Forum
Stemplicht maakt politici lui
Ignace Vandewalle: ‘Het stemrecht zou politici moeten activeren en terugbrengen naar de Dorpstraat om de politiek opnieuw aantrekkelijk te maken.’
—

Ignace Vandewalle (1966) was kabinetsmedewerker van Marc Verwilghen en Vincent Van Quickenborne, en parlementair medewerker van Boudewijn Bouckaert en Jean-Marie Dedecker. Hij is auteur van de boeken: 'De Illegale Ghelamco Arena', 'De Valse Profeet' en 'Onbestraft Politiegeweld'. Hij schreef 7 boeken als ghostwriter en 4 onder pseudoniem. Sinds 2014 is hij zaakvoerder van het onafhankelijk politiek adviesbureau en uitgeverij BFELT.
De soms moeilijke coalitiebesprekingen van de voorbije twee maanden deden de meest recente wijziging van het Decreet Lokaal Bestuur opnieuw losbarsten. Verscheidene elementen blijven ter discussie staan: de stemmenkampioen als burgemeester, het in de tijd beperkte initiatiefrecht, de volmachtenverzameling en de afschaffing van de stemplicht. Dat laatste staat centraal in de discussie.
Opvallend was dat elke politicus of politieke partij die op 13 oktober verloor, onvoldoende won of op een status quo eindigde, om uiteenlopende redenen de afschaffing van de stemplicht als oorzaak aanwees.
Jean-Marie Dedecker (LDD) stelde dat tevreden kiezers thuisbleven en dat dit hem zijn absolute meerderheid kostte. Jos D’Haese (PVDA) beweerde dat hij niet de grootste partij in Antwerpen werd omdat Belgen van vreemde origine, niet-EU-burgers en kansarmen niet kwamen opdagen.
Vlaams Belang en CD&V stemden vóór de afschaffing van de stemplicht, maar Tom Van Grieken (Vlaams Belang) weet het uitblijven van zijn grote doorbraak aan het stilzitten van jongere kiezers. Hilde Crevits (CD&V) klaagde dan weer dat veel mensen uit de zorgsector geen volmacht kregen, ook door de afschaffing van de stemplicht.
Hardnekkige mythe
Het is een hardnekkige mythe dat er in België hard werd gestreden voor de stemplícht. Die werd in 1893 maar ingevoerd omdat werd gevreesd dat arbeiders niet zouden gaan stemmen. De herhaaldelijke strijd, uitgevochten in 1893, 1921 en 1948, die België van het cijnskiesstelsel naar de algemeen enkelvoudige stemplicht bracht, draaide uitsluitend om het récht om te stemmen. Er werd gevochten – je mag dit letterlijk nemen – voor stemrecht. Veel burgers lieten daarvoor het leven.
Het vertrouwen in de politiek, politici en politieke partijen ligt historisch laag. De betrokkenheid van burgers en hun maatschappelijk en politiek engagement zit beneden het vriespunt en blijft dalen. Hoeveel mensen zijn écht politiek betrokken? Hoeveel burgers verdiepen zich actief in de plannen van hun gemeentebestuur, kennen de nuances van de verschillende partijen of de standpunten van de kandidaten? De stemplicht droeg bij aan deze onwetendheid. Politici hoefden immers geen inspanningen te leveren om de kloof met de burger te dichten, de kiezer was toch verplicht om te stemmen.
Het stemrecht zou politici moeten activeren, hen uit hun pluchen zetels en democratische paleizen halen en terugbrengen naar de Dorpstraat om de politiek opnieuw aantrekkelijk te maken
Het stemrecht zou politici moeten activeren, hen uit hun pluchen zetels en democratische paleizen halen en terugbrengen naar de Dorpstraat om de politiek opnieuw aantrekkelijk te maken. De wetgevers moeten hun politieke augiasstal uitmesten en besturen toegankelijker en begrijpelijker maken.
Politici moeten kiezers niet dwingen tot een stem, maar hen bewegen om te stemmen. Dat kan door meer transparantie, betere politieke communicatie en een breder aanbod van kandidaten die echt een verschil maken op lokaal en provinciaal niveau. Geen lijsten gevuld met afgevaardigden vanuit het Brusselse partijpatrimonium, maar met mensen die dicht bij de burger staan.
Verbreding van het stemrecht
Het ontbreekt het Vlaams systeem van stemrecht aan een brede mogelijkheid tot stemmen. Bij de invoering van het stemrecht hadden politici de kans moeten grijpen om kiezers gemakkelijker toegang te geven tot de stembus.
Dat kan bijvoorbeeld door stemlokalen op toegankelijkere locaties te plaatsen, zoals in Nederland, of door stemmen over meerdere dagen mogelijk te maken, zoals in Italië, Tsjechië, Canada en Nieuw-Zeeland. Ook stemmen per post, zoals in de Verenigde Staten, Australië en het Verenigd Koninkrijk, of digitaal stemmen, zoals in Estland, Zwitserland en Noorwegen, hadden opties kunnen zijn.
Zodra de verbreding van het stemrecht een feit is, kan je trouwens de corruptiegevoelige volmachtenverzameling naar de vergeetput verbannen.
Plicht, maar geen verplichting
Stemmen moet een morele plicht zijn, geen verplichting. Net zoals ik niet gedwongen moet worden om mijn kinderen correct op te voeden, mijn gepensioneerde buurvrouw te helpen bij haar boodschappen, iemand met een handicap de trap op te helpen of mijn vrouw te helpen bij het huishouden. De vrije keuze heft de morele plicht niet op, maar dwang wel de vrijheid. Vrijheid om te kiezen is essentieel, want ons leven is een aaneenschakeling van keuzes. Hoe meer keuzes we vrij kunnen maken, hoe groter onze voldoening en geluk.
Het is duidelijk dat de afschaffing van de stemplicht de Belgische democratie op scherp zet. Het is nu aan de politiek om deze nieuwe realiteit te omarmen en te zorgen voor een systeem waarin burgers zich betrokken en vertegenwoordigd voelen, ook al zijn ze niet langer verplicht te stemmen. Dat kan een stap zijn naar een modernere, bewustere democratie. Een nieuwe politieke cultuur.
| Categorieën |
|---|
| Tags |
|---|
| Personen |
|---|

Ignace Vandewalle (1966) was kabinetsmedewerker van Marc Verwilghen en Vincent Van Quickenborne, en parlementair medewerker van Boudewijn Bouckaert en Jean-Marie Dedecker. Hij is auteur van de boeken: 'De Illegale Ghelamco Arena', 'De Valse Profeet' en 'Onbestraft Politiegeweld'. Hij schreef 7 boeken als ghostwriter en 4 onder pseudoniem. Sinds 2014 is hij zaakvoerder van het onafhankelijk politiek adviesbureau en uitgeverij BFELT.
Ignace Vandewalle: ‘Socialisten en christendemocraten handelen niet in het algemeen belang, maar uit syndicaal belang’
Nergens in Europa is het met de natuur slechter gesteld dan bij ons, klinkt het geregeld. Dat we ook het duurste natuurbeleid van Europa hebben wordt zedig verzwegen.






