JavaScript is required for this website to work.
post

Roald Dahl en de ‘Rondkoppen’

ColumnBenno Barnard4/3/2023Leestijd 3 minuten
Roald Dahl signeert boeken in Amsterdam in 1988. De kinderen lijken er graag bij
te zijn, ondanks woorden als ‘dik’ of ‘lelijk’ in de boeken.

Roald Dahl signeert boeken in Amsterdam in 1988. De kinderen lijken er graag bij te zijn, ondanks woorden als ‘dik’ of ‘lelijk’ in de boeken.

foto © Nationaal Archief

De ‘Rondkoppen’ waren de puriteinen die de Engelse burgeroorlog zouden winnen onder leiding van Cromwell. Hun vreugdeloze afstammelingen hebben een nieuw slachtoffer gevonden.

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

Wij worden omringd door puriteins gespuis: nu is ook uitgeverij Puffin voor de erfgenamen van Cromwell door de knieën gegaan. Ik verklaar mij nader.

Toen ik lang geleden samen met mijn vader het stadje Ely bezocht, passeerden we het huis van Oliver Cromwell, de leider van de Rondkoppen, de puriteinen die de Engelse burgeroorlog zouden winnen en de eerste koning Karel onthoofden. Cromwell, die als leider van de kortstondige Engelse republiek de titel Lord Protector droeg, verbood muziek in dezelfde kathedraal die wij een half uur eerder bewonderd hadden. Mijn vader verafschuwde Cromwell en het puritanisme diep – het was in zijn ogen geen toeval dat Stalin die fanaticus bewonderde. Hij noemde hem Lord Hooligan.

Die schoft

We stonden voor dat museum en mijn beminde verwekker weigerde een voet over de drempel te zetten: ‘Ik ga niet op de thee bij die schoft.’ In plaats daarvan bezochten we het stadsmuseum. Daar ontspon zich een opmerkelijk tafereel: de stadsgids bleek van Rondkoppen af te stammen en mijn vader en hij ruzieden beschaafd doch bits. ‘Sir!’ riep mijn vader ten slotte uit, ‘We are Royalists!’ Alleen in Engeland kun je nog actuele bonje hebben over een politiek conflict van meer dan drie eeuwen geleden.

Ik vertel u deze anekdote om te verduidelijken dat het hedendaagse puritanisme, die verstikking van de levensvreugde, die schaamteloze aanval op de vrijheid van de pen, niet toevallig in de Verenigde Staten is begonnen: dat land is door Engelse puriteinen gesticht. Als het van de puriteinen afhing, begon mijn eerste zin zo: ‘Wij worden omringd door social warriors van alle geslachten.’

Stout

Het recentste slachtoffer van de Rondkoppen heet Roald Dahl. U hebt in de krant kunnen lezen dat dikke kinderen in zijn boeken niet meer dik zijn en dat heksen een pruik dragen die andere vrouwen om medische redenen op hun hoofd zetten. Alsof een ietwat intelligent kind dat zelf niet begrijpt. En domme kinderen lezen toch geen boeken. Met dom bedoel ik: intellectueel anders georiënteerd. Mijn moeder droeg tegen het einde van haar leven een pruik en zou de Rondkoppen in hun smoel hebben uitgelachen.

Ik herinner me dat ik The Twits van Dahl voorlas aan mijn zoon Christopher (die tweetalig is dankzij zijn Amerikaanse moeder). Hij was zeven en vond de licht gestoorde meneer Griezel, die etensresten in zijn baard bewaarde, geweldig grappig. Een volwassene als een twit afschilderen (wat overigens Sufkop en niet Griezel betekent) was namelijk stout. Dahl was stout. Het belangrijkste literaire kenmerk van Dahls werk is dan ook het niet-correcte karakter ervan. Nu is dat dus weggesneden: Dahl is een eunuch geworden, een schrijver zonder ballen.

Zouteloze boeken

Ik verdedig Dahl niet omdat ik hem zo’n goeie schrijver vind – ik vind hem nogal middelmatig. Maar dat is het punt niet. Net als Salman Rushdie en zoveel andere collega’s vrees ik dat kinderen straks niet alleen zouteloze boeken te lezen krijgen, maar dat er ook allerlei onzin in die hoofdjes wordt gepropt. Want dit moralistische geknoei zou op den duur ook kunnen betekenen dat de zedenmeesters – aangesteld als overgevoeligheidslezers – straks een ideologische agenda door de pap roeren, zodat de toekomstige zevenjarige bijvoorbeeld leert dat onze voorouders allemaal smeerlappen waren. Of dat het slecht is te denken dat het vraagteken tussen je benen betekent dat je misschien wel een jongetje bent. (Als u meent dat ik rechts of transfoob ben, leest u mij echt verkeerd).

God sta ons bij

Van God gesproken: metafysisch toeval wil dat een paar weken geleden de anglicaanse kerk een zoveelste commisie heeft aangesteld, die zich zal buigen over de vraag wat Gods pronomina eigenlijk zijn. Kunnen we Hem ook Haar noemen? Iets dergelijks.
In het hoofd van de aartsbisschop van Canterbury is dus dezelfde heilloze flauwekul gevaren als in de kop van de directeur van Puffin. De uitgeverij en de rechthebbenden willen meer geld verdienen, dat is de ware reden van hun aanval op het erfgoed van Roald Dahl. De aartsbisschop van Canterbury wordt gemotiveerd door een andere dwaling: die denkt zowaar dat hij volk de kerk in kan lokken met de ontgendering Gods.

God is een personage in een kleine bibliotheek van zesenzestig kinderboeken voor volwassenen. Je kunt in Hem geloven of niet, dat verandert niets aan de verhalen in die bibliotheek. In die verhalen is hij een vader; analoog daaraan is Maria een moeder en Jezus een zoon (die in een nieuw-samengesteld gezin opgroeit). Alleen Rondkoppen snappen dat niet. Waarschijnlijk omdat ze een universitaire opleiding in een of andere menswetenschap hebben genoten, een betere verklaring kan ik zo gauw niet bedenken.

Benno Barnard is een schrijver die meent dat het heden gewoonlijk ongelijk heeft.

Meer van Benno Barnard

In Zwitserland kletsen we in lucide dronkenschap over de uitgestorven mens, naar wiens beeld en gelijkenis AI geschapen is. En we bestellen nog een fles.

Commentaren en reacties