Cultuur
auteursrecht

Een gedachtewisseling met Etienne Vermeersch over nalatenschap

Deel II van het profitariaat van de erven

WAT MET EEN TEKSTUELE NALATENSCHAP?

Naar aanleiding van mijn artikel Het profitariaat van de erven stuurde professor emeritus Etienne Vermeersch een e-mail die me dieper deed ingaan op de materie, het probleem. Waarna een lang telefonisch gesprek volgde, waarin professor Vermeersch zich o.m. afvroeg [een retorische vraag, want hij weet uiteraard het antwoord] wat er met de correspondentie, die vaak zeer vertrouwelijk is, moet gebeuren na zijn overlijden. Met toestemming van de vraagsteller mag de briefwisseling, en wat tijdens het telefoongesprek op ‘het probleem’ sloeg, openbaar gemaakt worden.


Beste Guido,

In de marge van uw standpunt, stelt zich de vraag in welke mate een auteur kan beslissen over wat er met zijn tekstuele nalatenschap gebeurt. Stel dat men teksten van vroeger vindt die ik niet gepubliceerd heb, omdat ik ze niet goed vond. Heb ik het recht te verbieden ongepubliceerde teksten te publiceren? Heeft een schilder het recht te vragen dat bepaalde werken uit zijn atelier na zijn dood verbrand worden?

Er is voor en tegen. Ik had graag jouw mening.


Geachte professor,

Zeer gewaardeerde vriend,

Dag Etienne,

Jouw vraag brengt Socrates in herinnering en zijn typische wijze om in gesprek te gaan.

Liberaal vs. communistisch

Het antwoord op de eerste vraag is vrij simpel. Naar mijn overtuiging behoort ‘de tekstuele nalatenschap’ de maatschappij toe. Aangezien deze onder de bevoegdheid van een systeem valt, is dat het land van dat systeem. Nu blijven er, dacht ik, maar twee systemen over, het communistische en het liberale. In de communistische landen is dat probleem van het erfrecht niet aan de orde, aangezien de staat eigenaar is van geestelijke en materiële zaken. Voor de liberale ligt de zaak ingewikkelder, althans ze hebben het ingewikkeld gemaakt met hun wetten over auteurs- en erfrecht. Nu vind ik dat het communistische systeem ook zijn voordelen heeft. Het socialistische systeem is een afgeleide van het communistische. Het heeft getracht de sociaal morele voordelen ervan over te nemen en dat in het liberale te laten overgaan, wat ten dele gelukt is [einde 19de eeuw].

Het liberale systeem echter heeft echter veel van zijn pluimen verloren door het oprukkend kapitalisme [eerste helft 20ste eeuw]. Bovendien is het liberale systeem een systeem dat kwaad met goed tracht te verzoenen. Wat mijn inziens onmogelijk is. Die gedachte – in het mainstream ervan de wens – vind ik dwaas. De gulden middenweg is de lelijkste en de meest kaduke weg die er bestaat. Die moet dus vermeden worden. Wil men dus niet in een moeilijke situatie verzeild raken, moet een keuze gemaakt worden.

Kapitalisme

De politici hebben vanuit de Verlichting getracht een liberaal systeem op te bouwen met een middenweg die niet lelijk of in slechte staat is. Het resultaat heet democratie. Helaas is de democratie een zwak systeem. Al vrij vlug bleek dat de democratische orde zich heeft laten vloeren door het kapitalisme, dat door de overname van de macht een systeem geworden is. Het is zelfs het communistisch systeem binnengedrongen. China is het beste voorbeeld. Zuiver communistisch is de Chinese politiek niet meer en het zal er niet op verbeteren.

Was er onder streng communistisch bewind geen sprake van erf- of auteursrecht, de laatste jaren zie je dat het tij aan het keren is. Eigendom van welke aard ook mag overgaan van ‘vader op zoon’ en erfenissen worden gedoogd. Dat zal voor heel wat problemen zorgen, eigenlijk is het zo dat de problemen van erf- en auteursrecht wereldwijd zullen worden. Het zal zelfs complexer worden omdat de landen met een communistisch kapitalisme hun eigen wetten zullen uitvaardigen [en dat al aan het doen zijn].

Erf-en auteursrecht in de wereld

Naar mijn overtuiging is de enige oplossing van het probleem het erf- en auteursrecht over te dragen aan de wereldregering. Eenmaal onder de vleugels van de UNO moet het overgedragen worden aan de culturele afdeling, de UNESCO. Aangezien een aantal nepcommunistische landen al lid zijn van de UNO, lijkt het meest logische dat die wereldregering de gevarieerde wetten omtrent erf- en auteursrecht ontdoet van zijn variaties en kiest voor een duidelijke koers, één wet en één orde. Daarmee is het probleem van de ‘tekstuele nalatenschap’ ook van de baan. Erfgenamen kunnen dan geen censuur meer plegen, zoals dat gebeurd is, om een voorbeeld te noemen, met het dagboek van Anne Frank. Wat vader Frank niet aanstond heeft hij geschrapt. Het heeft heel wat jaren geduurd maar gelukkig is er een compromis bereikt en is het boek in zijn oorspronkelijke staat hersteld.

Er is echter een tweede aspect en die kaart jij aan in het vervolg van jouw vraag om verduidelijking. Het recht op het verbieden van ongepubliceerde teksten na je dood, is, meen ik je volste recht, maar moet dat verbod gerespecteerd worden?

Recht en dood

Binnen mijn opinie vervalt elk recht bij de dood. De wetenschap heeft ook zijn rechten, ten bate van de geschiedenis. Hoe vaak is het niet gebleken dat we schrijvers of kunstenaars pas begrijpen, dat ze zelfs wereldvermaard worden, niet door hun prestaties maar door wat in de schaduw ervan ligt. Het mooiste voorbeeld is Franz Kafka. Had zijn testamentair-executeur, Max Brod, zijn eis om vernietiging van al zijn geschriften gerespecteerd, zouden heel wat romans nooit verschenen zijn. Het negeren van de eis is mede ingegeven door de geestelijke en lichamelijke toestand van Kafka. Hij had een moeilijke jeugd – een slechte relatie met zijn vader zowel als met zijn moeder, was extreem fijngevoelig en dus zeer kwetsbaar, had een problematische verhouding met vrouwen, een asociaal karakter, ziektevrees en gedurende jaren TBC, waar hij tenslotte aan bezweek. Naar eigen zeggen was schrijven ‘een vreselijke bezigheid … de bevroren zee in ons  … die met een bijl moest worden opengehakt.’

Is het niet logisch, zeer geachte professor en waarde vriend dat de eis van zulke verstoord iemand moet worden genegeerd. Max Brod was Kafka’s beste vriend maar vond zijn werk voor de geschiedenis belangrijker dan zijn leven.

Nog dit over Franz Kafka, omdat het slaat op de tekstuele nalatenschap. Max Brod heeft de onvoltooide romans – zowel het verhaal als de afwerking – gefatsoeneerd, m.a.w. hij heeft zich verheven tot eindredacteur. De Engelsman Malcolm Pasley heeft dat werk overgedaan, wat heel wat discussie met zich meebracht. Ook vermeende erfgenamen moeiden er zich mee, tot een Israëlische rechter in 2012 vonniste dat alle resterende documenten moesten worden overgedragen aan het archief van de Nationale Bibliotheek. Israël beschouwt de erfenis als cultureel erfgoed.

Marginale teksten

Maar goed, terug naar jouw uitgaanspunt: het recht op het verbieden van ongepubliceerde teksten. Sommige van je geschriften heb je niet goed, of onvoldoende goed gevonden voor publicatie. Is die mening niet ingegeven door een al te nauwe band ermee? Is het niet mogelijk dat je sommige van die teksten op een bepaald moment, als je er voldoende afstand van hebt genomen, toch zou publiceren, al dan niet herwerkt?

Daarenboven blijkt dat sommige auteurs, kunstenaars en hun werken pas ten volle worden begrepen door die ‘marginale’ teksten. De brieven van Vincent van Gogh aan zijn broer hebben bijgedragen aan de internationale doorbraak van de schilder uit Zundert. Wat meer is, de invloed van die brieven heeft gemaakt dat de wetenschappelijke kunstwereld anders is gaan kijken en redeneren. Wat ten goede gekomen is aan de kunstenaars die na Van Gogh kwamen.

Tot slot. Ludwig Wittgenstein heeft zijn leerlingen verboden zijn lessen – ideeën en stellingen over de waarde van de taal – te noteren. Ze deden het toch [en hij wist het] en welke invloed heeft hun beslissing niet gehad op zowel de gesproken als de geschreven taal als communicatiemiddel?

Deleten

Ik vrees dus, zeer gewaardeerde vriend, dat als mijn mening over deze kwestie gemeengoed wordt en door de UNO in wetten omgezet, dat je wat je ook beslist, geen recht van spreken meer hebt over je wetenschappelijke of literaire nalatenschap na je dood, maar zelfs niet vóór je overlijden. Er is maar één oplossing als je bepaalde correspondentie of werken niet gepubliceerd wilt zien. In den beginne was er boekverbranding, nadien de papierversnipperaar en tegenwoordig heb je de knop ‘deleten’.

Al bestaat, dacht ik, een betere oplossing. Of de erfgenaam nu een uitbuiter of de staat is, de openbaarmaking van briefwisseling kan bijvoorbeeld pas geschieden na 50 jaar. Omdat briefwisseling persoonlijk is – naar één mens gericht of voor hem bestemd – en  niet zoals literatuur en kunstwerken in wezen geschreven en gemaakt worden voor Urbi et orbi.

Je zal het niet geheel met me eens zijn. Eigenlijk hoop ik dat. Want pas door verdere verdieping komen we tot de essentie.
Dit leidt automatisch tot een oplossing, een vergelijk. Ter waarde van de inzichten van mensen als Galileo Gallilei, Nicolaas Copernicus en Charles Darwin, waar zelfs de pausen de duimen moesten voor leggen.

Heer professor, leerling van Socrates, ik ben blij dat je mij de vraag hebt gesteld. Zo ga ik dieper in op wat de waarde is van mijn overtuiging. En daar leven toch filosofen, dichters, kluizenaars en zwervers van. Verzorg je, wees voorzichtig en ik zend je bij deze een koffer met vriendschappelijke groeten.

Tot spoedig.

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans