optimisten spreken over 20.000. De realisten over enkele duizenden.

Anosteké

In het café of op de markt kan je nog wel Vlaamsch horen klappen  door oudere mensen. Door de vele naamborden in  het Vlaamsch,  zou je fout kunnen concluderen dat de streektaal nog springlevend is. Karel Appelmans, een Gentenaar die al enkele jaren in Frans-Vlaanderen woont, is er — en terecht — fier op:  met  zijn vereniging Euvo heeft hij duizenden Vlaamse naamborden  op huizen aangebracht. Maar dat is nog geen garantie dat de eigenaars van die huizen West-Vlaams of Nederlands spreken. Ze houden nog van de klanken van hun oude taal, dat wel. Maar de  kennis ervan is meestal herleid tot de kennis van enkele woorden en zinnen, en een leeuwenvlag in de tuin.

Karel stelt vast: ‘zelfs tussen  Vlaamsgezinden of binnen een Vlaamse vereniging in Frans-Vlaanderen is de voertaal meestal Frans’. Ze moeten soms hulp krijgen om de naam van hun huis  te kunnen uitspreken. Dit verklaart ook de schrijfwijze van het biermerk Anosteké. De naam moest  fonetisch worden weergegeven  omdat weinig Frans- Vlamingen ‘tot een noaste  (andere) keer’ kunnen lezen.

Vlaamse filmpjes

De West-Vlaming Mark Ingelaere, geboren op een boogscheut van de schreve, spreekt  de streektaal  van de Westhoek. Hij maakt prachtige filmpjes van de laatste Frans-Vlamingen die hun sappige West-Vlaamse taal nog machtig zijn. Hij heeft inmiddels bijna 200 filmpjes opgenomen, zonder wetenschappelijke pretentie maar zeer waarachtig. Je kan ze op YouTube bekijken.

Aandoenlijk is het te luisteren  naar deze laatste getuigen van de aanwezigheid van onze taal in Frans-Vlaanderen, die ooit nog  in Artesië, en tot aan de kust bij Kales en in Land van Bredenaarde, werd gesproken. De opnames zijn  ook zeer interessant studiemateriaal voor taalkundigen. Mark kreeg hiervoor  terecht lof en aanmoediging  van onder meer de bekende Nederlandse taalkundige en dialectoloog  Marc van Oostendorp, verbonden aan het Meertensinstituut en de Universiteit Leiden.

Een erkenning voor de streektaal

De laatste jaren wordt onder de naam Flamand Occidental een revival van de streektaal gestimuleerd met cursussen en opleidingen in de volkstaal. Dit is het werk van de vereniging Akademie voor Nuuze Vlaemsche Taele (ANVT). Een duizendtal cursisten volgen deze opleidingen in de streektaal. Een aantal dat niet in verhouding staat tot de 20.000 mensen die er Nederlands leren. Maar het belet de ANVT niet de show te stelen en het debat te kapen.

De ANVT biedt de gemeenten ook een tweetalig charter aan met als doel de naam van de gemeente, soms ook de straatnaamborden, en de toeristische informatie in de twee talen West-Vlaams & Frans te vermelden. In de traditie van de Vlaamse taalkundigen als Gezelle, De Bo, Willem Pée en Cyriel Moeyaert  is men ook overgegaan tot het verzamelen van specifieke woorden in het West-Vlaams. Dit leidde onlangs tot de uitgave van een tweetalig Woordenboek van de Vlamsche taele in Frankryk.

Lobbyen voor het West-Vlaams

Maar de sterkte van de ANVT berust vooral in haar lobbywerk bij allerlei lokale politieke mandatarissen, burgemeesters, leden van de Regionale Raad, volksvertegenwoordigers. De meeste van deze politici  hebben nog nooit een woord West-Vlaams, laat staan Nederlands, uitgesproken. Ze weten eigenlijk niet  waar het om gaat, maar dit kan de pret niet bederven. Zo is onlangs door de Regionale Raad van ‘ Hauts-de-France’ het West-Vlaams als regionale taal erkend, met forse subsidies voor de ANVT tot gevolg.  Sterker nog, de Regionale Raad wil overgaan tot de oprichting van een ‘Puublike Office van het West-Vlamsch’ (sic). Dat is een moeizame vertaling voor ‘Office public du Flamand Occidental’.

De erkenning van de regionale taal zou al bij al  goed nieuws betekenen, ware het niet dat het ANVT kiest voor het West-Vlaams los van het Nederlands. Men doet er  alles aan om in alle publicaties  het West-Vlaams in spelling en syntaxis maximaal te differentiëren van het Nederlands. Voor sommige mensen van de Akademie voor nuuze Vlaemsche Taele is het Nederlands gewoon een vreemde taal die niets met het West-Vlaams te maken heeft. De Regionale Raad heeft dus ook op aanraden van de ANVT het West-Vlaams, zonder enige link met het Nederlands, erkend. 20.000 studenten Nederlands worden zo door  de officiële instanties van de regio ‘Hauts-de-France’  in de steek gelaten.

Steun voor het Nederlands

Enkele Frans-Vlamingen komen in het verweer en klagen deze situatie aan. Ze willen dat de erkenning van het West-Vlaams als streektaal wordt verbonden aan de erkenning van het Nederlands. Men komt tot de Kafkaiaanse situatie dat de Regionale Raad van de regio  ‘Hauts-de-France’ pro West-Vlaams is. Terwijl  politici  van de Regionale Raad van het Noorden departement  het onderwijs van het Nederlands steunen.

Het West-Vlaams en het Nederlands als voorwerp van een politiek spel in Frankrijk, stel je voor. Een nieuwe vereniging, de Andries Stevenkring, genoemd naar een 18de eeuwse Frans-Vlaamse taalkundige uit Kassel, wil het dwaalspoor van het West-Vlaams zonder het Nederlands aankaarten. De nieuwe vereniging  overweegt de organisatie van een Staten Generaal van het Nederlands met de steun van verkozenen uit de Regionale Raad  van het Noorden-departement.

Rol voor Vlaanderen

Deze Frans-Vlamingen voelen zich  door sommige Vlamingen aan deze kant van de Schreve in de steek gelaten. Dat West-Vlaamse organisaties het onderwijs van het West-Vlaams in Frans-Vlaanderen zogezegd steunen om er, kost wat kost, het personeel dat ze te kort hebben, te kunnen rekruteren, kunnen ze missen als kiespijn. Wil iemand van de West-Vlaamse werkgeversorganisaties opstaan en duidelijk maken dat de taal van het Vlaamse bedrijfsleven het Nederlands is?

Ook de Vlaamse regering zou een zinvolle rol kunnen spelen in dit verhaal. Men kan zich toch afvragen waartoe meer Vlaamse macht leidt als ons internationaal cultureel beleid het onderwijs van het  Nederlands in Frans-Vlaanderen niet steunt, ook niet financieel. Terwijl zwijgt de Taalunie in alle talen en bewijst ze haar irrelevantie in de grensgebieden en in de steun aan de  Nederlandse taal extra muros.

Wido Bourel

Wido Bourel (1955) is Frans-Vlaming, publicist en promotor van de Nederlandse taal en cultuur in zijn geboortestreek.

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Wido Bourel?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans