fbpx


Geschiedenis, Politiek
Prof. Dr. Bernard Lugan

Slavenhandel, de ware toedracht

Een gesprek met Afrikakenner Bernard Lugan



Monumenten besmeuren, standbeelden beschadigen of vernielen, het was deze zomer weer aan de orde van de dag. Overgewaaid uit de VS, ja, maar er zijn ook verbanden met Congo en ‘onze’ Leopold II. Aan pathos en foute voorstellingen geen gebrek. Tijd om enkele correcties aan te brengen. Luc Pauwels ging hierover in gesprek met historicus Bernard Lugan. Lugan is hoogleraar aan de Franse militaire school Saint-Cyr en expert bij het Rwandatribunaal van de VN. Hij publiceerde afgelopen maand een boek…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Monumenten besmeuren, standbeelden beschadigen of vernielen, het was deze zomer weer aan de orde van de dag. Overgewaaid uit de VS, ja, maar er zijn ook verbanden met Congo en ‘onze’ Leopold II. Aan pathos en foute voorstellingen geen gebrek. Tijd om enkele correcties aan te brengen.

Luc Pauwels ging hierover in gesprek met historicus Bernard Lugan. Lugan is hoogleraar aan de Franse militaire school Saint-Cyr en expert bij het Rwandatribunaal van de VN. Hij publiceerde afgelopen maand een boek over slavernij en slavenhandel. Dat brengt een unieke synthese van wat we over dit omstreden onderwerp weten. En moeten weten.

U schrijft weinig over de trans-Atlantische slavenhandel, van Afrika over Europa naar Noord-Amerika. En veel over de ‘andere’ slavenhandel binnen Afrika. Wat is uw bedoeling?

De historische waarheid weergeven, niet meer en niet minder. Voor Afrika onderscheiden we drie grote types van slavenhandel. De eerste was lokaal, inter-Afrikaans. Daarnaast was er de Arabisch-islamitische slavenhandel, eeuwenlang durende operaties in zes grote zones: Noord-Afrika, de kustgebieden van de Middellandse Zee, de Sahara en de Sahelregio, Egypte en de Boven-Nijl, de Rode Zee en het oosten van Congo.

Deze slavenhandel begon in de 7de eeuw en eindigde pas in de koloniale periode. Ze duurde dus meer dan duizend jaar. Ze ging vooraf aan de trans-Atlantische slavenhandel, waarin Europa betrokken was, en bleef ook langer bestaan. De derde, de trans-Atlantische die door de Europeanen was opgezet, nam een aanvang in de 16de eeuw en eindigde in het begin van de 19de eeuw.

Geen monopolie van wreedheid

Ontbreekt het niet aan authentieke, Afrikaanse beoordelingen van de slavenhandel?

‘Daar ontbreekt het zeker niet aan. De Senegalese antropoloog Tidiane N’Diaye heeft de Arabisch-islamitische slavenhandel cijfermatig ingeschat. Hij onderzocht ook hoe de Arabische slavenjagers hun slachtoffers behandelden. N’Diaye houdt ons voor, ik citeer: ‘(…) alhoewel er geen gradaties bestaan in de gruwel, noch een monopolie van de wreedheid kan men stellen, zonder gevaar zich te vergissen, dat de Arabisch-islamitische handel in zwarte slaven en de jihads uitgelokt door deze meedogenloze rovers om gevangenen te kunnen maken, voor zwart Afrika onnoemelijk veel verwoestender waren dan de trans-Atlantische slavenhandel ‘.

De Arabisch slavenjacht had het zowel op de Afrikanen bezuiden de Sahara gemunt  als op de Berbers en de Europeanen. Vanaf de 7de eeuw werden de Berberse gebieden stukje bij beetje veroverd door de Arabieren die het Berberse volk als “oorlogsbuit” beschouwden. Ze haalden er een rijke “oogst” aan slaven binnen. Die werden naar het Midden-Oosten versleept om er te worden verkocht op de slavenmarkten. Er werd vooral op Berbermeisjes gejaagd, want zoals Ibn Khaldun (1332-1406) schreef: “Hier (in de Maghreb) vindt men mooie Berberse slavinnen met honingkleurige beharing”.

Deze jacht op vrouwen en meisjes stond ook centraal in de Arabische slavenjacht die ten zuiden van de Sahara bestond. De beroemde historicus Al Bakri (1040-1094) pende in de elfde eeuw deze expliciete beschrijving neer: “Te Audoghast in de Sahel komt men jonge meisjes tegen met een mooi gelaat, een blanke huid, een soepel lichaam, strakke borsten, een slanke taille, brede schouders, een stevig achterwerk en een smalle vagina; de gelukzak die er zo eentje in zijn bezit heeft, beleeft er evenveel plezier aan als aan een maagd.”

N’Diaye is duidelijk: “De Arabisch-islamitische slavenhandel veroorzaakte een menselijk verlies dat vele malen groter was dan de trans-Atlantische slavenhandel naar Amerika. Het droevigste aspect van deze tragedie is dat de meesten van deze gedeporteerden nooit nageslacht hebben gehad, vanwege de massale castraties die de Arabieren pleegden (…)”

De meisjes vulden de harems, de jongens waren voorbestemd om “schatjes” te worden of “getransformeerd” tot eunuchen. Tidiane N’Diaye besluit: “Men schat dat de Arabieren verantwoordelijk zijn voor ongeveer 17 miljoen doden of gedeporteerden. Men moet wel erkennen dat deze Arabisch-islamitische slavenhandel een regelrechte genocide was op de zwarte bevolking door middel van bloedige razzia’s, slachtingen en grootschalige castratie.”‘

Het werk van Arabische moslims

Wat waren de grote verschillen met de trans-Atlantische slavenhandel?

‘Ik zie er zeker twee: de Europeanen namen niet deel aan de eigenlijke slavenjacht, dat was het werk van Arabische moslims. Verder betrof de Europese slavenhandel vooral mannelijke arbeidskrachten voor plantages, terwijl de Arabisch-islamitische slavenhandel “voor eigen gebruik” hoofdzakelijk gericht was op meisjes en jongetjes.’

Weten we eigenlijk wel iets over de christelijke en blanke slaven?  Weten we bijvoorbeeld hoe ver de Marokkaanse slavenjagers in Europa zijn doorgedrongen?

Gedurende elf eeuwen, van pakweg 700 tot het eerste kwart van de 19de eeuw, leidden voortdurende aanvallen op de kust door Arabisch-islamitische slavenjagers tot de slavernij van miljoenen Europeanen. Voor de periode van de 7de eeuw tot het begin van de 16de eeuw zijn geen betrouwbare globale cijfers voorhanden. De historicus Jacques Heers schat in zijn werk Les Négriers en terres d’islam (2003) hun aantal voor de jaren 1500 tot 1800 op minstens een miljoen.

Vanaf 652 ondergaat Sicilië de eerste slavenexpedities, vanaf 707 ook de Balearen. De Middellandse Zee werd “de zee van angst”.

In de 16de eeuw werden de Spaanse kusten regelmatig aangevallen. In oktober 1505 werden Alicante en Malaga bestormd en honderden inwoners ontvoerd om te worden verkocht op slavenmarkten. Een volledige lijst van deze invallen is er niet. Enkele voorbeelden maken echter de omvang ervan duidelijk. Zo werden in 1544 meer dan 7.000 Napolitanen ontvoerd. In 1554 ondergingen 6.000 inwoners van Vieste, in Apulië, hetzelfde lot en in 1556 was het de beurt aan 4.000 Spanjaarden van de Andaloesische kust.

Om hieraan een ​​einde te stellen, bezetten de Spanjaarden de belangrijkste havens aan de zuidkust van de Middellandse Zee. In 1505 nam graaf Pedro van Navarra aldus Mers el Kébir (Algerije) in. Maar vanaf 1622 kende de brutaliteit van de kapers van Salé (Marokko) geen grenzen meer: hun schepen joegen tot in het Engelse Kanaal, de Ierse Zee, de Faeröer, en zelfs de kust van Newfoundland (Canada) en… IJsland. Blonde en rosse vrouwen waren immers bijzonder in trek bij harembezitters.’

Een schandelijke rol

Was de trans-Atlantische slavenhandel dan niet belangrijker dan de Arabisch-islamitische slavenhandel?

‘De slavenhandel door Europeanen zou onmogelijk zijn geweest zonder de hulp van Afrikaanse slavenjagers. Dat waren hun toeleveranciers en partners zonder wie er geen handel zou zijn geweest. Dit is een “medeverantwoordelijkheid” die duidelijk werd benadrukt door Mathieu Kérékou, de voormalige president van Benin: “Afrikanen speelden een schandelijke rol tijdens de slavenhandel.”‘

Ook de Afrikaanse bisschoppen waren heel duidelijk over dit onderwerp: “Laten we beginnen met het erkennen van ons aandeel in de verantwoordelijkheid bij de verkoop en aankoop van de zwarte man… Onze voorvaderen maakten deel uit van de onterende geschiedenis die de slavenhandel en de zwarte slavernij was. Ze waren verkopers in de verachtelijke slavenhandel, de trans-Atlantische en de trans-Saharische” (Verklaring van de Afrikaanse bisschoppen verzameld in Gorée, Senegal, oktober 2003 — red.).

De Beninse professor Abiola Félix Iroko stelt dat de slavenhandel aanvankelijk een inter-Afrikaanse operatie was. Van het diepe binnenland tot aan de kust liepen distributienetwerken met tolgelden, belastingen en markten. Het ene deel van Afrika werd rijker door het andere te verkopen. Aan de kusten van Afrika wachtten de slavenhandelaars op hun zwarte partners die hun de slaven leverden die ze zelf hadden gevangen of van tussenpersonen gekocht.’

Is de Europese rijkdom niet te danken aan de Atlantische slavenhandel? 

‘Neen. Marxistische historici beweerden ooit dat de winsten van de slavenhandel de Europese industriële revolutie mogelijk hebben gemaakt. Wat aan Afrika werd onttrokken, zou de bron van Europa’s rijkdom zijn… Dit postulaat is onwaar omdat de slavenhandel slechts een zeer klein deel uitmaakte van de Atlantische handel van Europa. In de 18de eeuw, het hoogtepunt van de Britse koloniale handel, vertegenwoordigden slavenschepen minder dan 1,5% van de Engelse handelsvloot en minder dan 3% van zijn tonnage. Dit betekent dat de jaarlijkse bijdrage van de slavenhandel aan Engelse inkomsten gemiddeld 0,11% bedroeg.

Als industrialisering en welvaart het resultaat waren van de slavenhandel, hoe zit het dan met de industrialisering van Duitsland, Zweden, Tsjechoslowakije, Zwitserland of Rusland, landen die niet of nauwelijks hebben deelgenomen aan de slavenhandel? Als de marxistische thesis waarheid was, had de industriële revolutie in de VS moeten plaatsvinden in de zuidelijke staten, een slavenregio, en niet in de noordelijke, abolitionistische regio. De zuidelijke staten bleven echter in wezen agrarisch, en juist omdat ze hun industriële revolutie niet hadden doorgemaakt, werden ze in de Amerikaanse Burgeroorlog verslagen door het geïndustrialiseerde noorden.’

Een eenzijdige stap van Europa

Wanneer begon men eindelijk met de afschaffing van de slavernij?

‘Alle volkeren hebben slavernij beoefend, maar alleen de blanken hebben ze afgeschaft. Dat was inderdaad een eenzijdige stap van Europa, een beslissing die zijn Afrikaanse handelspartners ruïneerde.

Vroeger beweerden marxisten dat de afschaffing niet had plaatsgevonden uit moreel besef, maar omdat de suikerindustrie kwijnde en de kapitalisten daarom in andere landen investeerden. Er is echter sinds lang aangetoond dat niet om economische redenen tot afschaffing van de slavernij is besloten. Ten tijde van de afschaffing was de suikerimport uit Brits West-Indië belangrijker dan ooit. De plantages waren niet in verval, maar net op hun economisch hoogtepunt. De opheffing kwam er onder druk van de publieke opinie en de ethische campagnes van antislavernijverenigingen.

De afschaffing, waartoe de Europeanen in de 19de eeuw eenzijdig hebben besloten, had geen betrekking op de Arabisch-islamitische slavenhandel. Vanuit Libië en Zanzibar bleven militair georganiseerde razzia’s hele regio’s van zuidelijk Afrika verwoesten. Aan de vooravond van de kolonisatie, in Centraal- en Oost-Afrika, waren de moslim-slavennetwerken zelfs in volle expansie. Totdat de kolonisering er een einde aan maakte.’

Wat met Leopold II en de slavernij? Bevorderde hij ze, zoals sommigen stellen, of bevocht hij ze, zoals anderen beweren? 

‘Een donkere periode in de geschiedenis van de Belgische kolonisering… Joseph Conrad stelde de uitbuiting en dwangarbeid in 1899 aan de kaak in zijn Heart of Darkness. Maar dat heeft niet lang geduurd. Vanaf 1908 keerde Congo terug naar de rechtsstaat en werd alles ingezet op ontwikkeling. Daarom is de spijtbetuiging van de huidige Belgische koning niet alleen betreurenswaardig, maar ook een belediging voor een aantal bewonderenswaardige historische figuren.

Toen Congo-Vrijstaat internationaal werd erkend in 1885, ontvolkten Zanzibar-slavenhandelaren het hele oostelijke deel van Congo. In deze immense regio leidden, van 1890 tot 1896, dappere militairen op gevaar voor eigen leven een drastische antislavernijoperatie. In plaats van ongerechtvaardigde verontschuldigingen, had de Belgische koning de nagedachtenis van deze mannen moeten eren.

Onder hen de kapiteins Francis Dhanis, Oscar Michaux, Willem Frans van Kerckhoven, Pierre Ponthier, Alphonse Jacques, Cyriaque Gillain, Nicolas Tobback en vele anderen. Arthur Hodister werd onthoofd en opgegeten, luitenant Joseph Lippens en sergeant Henri De Bruyne, gemarteld en afgeslacht bij hun pogingen de ongelukkige zwarten te redden uit de handen van de islamitische slavenhandelaren. Van de laatste twee hebben ze eerst handen en voeten afgehakt. Wordt hun standbeeld in Blankenberge verwijderd, hun straatnamen in Anderlecht en Borgerhout uitgewist? Zonder de koloniale verovering zouden miljoenen zwarten de slavenmarkten van Zanzibar, Caïro en Oman zijn blijven bevolken.’

 

* Bernard Lugan, Esclavage : l’histoire à l’endroit, 2020. 196 blz., vele landkaarten en illustraties in kleur.

Bestellingen uitsluitend via bernardlugan.blogspot.com/2020/08/nouveau-livre-de-bernard-lugan.html

Prijs, verzending naar België inbegrepen: € 36,-

Prof. Lugan is de auteur van nog 30 andere boeken over Afrika. Zie www.bernard-lugan.com

Luc Pauwels

Luc Pauwels (1940) is historicus, gewezen bedrijfsleider en stichtte het tijdschrift 'TeKoS'.