Advertentie
Geschiedenis
onafhankelijkheid

De Declaration of Independence en het Plakkaat van Verlatinghe: sleutelteksten voor onze democratie

Vooruitblikken in het verleden

Woensdag zal er weer heel wat vuurwerk worden afgestoken in de Verenigde Staten. Het zal die dag 242 jaar geleden zijn dat op 4 juli 1776 12 van de 13 Britse kolonies in Noord-Amerika de door Thomas Jefferson opgestelde Declaration of Independence goedkeurden. Dat was het voorlopige culminatiepunt van een al enkele jaren aanslepend conflict tussen Groot-Brittannië en de Britse kolonies aan de Noord-Amerikaanse oostkust. En dat was grotendeels het gevolg van de Zevenjarige Oorlog van 1756 tot 1763 die de Britse staat bijna bankroet maakte. Het Britse parlement trachtte de kosten op de kolonies af te wentelen, wat gemakkelijk ging want die waren niet vertegenwoordigd. En net dat pikte men in Noord-Amerika niet langer. Na de Boston Tea Party en de Britse Coercive Acts als reactie daarop start een escalatie die uitloopt in de eerste gevechten van de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog in 1775. Velen hoopten op een ingrijpen van koning George, maar toen die dit koudweg beantwoordde met de Proclamation of Rebellion sloegen de kolonies uiteindelijk de weg richting onafhankelijkheid in, die resulteerde in de Declaration of Independence.

Er is veel geschreven over de bronnen die Jefferson gebruikte om de Declaration op te stellen. Hoewel een politiek en literair meesterwerkje, was het niet zijn bedoeling een creatieve en originele tekst neer te schrijven, maar wel eentje die verwees naar een constitutionele traditie. Hij baseerde zich onder meer op het voorwoord tot de grondwet van Virginia. Die tekst had hij zelf geschreven. Verder baseerde hij zich op de Virginia Bill of Rights en op de Britse Bill of Rights die in 1689 een einde had gemaakt aan de regering van Koning James II.

Plakkaat van Verlatinghe

Een aantal historici hebben ook nog naar een andere mogelijke bron verwezen, met name het Plakkaat van Verlatinghe, waarmee de opstandige Nederlanden op 26 juli 1581 de Spaanse koning van zijn macht in de Nederlanden vervallen verklaarden. Of deze tekst Jefferson effectief inspireerde is moeilijk te zeggen. Het is niet uitgesloten dat hij ooit op één of andere manier van de tekst kennis nam. Zelf verwijst hij er nergens naar, en de raakpunten van een tekst uit de 16de eeuwse Nederlanden met de 18de eeuwse realiteit in de Amerikaanse kolonies zijn natuurlijk beperkt. De meeste Amerikaanse historici gaan er vandaag van uit dat er er geen rechtstreekse beïnvloeding was, al deelt niet iedereen die mening.

De parallellen zijn merkwaardig. Het begint al met het tijdspad. Ook in de Nederlanden is op het moment dat het Plakkaat van Verlatinghe wordt geschreven het politieke conflict geëscaleerd tot een oorlog. In beide gevallen hoopt men echter nog op een politieke regeling – tot een reactie van de vorst dit onmogelijk maakt. In de Nederlanden was dat het in de ban slaan van Willem van Oranje en zijn volgelingen in 1580, in de Amerikaanse kolonies de Proclamation of Rebellion in 1775. In de Nederlanden komt op 10 juni 1581 een eerste keer de commissie bij elkaar die op last van de Staten-Generaal een tekst moet uitwerken, in Amerika wordt op 10 juni 1776 eenzelfde commissie aangesteld. Op 1 juli 1776 stelt de commissie de tekst van Jefferson voor, op 22 juli 1581 wordt het rapport van de Nederlandse commissie een tweede maal besproken. Op 4 juli 1776 wordt de Declaration aangenomen, op 26 juli 1581.

Constitutionele traditie

Beide teksten hebben ook eenzelfde structuur. Ze starten met het formuleren van een aantal algemene uitgangspunten, geven dan een overzicht van de fouten, onrechtvaardigheden en overtredingen die de vorst heeft begaan ten opzichte van zijn loyale onderdanen, om dan te concluderen dat hij door zijn optreden van zijn rechten als vorst vervallen moet worden verklaard. Dat overzicht van fouten vind je trouwens ook in de Bill of Rights uit 1689 terug. Belangrijk is de verwijzing naar de traditionele opvatting dat een vorst bepaalde plichten heeft en aan bepaalde rechtsregels gebonden is, en dat hij, door die regels niet te volgen zijn onderdanen het volste recht geeft om tegen hem in opstand te komen. En daarbij wordt in het Plakkaat expliciet verwezen naar de vroegere, eeuwenoude constitutionele afspraken die in charters, Blijde Inkomsten, privileges en andere dergelijke documenten zijn vastgelegd, of, zoals men het verwoordt: ‘heure oude vrijheit, privilegien ende oude hercomen’. In de Declaration luidt het: ‘He has combined with others, to subject us to a jurisdiction foreign to our Constitution, and unacknowledged by our laws.’ Beide teksten schrijven zich dus in in een constitutionele traditie die zijn wortels in de middeleeuwen heeft en waaruit ons parlementair stelsel is gegroeid. Maar je ziet ook de evolutie. In het Plakkaat dient de vorst zich nog te verantwoorden ten opzichte van de Staten-Generaal, in de Declaration verwijst men duidelijk naar de soevereiniteit die bij het volk ligt. Niettemin blijven beide teksten sleutelteksten om onze democratische traditie te begrijpen.

Overigens staat er deze week een heel rijtje landen aan te schuiven om zijn onafhankelijkheid te vieren: 1 juli 1960 Somalië, 1 juli 1962 Rwanda en Burundi, 4 juli 1946 Filipijnen, 5 juli 1811 Venezuela, 5 juli 1962 Algerije, 5 juli 1975 Kaapverdië, 6 juli 1964 Malawi, 7 juli 1801 Haïti, 7 juli 1978 Salomonseilanden. Een inspirerende week…

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans