JavaScript is required for this website to work.

Im Westen nichts Neues: de moeder aller anti-oorlogsromans

Karel Deburchgrave10/3/2023Leestijd 5 minuten
TitelIm Westen nichts Neues
RegisseurEdward Berger
In de zalen vanaf2022
Onze beoordeling

De derde en Duitse versie van de belangrijkste anti-oorlogsroman aller tijden! Im Westen nichts Neues wil het Duitse perspectief tonen.

Foto’s en filmbeelden bepalen onze perceptie van de Amerikaanse burgeroorlog, de Eerste Wereldoorlog, de Tweede Wereldoorlog, de Vietnamoorlog en de oorlog in Oekraïne. We zien de doden van Antietam (1862), de Diksmuidse Dodengang (1915), de jongen in het Getto van Warschau (1943), het napalmmeisje (1972) en de kapotgeschoten flats in Oekraïne (2021).

Geen enkele film heeft dermate de gruweliconografie van de ‘Groote Oorlog’ bepaald als All quiet on the Western Front (1930) van de Amerikaanse regisseur Lewis Milestone: de modderloopgraven, de gasaanvallen, de verhakkelde soldatenlichamen en de dode paarden. Bijna dertig jaar later zou Stanley Kubrick met Paths of glory (1957) een gelijkaardig horrorbeeld ophangen met een uiterst delicaat onderwerp, dat men in Frankrijk liefst in de doofpot wou stoppen: zo’n 600 Franse soldaten werden geëxecuteerd omdat ze bevelen weigerden uit te voeren.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog maken die loopgraven plaats voor concentratiekampen met douchecabines en rokende schoorstenen, waar blaffende herdershonden uitgemergelde gevangenen bewaken. En het was Albert Einstein die beweerde dat hij geen idee had van wat ze in de volgende wereldoorlog zouden gebruiken, maar dat de vierde alleszins zou worden uitgevochten met stenen.

Anti-oorlogsfilm met pacifistische boodschap

Lewis Milestones All quiet on the western front is een anti-oorlogsfilm met een overduidelijk pacifistische boodschap, verbluffend realistisch en accuraat gefilmd in de Universal Studio’s en op locatie in Laguna Beach. Zonder hoera patriotisme, zonder onversaagde strijders, maar met de onervaren studenten Paul Bäumer en vrienden Kropp, Müller, Tjaden, Westhus en Kemmerich, door hun leraar Kantorek opgezweept met slogans als ‘Für Kaiser, Gott und Vaterland’.

Toch hebben die jonge soldaten aan het front al snel instinctief door dat oorlogen niet gewonnen worden door te sterven voor het vaderland, maar door ervoor te zorgen dat de vijand voor het zijne sterft. Dat inzicht, dat ze vooral voor zichzelf moeten zorgen, krijgen ze van hun oudere pelotonleider Stanislaus Katczinsky. De ervaren Kat is een mentor en een vaderfiguur voor de groentjes, die hen vooral leert te overleven, iets waarin hij helaas jammerlijk mislukt.

De eerste versie van All quiet on the Western Front werd gemaakt in hetzelfde jaar 1930, waarin Henry King She goes to war, James Whale Journey’s end, Howard Hawks The dawn patrol en Howard Hughes Hell’s angels maakten. Dezelfde manier waarop later John Wayne en Audie Murphy, met 28 medailles de meest gedecoreerde soldaat, heldenmoed in de Tweede Wereldoorlog zouden idealiseren.

Het ultieme anti-oorlogsboek

De reden waarom Milestones film van 1930 beschouwd wordt als de moeder aller anti-oorlogsfilms en zo een blauwdruk voor alle andere, is omwille van het scenario, gebaseerd op Erich Maria Remarques bestseller Im Westen nichts Neues gepubliceerd in 1929. De titel is ironisch en sarcastisch en slaat op de dag waarop het hoofdpersonage Paul Bäumer als laatste van de groep kort voor het einde van de oorlog, tijdens een tijdelijk staakt-het-vuren, door een Franse soldaat wordt neergeschoten. Totaal onbelangrijk voor de Duitse frontnieuwsmelding, niet eens de moeite om in het dagelijks legercommuniqué te worden opgenomen, dat die dag berichtte dat er van het westfront geen nieuws te melden was.

Heeft Remarque zich laten inspireren door de dood van Engelands beroemdste ‘War Poet’, Wilfred Owen (1893 – Frankrijk, 4 november 1918)? Owen sneuvelde een week voor het tekenen van de wapenstilstand. Zijn moeder ontving het bericht van zijn dood op 11 november 1918. Eigenlijk is Im Westen nichts Neues een Bildungsroman met Paul Bäumer als hoofdpersoon over de verschrikking én de kameraadschap in de loopgraven.

Remarque

Remarque (1898 – 1970) zelf ging in 1916 vechten aan het Westelijk Front en raakte verscheidene keren gewond. Nadat hij in 1917 in België door een shrapnelgranaat was geraakt, verbleef hij tot het eind van de oorlog in een Duits militair hospitaal waar hij luisterde naar de gruwelverhalen van de zwaargewonde soldaten, onder wie heel wat gifgasslachtoffers en ‘sans-gueules’, de ‘smoellozen’. Dertien jaar later, in 1929, was er het boek. Ter vergelijking: Kurt Vonnegut schreef zijn Slaughterhouse V twintig jaar nadat hij de bombardementen op Dresden had meegemaakt als krijgsgevangene.

