fbpx


Geen categorie

Bondgenoot of traditionele machtspartij?




We hebben sinds bijna negen maanden een nieuwe Vlaamse en sinds zes maanden een nieuwe federale regering. Men verwees op het federale niveau de PS – eindelijk – naar de oppositie en men sloot zogenaamde communautaire vrede: er zou vijf jaar lang niet over een nieuwe staatshervorming of andere institutionele hervormingen gesproken worden. Neen, niemand zou deze nieuwe regeringen stokken in de wielen steken. Men zou de Vlaming eindelijk geven waar die om gevraagd had, namelijk ‘centrumrechtse’ eensgezinde regeringen.

Intussen blijft er van dat ideaalbeeld van hechte, kameraadschappelijke, daadkrachtige regeringen niets meer overeind. Er gaat geen week voorbij of de regeringspartijen – met in de hoofdrol de vroegere kartelpartners CD&V en N-VA – rollen vechtend over de straat.

En dus moet het Vlaams Belang deze archislechte regeringen bestrijden. En dus moeten wij ook de grootste Vlaamse partij in die regeringen bestrijden, met name de N-VA. En daarover worden binnen de Vlaamse Beweging al eens vragen gesteld. De N-VA zou voor het Vlaams Belang – volgens sommigen – toch een bondgenoot moeten zijn?

Het is na elf jaar in de Vlaamse regering en intussen een half jaar in de federale regering nochtans duidelijk waarom de N-VA niet meer of niet minder een bondgenoot van het Vlaams Belang is dan CD&V of VLD.

Eerst en vooral is Belgische regeringsdeelname voor een Vlaams-nationale partij zo onnatuurlijk als een iglo bouwen in de woestijn. Belgische regeringsdeelname is voor een Vlaams-nationale partij een contradictio in terminis: men aanvaardt daarmee immers de regisseursrol van het Belgische niveau en de totale ondergeschiktheid van de deelstaten in het systeem. Met andere woorden: Vlaanderen wikt, maar België beschikt.

Men aanvaardt het Belgische feit en de Belgische onevenwichten ten nadele van de Vlamingen, zoals de grendelgrondwet, de pariteit in de ministerraad, dubbele meerderheden, alarmbellen, miljardentransfers, en dergelijke meer.

De N-VA zegt: ja, maar er zat nu niet méér in, want de andere partijen wilden niet mee. Is dat werkelijk zo? Dat is alleen zo als men machtsdeelname omwille van de machtsdeelname vooropstelt. Men had nochtans federaal voor de oppositie kunnen kiezen en van daaruit het falen van het Belgische systeem en de nood aan onafhankelijkheid een flinke duw kunnen geven.

De N-VA had voor de spanning tussen het Vlaamse en het federale niveau kunnen kiezen door op Vlaams niveau voluit te gaan, maar ze heeft gekozen voor de onderwerping van het Vlaamse aan het federale niveau. De machtshonger bleek sterker dan het geloof in en de trouw aan de Vlaams-nationale principes.

Communautair staan we in elk geval verder weg dan ooit, met als paradox dat het Vlaams-nationalisme nog nooit eerder zo goed vertegenwoordigd was: de N-VA is de grootste partij, heeft belangrijke ministerposten en levert zelfs de Vlaamse minister-president. Maar met al die macht en al die ministerposten kiest ze er niettemin voor om mooi in de Belgische pas te blijven lopen.

Wat we vandaag zien, is de totale abdicatie van de N-VA in de Vlaamse strijd. Nooit hebben partijpolitieke Vlaams-nationalisten zoveel electorale macht gekregen; nooit hebben ze die macht op zo grote schaal vrijwillig afgegeven. Waardoor zich de vraag opdringt: is een Vlaams-nationale partij die ophoudt Vlaams-nationaal te handelen nog wel die naam waard?

Bovendien bracht de N-VA – vóór de verkiezingen reeds – het onafhankelijkheidsstreven veel schade toe met haar pleidooi voor confederalisme. Het elan van de onafhankelijkheidsbeweging werd hierdoor deels gebroken en de focus van de Vlaamse strijd werd erdoor verschoven naar een volstrekt overbodig, onduidelijk en onrealistisch confederalisme.

Door het streven naar onafhankelijkheid voortdurend voor te stellen als ‘revolutionair’, heeft de N-VA deze beweging bovendien in diskrediet gebracht bij een ruimer publiek. Met haar keuze voor ‘evolutie’ in plaats van zogenaamde ‘revolutie’ doet de partij de Vlaamse ontvoogdingsstrijd opnieuw veel tijd verliezen en wordt deze voor jaren achteruitgeslagen.

En ja, ook met de N-VA in de federale en Vlaamse regering worden de transfers van Vlaanderen naar Wallonië en Brussel opnieuw met vijf jaar bestendigd. Daardoor verdwijnt dus, ruw geschat, opnieuw 30 miljard euro Vlaams geld uit Vlaamse handen. Met de interestlasten erbij gerekend spreken we zelfs van het dubbele.

De vraag of het Vlaams Belang wel oppositie moet voeren tegen de N-VA als regeringspartij is dus overbodig: het is de verdomde plicht van een Vlaams-nationalistische oppositiepartij om élke regering en élke regeringspartij te bestrijden die flagrant weigeren de Vlaamse belangen te verdedigen.

Foto (c) Reporters


Chris Janssens is fractieleider van de Vlaams Belang-fractie in het Vlaams parlement.

twitter: @chrisjanssensVB

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

[ARForms id=103]

Chris Janssens

Chris Janssens is fractievoorzitter van het Vlaams Belang in het Vlaams Parlement.