fbpx


Communautair, Vlaamse Beweging
denktank
P

Afscheid van Vlaamse denktank Pro Vives     




Afscheidsrede bij de beslissing tot ontbinding van de vzw Pro Vives, gehouden te Leuven in de Faculty Club op dinsdag 17 december 2019. Beste vrienden van Pro Vives! Het stichtingsjaar 2008 van Pro Vives en Vives was politiek gezien een zot jaar, veel zotter nog dan het huidige jaar 2019 waarin we Pro Vives (maar niet Vives!) ontbinden. Er is één groot verschil: 2008 barstte van de belgicistische reactionaire reacties tegen de Vlaamse grondstroom. Laten we even deze context schetsen…

Premium Artikel

Dit artikel is een premium-artikel dat alleen leesbaar is voor Doorbraak-lezers die ingelogd zijn op doorbraak.be. Registreren is gratis en geeft toegang tot alle premium artikels. Het is mogelijk dat u al de nieuwsbrief ontvangt of dat u al een steuner bent bij Doorbraak, maar dat u nog geen inlogaccount (met wachtwoord) heeft aangemaakt. Als u via sociale media inlogt of hieronder een nieuwe account aanmaakt, dan wordt die account automatisch aangemaakt en aan uw nieuwsbrief gekoppeld.

Al geregistreerd bij Doorbraak of bij een sociaal netwerk? Log dan hieronder in op Doorbraak.be







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Afscheidsrede bij de beslissing tot ontbinding van de vzw Pro Vives, gehouden te Leuven in de Faculty Club op dinsdag 17 december 2019.

Beste vrienden van Pro Vives!

Het stichtingsjaar 2008 van Pro Vives en Vives was politiek gezien een zot jaar, veel zotter nog dan het huidige jaar 2019 waarin we Pro Vives (maar niet Vives!) ontbinden. Er is één groot verschil: 2008 barstte van de belgicistische reactionaire reacties tegen de Vlaamse grondstroom. Laten we even deze context schetsen – ik haal de feiten uit het Gravensteenboek Land op de tweesprong waar ik tussen de manifesten en essays door ook enkele ‘annalen’ heb geplaatst.

Het zotte jaar 2008: een opsomming

De hele staat België leefde toen nog volop in de herinnering aan die fameuze tv-canular van de RTBf, Bye Bye Belgium(2006), die vooral de Franstaligen in een toestand van politieke sideratie bracht. Toen Guy Verhofstadt een ‘institutionele hervormingsnota’ moest schrijven werd die door de Franstalige pers afgedaan als ‘une soupe flamande’. In januari 2008 stelde Elio di Rupo een talentelling in de Vlaamse Rand voor. In februari 2008 werd de idee van Wallo-Brux gemeengoed, officieel La Fédération Wallonie-Bruxelles. Leterme vond nog eens het warm water van het ‘samenwerkingsfederalisme’ uit. De idee van een federale kieskring (in 2007 publiek gemaakt door de Paviagroep met Philippe Van Parijs) werd in 2008 gezien als een van de unificerende middelen om het dreigende centrifugale confederalisme te bestrijden. In maart 2008 ontketende de Franstalige pers een ongeziene fasciseringscampagne tegen Bart De Wever. In juli 2008 verzon Vlaams minister-president Kris Peeters (bevoegd voor institutionele hervormingen) een gevorderde ‘dialoog van gemeenschap tot gemeenschap’.

Het was ook de tijd van elkaar op korte termijn opvolgende belgicistisch-reactionaire straatinitiatieven, meestal georganiseerd door dekmantelstichtingen van de vakbonden: Red de Solidariteit, Not In Our Name, Shame en Belgavox. Al deze initiatieven zouden later, met dezelfde leden en stichters, gebundeld worden in Hart boven Hard, dat nu zelf op apegapen ligt.

Twee Vlaamse burgerinitiatieven

Maar in datzelfde jaar ontstonden er ook twee Vlaamse burgerinitiatieven. Omdat ze vanuit verschillende bekommernissen gegroeid waren, en ook omdat hun werking en hun doelstellingen uiteenliepen, vulden ze elkaar goed aan. Vaak berichtte de pers niet over het initiatief zelf, maar alleen over het belgicistische ‘verzet’ ertegen.

Het gaat om de Gravensteengroep en Pro Vives, twee sociologisch verschillende emanaties van de Vlaamse Beweging. Allebei als vzw nu opgeheven, de ene omdat de feiten haar achterhaald hadden, de tweede (Vives) omdat ze haar taak als afgesloten mag beschouwen wegens doel bereikt.

De Gravensteengroep

Het eerste manifest van de Gravensteengroep, over politieke solidariteit en territorialiteit, verscheen in De Standaard en Le Soir op 22 en 23 februari 2008. De termen politieke solidariteit (op België toegepast) en territorialiteit (op Vlaanderen toegepast) waren voldoende om de Vlaamse en de francofone belgicisten op stang te jagen. Het ging om een pluralistische groep, die Vlamingen van links, rechts en het midden verenigde. Hij was ontstaan uit hun gezamenlijke verontwaardiging over het impliciete Berufsverbot dat over vele flaminganten in heel wat media en in de brede kunst- en cultuurwereld hing– niet het minst bij de ‘schrijfbroeders’. De uiteindelijke doelstelling bestond erin, het publiek ervan te overtuigen dat Vlaamsgezindheid de tegenstelling tussen links en rechts overstijgt.

Na verschijnen van het eerste manifest in 2008 was de eerste reactie van Marc Reynebeau op de VRT ronduit vijandig: terwijl wij juist het separatisme wilden vermijden door van België een leefbare unie van Vlamingen en francofonen te maken, ging het volgens hem juist wel om een ‘separatistisch’ manifest, dat niet paste in het ‘project België’.

Na 2012 voelde de groep aan dat hij de zaken die gezegd moesten worden, had gezegd en gepubliceerd. In de nieuwe constellatie met een predominante N-VA was een groot deel van de Vlaamse Beweging verlamd geraakt, ook al omdat de macht die de politieke Vlaamse beweging in de vorm van de N-VA uitstraalde, een ongeziene oppositie opriep tegen de persoon van Bart De Wever.

Toen in 2014 de N-VA in ruil voor federale macht de communautaire zaak in de diepvries stopte, bleef er weinig anders over dan af te wachten of deze strategie wat zou opbrengen. Dat was ook het moment dat de groep overbodig werd; na een tijd werd de vzw dan ook ontbonden. Een blijvende getuige van de werking is het fraai vormgegeven Gravensteenboek Land op de tweesprong – Manifesten ter ontgrendeling van Vlaanderen (Pelckmans 2012), met essays, manifesten en jaaroverzichten.

Pro Vives – en anti-Vives

Remi Vermeiren nam het initiatief tot Pro Vives en Vives omdat hij de noodzaak inzag van wetenschappelijk onderzoek naar regionale economieën, met nadruk op de Vlaamse economie. Meer specifiek was dan de bedoeling om via een convenant aan de KU Leuven een sub-departement voor regionale economie op te richten, Vives genaamd, dat door Pro Vives financieel zou gesteund worden. Dat dit effectief ook zo gebeurde, wekte binnen de universiteit en meer bepaald binnen de Faculteit Economie ergernis en woede.

Deze negatieve gevoelens werden nog aangescherpt toen ook de pers kennis kon nemen van de oprichtingsakte van de vzw Pro Vives. In zijn missie-omschrijving stelde de vzw zich immers twee doelstellingen. De eerste was ‘optimale bevoegdheidsautonomie’. ‘Optimaal’ betekent hier ‘zo goed mogelijk, rekening houdend met omstandigheden’. Hier werd dus zeker geen absolute of ideologische onafhankelijkheidseis gesteld. De tweede doelstelling luidde: ‘uitbreiding en vervollediging van de bevoegdheden van Vlaanderen’. Uitbreiding kon dan niets anders betekenen dan ‘meer’; vervollediging kon op niets anders slaan dan op de al zo lang gevraagde homogene bevoegdheidspakketten. Dit paste niet in het ‘project België’; bevoegdheden zijn er in la Belgique immers om verklonterd en verkabbeld te worden – elke puur afgelijnde Vlaamse bevoegdheid is voor de Franstaligen een voorbode van de totale splitsing. Hoe vaag deze omschrijvingen ook waren, elke observator had al snel door dat dit alles in de lijn lag van het Warandemanifest van 2005, ook al een initiatief van Remi Vermeiren. Dus studies organiseren die de opportuniteit van regionale economie en optimale bevoegdheidsautonomie willen aantonen: dàt moest bestreden worden.

Veto tegen Vives

De spits werd afgebeten door het ‘onafhankelijk studentenblad’ Veto van de KU Leuven, met een artikel dat duidelijk geïnspireerd was door linkserige professoren van de Faculteit Economie zelf. Ik heb de mail nog die een ingewijde ons stuurde, waarin hij ons aanmaande om die aanval aan ons te laten voorbijgaan, omdat achterbaksheid in academische kringen nu eenmaal de geplogenheid was.

Wanted – Dead or Alive

De tweede aanval kwam er pas na twee volle jaren, toen er uit de Vives-stal al heel wat studies verschenen waren. In de weekendeditie van 11 september 2010 van De Morgen verscheen een volle bladzijde, opgesierd door fotootjes op postzegelformaat die voornamelijk gebruikt worden als het erom gaat bendeleden van een misdadig bedrijf visueel en collectief in kaart te brengen.

We waren met zijn twintigen.

Je had bendeleiders zoals Remi Vermeiren en Chris Morel; er waren verdachte beroepen bij zoals financiers, bankiers, advocaten en ondernemers, maar ook zowaar professoren en, godbetert, drie journalisten.

Bij elk van die fotootjes stond vermeld wat de betrokkene recentelijk had misdaan. Jürgen Constandt had zélf de sociale zekerheid willen splitsen; Eric Defoort had de Oranjehofgroep gestuurd (en zo mee het onheil veroorzaakt dat in de vorm van N-VA boven het land hing); Herman Daems had ooit een ‘Splits B-H-V’-shirt gedragen; Herman De Bode had spontaan gesolliciteerd bij N-VA; Theo Peeters had het woord consumptiefederalisme bedacht; de eminente Herman Van Der Wee was voorzitter van een kunstkring rond een lokale schilder die ooit bevriend was geweest met Felix Timmermans; en ikzelf had, ‘vrij openlijk met N-VA heulend’, op Klara zowaar interviews gebracht met Luc Van Den Brande en met Matthias Storme. Daarenboven waren Eric Defoort en ikzelf de enigen die tot de stichtende leden van zowel de Gravensteengroep als Pro Vives behoorden – maar dat was de onderzoeksjournalist ontgaan.

Rond die dood-of-levend-omschrijvingen stond een artikel van onderzoeksjournalist Douglas De Coninck, in feite een plagiaatstukje uit dat allereerste Veto-artikel, aangevuld met een telefonisch interview met prof. Erik Buyst, die zich slim op de vlakte hield. In zijn aanloop schreef Douglas dat Vives ergens zou gesteld hebben dat ‘Walen luie profiteurs zijn’. Tot zover dan wat betreft het niveau van zijn onderzoeksjournalistiek.

Het lijkt wel alsof er in het voorbije decennium eonen van politieke ontwikkeling zijn voorbijgegaan. Vandaag is het toch ondenkbaar dat de stichting van iets zoals Vives schandaal zou verwekken? Anderzijds zou men kunnen argumenteren dat de universiteiten in het algemeen, en de KU Leuven in het bijzonder, op diezelfde tien jaar tijd steeds meer politiek-gecorrectiseerd zijn en dat zoiets als de stichting van een vzw Vives vandaag niet eens kans zou maken.

Juan Luis Vives (1493-1540)

Ook typerend is hoe buitenstaanders de naamgeving van de vzw naar de Spaans-Vlaamse humanist Juan Luis Vives hebben ingeschat. Enkele dagen na het stuk van Douglas De Coninck verschenen daarover twee lezersbrieven in De Morgen. Volgens PVDA-man (‘Amadees’) Lucas Catherine was deze Vives een soort etnocentrische protoflamingant en daarenboven een islamofoob die keizer Karel V de raad gaf om de Turken aan te vallen. Maar volgens Philippe Van Parijs was Vives nu juist een humanist die tegen elke etnische opdeling van de solidariteit was… Omdat Van Parijs de vzw Vives niet graag zag komen, gaf hij Remi Vermeiren venijnig de raad mee om een citaat van Juan Luis Vives ter harte te nemen, waarin deze zegt dat christelijke solidariteit niet mag stoppen bij de grenzen van een regio zoals Vlaanderen. Het is duidelijk dat volgens Philippe christelijke solidariteit alleen mogelijk is als ze gebaseerd wordt op geheel-Belgische economische studiën…

Padafhankelijkheid

Ondertussen zijn we tien jaar verder, en ontbinden we nu de vzw Pro Vives. De belangrijkste reden is dat Vives zich geconsolideerd heeft, internationale erkenning heeft gevonden, doctorandi uit de hele wereld een wetenschappelijk dak biedt en na tien jaar geldelijke steun nu helemaal op eigen benen kan staan.

Met die groepen en vzw’s gaat het zoals met literaire en wetenschappelijke tijdschriften. Ze leiden een organisch leven, met een ontstaan, een genese, een groei, met volwassenwording, veroudering en einde.

Maar ze hebben een werking en een doorwerking gehad. Laat me dit duidelijk maken aan de hand van het verschil tussen OVT (Onvoltooid Verleden Tijd) en VTT (Voltooid Tegenwoordige Tijd). Als we deze tijdelijke verenigingen ten slotte ontbinden, kunnen we er weliswaar over spreken in de VVT. Pro Vives was, kwam, steunde, stimuleerde, organiseerde. Dan plaatsen we deze vzw in de afgelopen geschiedenis. Maar we kunnen onze werkwoorden ook anders draaien, in de VTT: dan is Pro Vives er gekomen, dan heeft Pro Vives gesteund, georganiseerd en gestimuleerd. Dan is er doorwerking. Dan heeft de groep functies gehad die vandaag nog doorwerken.

Altijd is er namelijk die padafhankelijkheid van de vorige paden die we bij twee-, drie- en zelfs vijfsprongen ingeslagen zijn.

Natuurlijk loopt er een lijn – een padafhankelijke lijn – van het Warandemanifest van 2005 en de ontwerpers en ondertekenaars ervan, naar Pro Vives en Vives, zeker in de persoon van de strenge toejager Remi Vermeiren. Maar wij weten niet alleen dat we afhankelijk zijn van het al ingeslagen pad, maar ook dat de paden die we bij volgende drie- en vijfsprongen nog zullen inslaan, afhankelijk zijn van de weg waarop we nu lopen.

Deze weg is bezaaid met Vives-rapporten, Vives discussiepapers, Vives briefings en Vives beleidspapers.  En met ons mee lopen de sterkhouders die de meest leesbare papers schragen, mensen zoals Joep Konings, Erik Buyst, Bart Maddens of Geert Jennes. Zonder Vives had deze concentratie van talent zeker niet plaatsgegrepen.

Dat er trouwens vooruitgang en continuïteit in de Vlaamse Beweging zit, dat is sinds 1830 van alle tijden. Er is weliswaar overal en altijd contingentie (overal en altijd kan er iets gebeuren dat dingen in onverwachte beweging of versnelling zet), maar toch is er een klaarblijkelijke grondstroom die zal blijven bestaan tot het doel bereikt is.

De onmogelijke opdracht

Vijf jaar geleden moet Remi Vermeiren ook al gemerkt hebben dat VIVES zijn eigen wetenschappelijke gang ging die niet altijd door de leken in het economische vak kon gevolgd worden. Hij broedde op een ander vehikel waarmee hij zijn opvattingen over de laatste ontwikkelingen kenbaar kon maken. Hij schreef een boek, dat oorspronkelijk een Tweede Warandemanifest zou worden. Maar de naam ‘Warande’ was toen al meer dan bezet, de talenten die zouden kunnen meedoen waren allemaal opgesoupeerd door de N-VA moloch, en hij schreef het boek dan maar alleen. Het moet ontstaan zijn vanuit zijn inschatting van wat er na vijf jaar Vives-rapporten nog niet was gezegd.

En dat zou hij nu wel zeggen in zijn boek, met een titel die perfect uitdrukt wat hij met Vives had willen doen maar wat Vives wetenschappelijk gezien niet kon zeggen. Zijn titel moest de inhoud van het boek perfect weerspiegelen. Het werd dus een complexe titel, een staaltje van zijn analytische geest. De boekenmannen raadden het hem af, maar met zijn beruchte koppigheid zette hij toch door, en maar goed ook, want ik raad iedereen hier aanwezig aan om op basis van deze titel zijn of haar gedachten eens uit te schrijven, en ze daarna eens te vergelijken met wat in dit boek staat: België: de onmogelijke opdracht. Vlaamse onafhankelijkheid: recht, behoefte en noodzaak.

Envoi

Toen ik tien jaar geleden mijn medeondertekenaars voor het eerst samen zag, begon ik die twintig man-en-een-vrouw volgens allerlei criteria op- en in te delen. Voltijds Vlaamse bewegers en flexi Vlaamse bewegers; professoren en burgers; ondernemers en commentatoren: publieke figuren en werkers in het verdokene. Telkens kwamen er anders samengestelde groepjes tevoorschijn, in telkens weer andere Venn-diagrammetjes.

Maar de sterkste indeling vind ik nog altijd die tussen de gemonetariseerden en de getekstualiseerden. Het is nu eenmaal zo: de meerderheid van deze boevengroep heeft professioneel met geld en economie te maken. Een kleine minderheid is professioneel met tekst en politicologie bezig.

Ik weet maar al te goed dat ook financiers en bankiers kunnen schrijven, en dat journalisten op hun geld moeten passen; maar er is één man onder ons die beide eigenschappen eminent combineert en zonder wie we noch toen noch vandaag bijeen zouden zijn gekomen: de zowel getekstualiseerde als gemonetariseerde Remi.

Alhoewel we hier gekomen zijn om een vzw te ontbinden, is het onmogelijk om zijn verdiensten in factoren te ontbinden.

En wat we al helemaal niet kunnen ontbinden is de band die ons verenigt, vrienden, bekenden zowel als kennissen: namelijk de Vlaamse zaak.

Bedankt Remi, dat je die band hebt verstevigd.

 

Lees ook Jean-Pierre Rondas’ stuk over de noodzaak aan een flaminganten denktank.

Meer weten over de Gravensteengroep? U kan nu een door samensteller Jean-Pierre Rondas gesigneerd exemplaar van het fameuze Gravensteenboek Land op de tweesprong bestellen via de Doorbraak webwinkel.

 

Jean-Pierre Rondas

De auteur is voorzitter van Stem in 't Kapittel vzw, de uitgever van Doorbraak