Vonnegut vond dat hij evengoed een anti-gletsjer boek had kunnen schrijven, want net zoals oorlogen komen die toch altijd terug. Toen toch nog! Remarque was niet zo defaitistisch want zijn motto luidt: ‘Dieses Buch soll weder eine Anklage noch ein Bekenntnis sein. Es soll nur den Versuch machen, uber eine Generation zu berichten, die vom Kriege zerstört wurde.’ Hij wou dus enkel aantonen hoe een generatie een leven lang getekend werd door de totaal zinloze uitmoording van jonge mensen.

Brandstapel

Maar zo zag propagandaminister Joseph Goebbels het niet: de eer van Duitse soldaten en hun glorieuze strijd werd bezoedeld. De heldenmoed en opofferingsbereidheid van de Duitse frontsoldaat waren nergens te bespeuren en toen op 4 december 1930 de verfilming van de Amerikaan Lewis Milestone in Berlijn in première ging, zagen de nazi’s de film als een buitenlandse parodie op het Duitse leger.

Goebbels wou de Duitse cultuur zuiveren en boeken die strijdig waren met de ‘Duitse geest’ verbannen. Op 10 mei 1933 vonden op de Bebelplatz in Berlijn en 33 andere steden openbare boekverbrandingen plaats van Remarques boek samen met 25.000 andere ‘ontaarde’ en ‘on-Duitse’ werken van Freud, Tucholsky, Kafka, Musil, Mann, London, Hemingway, Dos Passos, Sinclair, Zweig en Schnitzler.

Remarque werd tot verrader van het vaderland uitgeroepen, zijn Duitse staatsburgerschap werd hem ontnomen en hij emigreerde eerst naar Zwitserland en later naar de Verenigde Staten, waar hij in 1947 de Amerikaanse nationaliteit kreeg. In 1979 kwam er een tweede, ook oerdegelijke verfilming van zijn nu internationaal bekende roman, geregisseerd door de Amerikaanse regisseur Delbert Mann met Richard Thomas als Paul Bäumer en Ernest Borgnine als Kat. Sir Ian Holm vertolkt de rol van de laffe, sadistische Himmelstoß, die toch een lintje voor heldenmoed krijgt.

Alleen de doden hebben het einde van oorlogen gezien

En dan nu de derde en eindelijk Duitse versie van de belangrijkste anti-oorlogsroman aller tijden!  Geregisseerd door Edward Berger tracht Im Westen nichts Neues het Duitse perspectief te tonen in een bijzonder sterke beginsequens rond ene brave Heinrich. Die voert in de loopgraven blind de zinloze bevelen uit en, wat dacht je, valt vrij snel op het slagveld van (on)eer, naast de vele anderen.

Maar een verspilling is het niet, want hun botten en uniformen worden samen met hun identiteitsplaatjes vakkundig gerecycleerd en doorgegeven aan een verse lading kanonnenvoer: Paul Bäumer (Felix Kammerer) en zijn naïeve schoolkameraden. Net zoals in de twee Amerikaanse verfilmingen, is de romantiek van een oorlog onbestaand. Wel het troosteloze leven in de loopgraven met aanhoudende bombardementen, ratten, slechte voeding en verschrikkelijke verwondingen door de alles verplettende Franse stalen monstertanks.

Traumatische ervaringen

Voor de Duitse rekruten geen heroïsche eindzege, wel enorm traumatische ervaringen. Regisseur Edward Berger concentreert zich op sterfscènes, langdurig en gedetailleerd in beeld gebracht, zoals die waarbij Paul Bäumer in een granaattrechter een Franse soldaat met zijn mes doodt en vervolgens belooft een brief naar zijn vrouw te zullen schrijven. Een thema dat zowel Ernst Lubitsch met Broken lullaby (1932) als François Ozon met Frantz (2016) inspireerde.

Nieuw in deze verfilming zijn de treinwagononderhandelingen, waarbij op 11 november 1918 om vijf uur in de ochtend de Duitse capitulatie ondertekend werd in het Bos van Compiègne, tachtig kilometer ten noorden van Parijs. De Duitse politicus Matthias Erzberger (Daniel Brühl) krijgt van de Franse maarschalk Foch een onredelijk dictaat voorgelegd dat hij geacht werd te tekenen. Het verschil tussen de hongerige frontsoldaten en de goed doorvoede oude militaire adel is opvallend en de kiemen voor de Tweede Wereldoorlog zijn gezaaid.

Oekraïense loopgraven

Met een Derde Wereldoorlog mogelijk in het verschiet lijkt het me interessant Ieper nog eens te bezoeken. Niet tijdens een officiële plechtigheid waar militaire bands defileren voor machthebbers die de duizenden jongens de dood hebben ingejaagd. Maar door aan de hand van de brieven die de jonge soldaten naar huis schreven even te reflecteren bij hun graven.

Je mag eventueel ook In Flanders fields van de Canadese legerarts John McCrae’s voorlezen, maar dan wel alleen de eerste strofe. De tweede is immers niet weinig oorlogszuchtig door ons te vragen: ‘Take up our quarrel with the foe‘. Neem de wapens op tegen de vijand, want anders kunnen de doden niet slapen.

Voor de Paul Bäumers aan het Oekraïense front, waar loopgraven terug ‘in’ zijn, is Remarques boodschap meer dan ooit cruciaal. Ook die van Bertolt Brecht: ‘Schrijvers kunnen niet zo snel schrijven als regeringen oorlogen maken; dit is omdat schrijven nadenken vereist.’

Karel Deburchgrave is filmrecensent en was voorzitter van het filmtijdschrift Filmmagie. Hij is de auteur van 'Shakespeare in scène' gezet en filmdocent in diverse filmmusea en cultuurcentra in Vlaanderen en Nederland. Hij studeerde Germaanse filologie (UFSIA en KU Leuven) en is Fulbright alumnus van de Universiteit in Minneapolis-St. Paul.

Commentaren en reacties