fbpx


Buitenland, Onderwijs

Kafka in Frans-Vlaanderen

De erkenning van de Frans-Vlaamse streektaal en gevolgen



Jan Vanhille* is een geboren Frans-Vlaming, goed geïntroduceerd in onderwijskringen in de regio. Wij maken met hem een punt over het onderwijs van de streektaal in Frans-Vlaanderen nu het Frans-Vlaams erkend is als regionale taal in Frankrijk.

Onderwijs

Hoever staat men met het onderwijs van de streektaal. Is men er al mee gestart?

‘Zoals geweten werd enkele maanden geleden le Flamand occidental als regionale taal erkend door de Franse onderwijsinstanties. Het gaat om een variant van het West-Vlaams dat nog gesproken wordt in de Franse Westhoek. Laat ons dat het Frans-Vlaams noemen om geen verwarring te stichten met het West-Vlaams van West-Vlaanderen.’

‘De spelling van dat Frans-Vlaams berust op de creativiteit, of juister gezegd, de fantasie van één vereniging: de ANVT ofwel Akademie voor nuuze Vlaemsche taele. In het Frans noemt deze vereniging zich een “Instituut”, en in het Frans-Vlaams, een “Academie”.’

Wat is het probleem?

‘Weet dat deze vzw in werkelijkheid niet beschikt over enige erkende taalkundige- of academische competentie om de streektaal te onderwijzen. De ANVT is enkel een ‘politiek waterdrager’ van Xavier Bertrand, voorzitter van de raad van de Hauts-de-France en (inmiddels afgevoerd) kandidaat voor de Franse presidentsverkiezingen.’

Wordt het Frans-Vlaams al onderwezen in het officieel onderwijs?

‘Sinds februari is men gestart met een initiatie Frans-Vlaams in vier verschillende secundaire scholen. Let op het begrip “initiatie”. Het gaat in realiteit grotendeels  om een introductie tot het gesproken erfgoed en niet over het onderwijzen van een taal. Een taal, laat staan de streektaal, kan je op deze wijze niet leren.’

Tevredenheid

Misschien is dat wel een ludieke manier om de streektaal te leren?

‘Onderwijs mag best leuk zijn. Tot daar. Maar men maakt deze jonge mensen en hun ouders iets wijs als ze voor ogen hebben dat hun kinderen hier ooit mee kunnen studeren en/of werken in West-Vlaanderen of elders in Vlaanderen of Nederland.’

Iedereen tevreden met deze start?

‘Niet onmiddellijk. Men doet maar alsof. Het rectoraat in Rijsel (dat de leiding van het onderwijs coördineert voor de regio) en ook  de betrokken schooldirecties zijn niet gelukkig met de situatie. Ze beseffen maar al te goed welke politieke beïnvloeding zich achter de schermen afspeelt. Ze voorzien een minimaal programma – omdat ze niet anders kunnen – met gemengde gevoelens. Het is een  kwestie van in gesprek blijven met de politieke bemoeiallen.’

Waarom kunnen ze niet anders?

‘Hoe vind je goede leraars met de nodige pedagogische diploma’s, die lessen Frans-Vlaams kunnen geven?’

De vraag stellen is de vraag beantwoorden. Maar hoe gaat het momenteel in zijn werk?

‘Zulke leraars bestaan niet. In februari waren er, naar het schijnt, een twaalftal kandidaten. De meesten konden zelfs geen pedagogisch diploma voorleggen, laat staan dat ze Frans-Vlaams konden spreken. Ze kwamen sowieso niet in aanmerking. Een kleine minderheid bezat wel de nodige algemene pedagogische kwalificaties. Maar ze konden amper twee zinnen in het Frans-Vlaams uitspreken om hun kandidatuur te verdedigen. Vervelend: het zullen de taalleraars van je kinderen maar wezen.’

Hoe moet het verder?

‘Men zal het voorlopig hiermee moeten stellen. Het rectoraat doet zelf niets om deze leraars te vinden. Het is aan de ANVT, die nochtans pedagogisch niet bevoegd is, om deze leraars te zoeken. Er is een projectleider aangeduid, lid van ANVT, voor het Frans-Vlaams.’

‘Leuk is te noteren dat de inspectie Nederlands in Noord-Frankrijk achter de schermen is gevraagd te volgen hoe dit project zal worden geïmplementeerd. Men is niet aan een contradictie minder of meer. Nederlands is volgens de Hauts-de-France een vreemde taal en volgens de ANVT zelfs niet verwant met het Frans-Vlaams. Maar het rectoraat vraagt wel aan een inspecteur Nederlands om een advies te geven over het onderwijsproject van het dialect. Kafka in Frans-Vlaanderen.’

Staatsscholen

Over welke scholen gaat het?

‘In februari werd door het rectoraat aan vier staatsscholen gevraagd een cursus Frans-Vlaams te organiseren. Twee lagere scholen in Kassel en Wormhout, bieden nu deze opleiding. Je moet je dit  voorstellen als een initiatie Vlaamse cultuur in het algemeen, doorspekt met het leren van enkele woorden in het dialect. Voor de  twee secundaire scholen, betreft het eveneens een school in Kassel en een andere in Hazebroek. Het werkt als volgt: beschikbare geldmiddelen zijn niet voorzien, alleen een klaslokaal. De leerlingen zijn vrijwilligers mits het akkoord van de ouders.’

Ik sprak onlangs met de verantwoordelijke van een van deze scholen. Men stelt zich inderdaad veel pertinente vragen. Zijn voorkeur voor het Nederlands was duidelijk en een initiatie Frans-Vlaams werd als een gedoogbeleid benaderd.

‘Inderdaad. Deze directies beseffen maar al te goed dat, op termijn, het onderwijs van het Frans-Vlaams in concurrentie komt te staan met de lessen Nederlands die reeds worden aangeboden in het normale lessenrooster. Voorlopig gaat men dit laten begaan, maar van zodra het in het vaarwater komt van de lessen Nederlands zijn de schooldirecties bevoegd en niet meer het rectoraat. Vroeg of laat gaat er in die scholen een clash komen tussen beide opleidingen. En dat is een spijtige zaak, in het nadeel van beiden op een ogenblik dat het onderwijs van alle talen in Frankrijk achteruitgaat ten voordele van het Engels.’

Bedreiging

Kan dat op termijn het onderwijs van het Nederlands bedreigen?

‘In elk geval verstoren. Het punt is dat enkel de vereniging ANVT officieus erkend is als gesprekspartner bij de Hauts-de-France. Deze vereniging heeft ervoor gezorgd dat het Nederlands door de politici van de Hauts-de-France als een vreemde taal wordt benaderd. Alle subsidies gaan naar de werking van de ANVT. Over het Nederlands als regionale taal, of als taal van regionaal belang, wordt op het niveau van de regio Hauts-de-France niet gesproken.’

Hoe komt dat de leraars Nederlands zo stil zijn in het debat?

‘Voor de jonge leraars zelf is het niet altijd makkelijk om een standpunt in te nemen. Dat komt omdat veel van die leerkrachten niet zeker zijn van hun baan. Ze verkiezen daarom te zwijgen. Stel je even in hun plaats. Daarom zie je in Frans-Vlaanderen enkele militante verenigingen die actief het Nederlands verdedigen, los van de officiële onderwijsmiddens.’

Is een verzoening tussen partijen denkbaar?

‘De ANVT wist op slimme wijze in de laatste jaren van de Frans-Vlaamse streektaal en van de tweetalige bewegwijzering in de gemeenten een monopolie te maken. Surfend op de wateren van de (in taalmateries onkundige) Noord-Franse politiek beantwoorden ze perfect aan de bekende leuze: in het land der blinden is de eenoog koning. Men zal  die “entente cordiale” moeten afdwingen tenzij deze vereniging inziet dat de door haar bewandelde richting op termijn niet leefbaar is.’

In de Elzas is men er na een decennia lange strijd uiteindelijk in geslaagd naast het Elzassich, ook het Duits als regionale taal te laten erkennen. Waarom kan dat niet in Frans-Vlaanderen?

‘Frans-Vlaanderen is veel kleiner en kan het gewicht van de Elzas niet in de schaal leggen om dit zo maar af te dwingen. De Elzas heeft er trouwens 70 jaar over gedaan om dit te bekomen. Maar dit is inderdaad het voornaamste streven van de Frans-Vlaamse verenigingen inzake taal.’

De oplossing, zoals in de Elzas, is te eisen dat het Nederlands als regionale taal wordt erkend naast en met de Frans-Vlaamse streektaal. Bovendien dient men ook voor het Nederlands de status van zogenaamde taal van regionaal belang (langue d’intérêt régional) te bekomen. De taal van de buren is cultureel en economisch van strategisch belang voor een betere samenwerking tussen beide regio’s.’

Vlaanderen

Al gesproken met de Vlaamse regering over deze plannen?

‘Spijtig genoeg is Vlaanderen zo goed als afwezig in de strijd voor erkenning van het Nederlands als regionale taal, op het politiek niveau van de regio Hauts-de-France. De Taalunie duikt alleen maar op in onderwijsmiddens. Blijkbaar is men in Brussel en Den Haag vergeten dat de streek ooit een dialect van het Nederlands sprak en dat de inzet voor de redding van het Frans-Vlaams een eigen leven is gaan leiden en een brug kan maken met het Nederlands.’

‘Het is dit dossier, politiek gesteund door de voorzitter  van de Hauts-de-France, dat geleid heeft tot de erkenning  van het Frans-Vlaams als regionale taal. En het is deze trein die de Vlaamse regering en de Taalunie compleet hebben gemist.’

Kan Vlaanderen helpen?

‘De Vlaamse regering zou permanent moeten lobbyen op het niveau van de raad van de Hauts-de-France. Maar het blijft bij oppervlakkige en zeldzame contacten. Dat terwijl er zo veel te doen is en niet alleen op cultureel gebied. Ook alle Vlaamse instanties in de grensstreek, of het nu gaat om  werkgelegenheid of over  toerisme, moeten er over waken dat ze geen foute boodschappen richting Frans-Vlaanderen verspreiden. En dat loopt wel eens mis.’

‘Niet het West-Vlaams maar het Nederlands is de taal van de bedrijven, van het onderwijs, van de kranten, van de horeca, enzovoort. Ruten ’98 was een leuk programma op televisie, maar zal de Frans-Vlamingen niet echt helpen om aan een baan te geraken in Vlaanderen.’

* Jan Vanhille is niet zijn echte naam. Op verzoek van de betrokkene gebruiken we een pseudoniem.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Wido Bourel

Wido Bourel (1955) is Frans-Vlaming, publicist en promotor van de Nederlandse taal en cultuur in zijn geboortestreek.